Compendium voor de Leefomgeving
617 feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte
Klimaatverandering

Meteorologische gegevens, 1990-2008

U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt u via deze link bekijken.

De gemiddelde temperatuur in de Bilt was de laatste twintig jaar circa 1 oC hoger dan aan het begin van de 20e eeuw. Ook 2008 was warm en daarmee het twaalfde warme jaar op rij. Het jaar was zeer zonnig en aan de natte kant.

  Eenheid 1971/2000 1990 1995 2000 2007 2008
               
Dagen met neerslag met >= 1,0 mm dagen 131 124 125 158 134 132
Sneeuwdagen dagen 25 15 40 12 8 17
Droge dagen dagen 109 127 131 91 132 125
Zonloze dagen dagen 76 66 43 55 48 46
Dagen met mist dagen 65 46 58 45 102 95
               
Zonneschijn uren 1 524 1 622 1 814 1 515 1 690 1 735
Globale straling 1) kJ/cm2 347 366 366 338 361 363
Neerslag mm 827 764 798 975 1 033 943
Verdamping mm 543 583 590 541 581 576
Relatieve vochtigheid % 82 79 83 84 82 81
               
IJsdagen (max. temp <0,0oC) dagen 8 0 12 2 2 3
Vorstdagen (min. temp <0,0oC) dagen 58 33 61 35 35 55
Zomerse dagen (max. temp >=25,0oC) dagen 22 32 41 22 20 26
Tropische dagen (max. temp >=30,0oC) dagen 3 3 11 2 1 1
               
Gemiddelde van:              
Uurwaarnemingen (gehele jaar) oC 9,8 11,1 10,4 10,9 11,2 10,6
Winter (1 dec.-28/29 febr.) oC 3,3 6,0 5,3 5,0 5,7 5,1
Zomer (1 juni-31 aug.) oC 16,6 16,8 18,2 16,3 17,2 17,3
Gemiddelde van dagelijkse minima in oC 0,4 3,2 2,3 2,1 3,0 2,0
de winter (1 dec.-28/29 febr.)              
Gemiddelde van dagelijkse maxima in oC 21,4 21,9 23,4 21,1 21,7 22,0
de zomer (1 juni-31 aug.)              
Aantal graaddagen 2) graden 3 075 2 677 2 916 2 659 2 525 2 785
               
Bron: KNMI (2003, 2008). CBS/MNC/feb09/0004
N.B. Alle gegevens hebben betrekking op De Bilt.
1) De op het aardoppervlak invallende zonnestraling.
2) De som van het aantal graden beneden de stookgrens (=18oC), uitgaande van de gemiddelde dagtemperatuur in De Bilt (zie ook de technische toelichting).

Het klimaat en het weer in Nederland

Nederland heeft een zeeklimaat, gekenmerkt door zachte winters, koele zomers en neerslag gedurende het gehele jaar. Dit wordt veroorzaakt door de gemiddelde luchtverplaatsing die voornamelijk uit het zuidwesten is.

Invloed van het klimaat en het weer op het milieu

Weersomstandigheden hebben directe gevolgen voor milieu en natuur. Hierbij valt te denken aan het trekgedrag van vogels en vorming van smog. Aan de andere kant heeft het milieu invloed op het weer. De toename van de concentratie broeikasgassen in de atmosfeer zal tot een verandering van het klimaat leiden.

Ontwikkelingen temperatuur en neerslag

De gemiddelde temperatuur in De Bilt was de laatste twintig jaar circa 1 oC hoger dan een het begin van de 20e eeuw. Wereldwijd was deze toename rond de 0,6 oC. De hoeveelheid neerslag per jaar is in de afgelopen eeuw toegenomen, voornamelijk in de periode oktober-maart. Met uitzondering van het droge jaar 2003, waren de afgelopen jaren erg nat. Door deze veranderende weersomstandigheden is het groeiseizoen, dagen met een gemiddelde temperatuur boven de 5 oC, in de afgelopen vijftien jaar drie weken langer dan in de periode 1961-1990. Door de stijging van de temperatuur op aarde is de zeespiegel voor de Nederlandse kust de afgelopen 100 jaar met circa 19 cm gestegen.

