Compendium voor de Leefomgeving
617 feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte
Klimaatverandering

Meteorologische gegevens, 1990-2007

U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt u via deze link bekijken.

Nederland heeft een zeeklimaat, gekenmerkt door zachte winters, koele zomers en neerslag gedurende het gehele jaar. Gemiddeld wordt het weer zachter en natter. De gemiddelde temperatuur in de Bilt was de laatste twintig jaar circa 1 oC hoger dan aan het begin van de 20e eeuw. Het jaar 2006 en 2007 waren met een gemiddelde temperatuur van 11,2 het warmste jaren sinds het begin van de regelmatige waarnemingen.

  Eenheid 1971/2000 1990 1995 2000 2006 2007
               
Dagen met neerslag met >= 1,0 mm dagen 131 124 125 158 124 134
Sneeuwdagen dagen 25 15 40 12 17 8
Droge dagen dagen 109 127 131 91 140 132
Zonloze dagen dagen 76 66 43 55 31 48
Dagen met mist dagen 65 46 58 45 48 102
               
Zonneschijn uren 1 524 1 622 1 814 1 515 1 725 1 690
Globale straling 1) kJ/cm2 347 366 366 338 369 361
Neerslag mm 827 764 798 975 867 1 033
Verdamping mm 543 583 590 541 601 581
Relatieve vochtigheid % 82 79 83 84 81 82
               
IJsdagen (max. temp <0,0oC) dagen 8 0 12 2 2 2
Vorstdagen (min. temp <0,0oC) dagen 58 33 61 35 60 35
Zomerse dagen (max. temp >=25,0oC) dagen 22 32 41 22 51 20
Tropische dagen (max. temp >=30,0oC) dagen 3 3 11 2 13 1
               
Gemiddelde van:              
Uurwaarnemingen (gehele jaar) oC 9,8 11,1 10,4 10,9 11,2 11,2
Winter (1 dec.-28/29 febr.) oC 3,3 6,0 5,3 5,0 2,8 5,7
Zomer (1 juni-31 aug.) oC 16,6 16,8 18,2 16,3 18,5 17,2
Gemiddelde van dagelijkse minima in oC 0,4 3,2 2,3 2,1 0,2 3,0
de winter (1 dec.-28/29 febr.)              
Gemiddelde van dagelijkse maxima in oC 21,4 21,9 23,4 21,1 23,7 21,7
de zomer (1 juni-31 aug.)              
Aantal graaddagen 2) graden 3 075 2 677 2 916 2 659 2 671 2 525
               
Bron: KNMI (2003, 2007). CBS/MNC/feb08/0004
N.B. Alle gegevens hebben betrekking op De Bilt.
1) De op het aardoppervlak invallende zonnestraling.
2) De som van het aantal graden beneden de stookgrens (=18oC), uitgaande van de gemiddelde dagtemperatuur in De Bilt (zie ook de technische toelichting).

Het klimaat en het weer in Nederland

Nederland heeft een zeeklimaat, gekenmerkt door zachte winters, koele zomers en neerslag gedurende het gehele jaar. Dit wordt veroorzaakt door de gemiddelde luchtverplaatsing die voornamelijk uit het zuidwesten is.

Invloed van het klimaat en het weer op het milieu

Weersomstandigheden hebben directe gevolgen voor milieu en natuur. Hierbij valt te denken aan het trekgedrag van vogels en vorming van smog. Aan de andere kant heeft het milieu invloed op het weer. De toename van de concentratie broeikasgassen in de atmosfeer zal tot een verandering van het klimaat leiden.

Ontwikkelingen temperatuur en neerslag

De gemiddelde temperatuur in De Bilt was de laatste twintig jaar circa 1 oC hoger dan een het begin van de 20e eeuw. Wereldwijd was deze toename rond de 0,6 oC. De hoeveelheid neerslag per jaar is in de afgelopen eeuw toegenomen, voornamelijk in de periode oktober-maart. Met uitzondering van het droge jaar 2003, waren de afgelopen jaren erg nat. Door deze veranderende weersomstandigheden is het groeiseizoen, dagen met een gemiddelde temperatuur boven de 5 oC, in de afgelopen vijftien jaar drie weken langer dan in de periode 1961-1990. Door de stijging van de temperatuur op aarde is de zeespiegel voor de Nederlandse kust de afgelopen 100 jaar met circa 19 cm gestegen.