Het weer in 2008

Het jaar 2008 was zeer warm, zeer zonnig en aan de natte kant. De jaargemiddelde temperatuur is in de Bilt uitgekomen op 10,6 oC tegen een langjarig gemiddelde van 9,8 oC . Daarmee is 2008 inmiddels het twaalfde warme jaar op rij en staat het jaar op een gedeelde negende plaats in de rij van warmste jaren sinds 1901. Van de zestien warmste jaren sinds 1900 zijn alle jaren van 1988 of later. De laagste temperatuur in 2008 werd waargenomen op de vliegbasis Twente (12,5 oC); het warmst werd het in Eelde (34,3 oC). het meest zonnig was De Kooy (Texel) met 2 007 uur; Arcen in Limburg had de minste zon (1 561 uur). In Leeuwarden viel de meeste neerslag (999 mm), tegen Ell 685 mm.

Referenties

  • KNMI (2003). Klimaatatlas van Nederland, normaalperiode 1971-2000. Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut, De Bilt.
  • KNMI (2008a). Maandoverzicht van het weer in Nederland. Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut, De Bilt.
  • KNMI (2008b). Maandoverzicht neerslag en verdamping in Nederland. Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut, De Bilt.

Relevante informatie

Technische toelichting

Naam van het gegeven

Meteorologische gegevens

Omschrijving

Gegevens over het weer in Nederland en de gemiddelde waarden (normalen) voor de periode 1971-2000 van het hoofdstation De Bilt

Verantwoordelijk instituut

Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut (KNMI te De Bilt)

Berekeningswijze

Met uitzondering van de neerslag worden dagelijks metingen gedaan van 0-0 uur Universal Time (12 uur UT=13 uur Midden Europese Tijd). De hoeveelheid neerslag wordt dagelijks bepaald van 8-8 uur. De cijfers zijn afkomstig uit het Maandoverzicht neerslag en verdamping van het KNMI.
Temperatuur: dagelijks uurlijkse waarnemingen (in graden celcius).Neerslag: elektrische pluviograaf met registratie op afstand (in mm).Globale straling: de som van de directe en diffuse zonestralingop een horizontaal vlak (in joules/cm2). De straling is vooral afhankelijk van zonshoogte en de hoeveelheid bewolking.Zonneschijn: volgens een algoritme berekend uit de globale straling (in uren).Verdamping: bepaald uit gegevens van globale straling en luchttemperatuur(berekeningswijze volgens Makkink) (in mm)Relatieve vochtigheid: gemeten op 1,5 m hoogte boven de grond (in %; bij 100% is de lucht met waterdamp verzadigd)Seizoenen:meteorologische seizoenen worden in hele maanden genomen: winter = dec-feb; lente = mrt-mei; zomer = jun-aug; herfst = sep-nov.Graaddagen: de maat voor het aantal dagen dat ruimtes voor wonen en werken worden verwarmd. Deze gegevens worden gebruikt voor de berekening van temperatuurgecorrigeerde emissies van kooldioxide; zie ook CO2-emissies verklaard, 1990-2015.

Basistabel

Maandoverzicht van het weer in Nederland (KNMI).Maandoverzicht van neerslag en verdamping in Nederland (KNMI)

Geografisch verdeling

Nederland, 5 hoofdstations (De Kooy, Eelde, De Bilt, Vlissingen, Maastricht) 32 klimatologische stations en ca. 300 neerslagstations.

Andere variabelen

Maximum temperatuur, minimum temperatuur, grootste dagsom neerslag, dampdruk, luchtdruk, dagen met onweer, gemiddelde windsnelheid, windrichtingsfrequentie, bodemtemperatuur.

Verschijningsfrequentie

Maandelijks en een jaaroverzicht

Achtergrondliteratuur

Zie http://www.knmi.nl/.

Betrouwbaarheidscodering

Integrale enquete.

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, Wageningen UR (2009). Meteorologische gegevens, 1990-2008 (indicator 0004, versie 10 , 3 februari 2009 ). www.compendiumvoordeleefomgeving.nl. CBS, Den Haag; Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag/Bilthoven en Wageningen UR, Wageningen.

Print pagina Download PDF
CLO.nl is een samenwerkingsverband van PBL, CBS en Wageningen UR.