Van de zestien warmste jaren sinds 1900 zijn alle jaren van 1988 of later. De jaren 2006 en 2007 waren het warmste sinds de regematige waarnemingen (sinds 1706), de derde warmste zomer sinds 1901 (na 1947 en 2003) en veruit de wamste herfst sinds 1706. De winter van 2007 was de warmste sinds 1901.

Referenties

  • KNMI (2003). Klimaatatlas van Nederland, normaalperiode 1971-2000. Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut, De Bilt.
  • KNMI (2007a). Maandoverzicht van het weer in Nederland. Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut, De Bilt.
  • KNMI (2007b). Maandoverzicht neerslag en verdamping in Nederland. Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut, De Bilt.

Relevante informatie

Technische toelichting

Naam van het gegeven

Meteorologische gegevens

Omschrijving

Gegevens over het weer in Nederland en de gemiddelde waarden (normalen) voor de periode 1971-2000 van het hoofdstation De Bilt

Verantwoordelijk instituut

Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut (KNMI te De Bilt)

Berekeningswijze

Met uitzondering van de neerslag worden dagelijks metingen gedaan van 0-0 uur Universal Time (12 uur UT=13 uur Midden Europese Tijd). De hoeveelheid neerslag wordt dagelijks bepaald van 8-8 uur. De cijfers zijn afkomstig uit het Maandoverzicht neerslag en verdamping van het KNMI.
Temperatuur: dagelijks uurlijkse waarnemingen (in graden celcius).Neerslag: elektrische pluviograaf met registratie op afstand (in mm).Globale straling: de som van de directe en diffuse zonestralingop een horizontaal vlak (in joules/cm2). De straling is vooral afhankelijk van zonshoogte en de hoeveelheid bewolking.Zonneschijn: volgens een algoritme berekend uit de globale straling (in uren).Verdamping: bepaald uit gegevens van globale straling en luchttemperatuur(berekeningswijze volgens Makkink) (in mm)Relatieve vochtigheid: gemeten op 1,5 m hoogte boven de grond (in %; bij 100% is de lucht met waterdamp verzadigd)Seizoenen:meteorologische seizoenen worden in hele maanden genomen: winter = dec-feb; lente = mrt-mei; zomer = jun-aug; herfst = sep-nov.Graaddagen: de maat voor het aantal dagen dat ruimtes voor wonen en werken worden verwarmd. Deze gegevens worden gebruikt voor de berekening van temperatuurgecorrigeerde emissies van kooldioxide; zie ook CO2-emissies verklaard, 1990-2015.

Basistabel

Maandoverzicht van het weer in Nederland (KNMI).Maandoverzicht van neerslag en verdamping in Nederland (KNMI)

Geografisch verdeling

Nederland, 5 hoofdstations (De Kooy, Eelde, De Bilt, Vlissingen, Maastricht), 32 klimatologische stations en ca. 300 neerslagstations.

Andere variabelen

Maximum temperatuur, minimum temperatuur, grootste dagsom neerslag, dampdruk, luchtdruk, dagen met onweer, gemiddelde windsnelheid, windrichtingsfrequentie, bodemtemperatuur.

Verschijningsfrequentie

Maandelijks en een jaaroverzicht

Achtergrondliteratuur

Zie http://www.knmi.nl/.

Betrouwbaarheidscodering

A (metingen)

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, Wageningen UR (2008). Meteorologische gegevens, 1990-2007 (indicator 0004, versie 09 , 31 januari 2008 ). www.compendiumvoordeleefomgeving.nl. CBS, Den Haag; Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag/Bilthoven en Wageningen UR, Wageningen.

Print pagina Download PDF
CLO.nl is een samenwerkingsverband van PBL, CBS en Wageningen UR.