Compendium voor de Leefomgeving
617 feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte
Bodem en grondwater

Vermestende depositie, 1990-2015

De depositie van vermestende stoffen bedroeg in 2015, gemiddeld over Nederland bijna 1600 mol stikstof per ha. Hiermee is de depositie sinds 1990 met 41 procent afgenomen.

Landelijk beeld in 2015

Regionaal komen grote verschillen voor in de vermestende depositie. In de Gelderse Vallei en de Peel lopen deposities op tot 4.500 respectievelijk 4.300 mol stikstof per hectare. Dat komt door de hoge lokale ammoniakuitstoot van de intensieve veehouderij. Ammoniak (NH3) komt op geringe hoogte vrij en deponeert snel. Deze combinatie zorgt ervoor dat veel NH3 dicht bij de bron neerkomt. De hoge emissie van stikstofoxiden (NOx) in en nabij grote steden is de oorzaak van de hogere depositie in die gebieden.

De Nederlandse agrarische sector levert met ongeveer 40% verreweg de grootste bijdrage aan de vermestende depositie in Nederland. Ongeveer 60% van de depositie is afkomstig uit Nederlandse bronnen.

De gevolgen van de stikstofdepositie voor de overschrijding van de kritische niveaus zie Overschrijding kritische stikstofdepositie op natuur, 2009.

Trend

De landelijk gemiddelde stikstofdepositie, ook wel vermestende depositie genoemd, bedroeg in 1990 ruim 2700 mol stikstof per hectare. De stikstofdepositie is sindsdien geleidelijk gedaald tot het huidige niveau van bijna 1600 mol/ha). Van jaar tot jaar voorkomende variaties in meteorologische omstandigheden kunnen, bij gelijke emissies, overigens tot depositiefluctuaties in de orde van grootte van 10% leiden.

De daling in stikstofdepositie op lange termijn (1990-2015) is het gevolg van lagere emissies van zowel stikstofoxiden als van NH3

  • De emissie van stikstofoxiden in Nederland daalde sinds 1990 met 61%. Deze daling is het resultaat van maatregelen bij het verkeer (o.a. invoering katalysator), bij de industrie en in de energiesector.
  • De NH3 emissie door agrarische bronnen in Nederland is sinds 1990 met 64% gedaald. Deze emissiedaling is het gevolg van maatregelen zoals verbeterde voersamenstelling, het gebruik van emissiearme stallen, het afdekken van mestsilo's en het direct onderwerken van mest bij de aanwending.
  • In de periode 2005-2015 lijkt de totale stikstofdepositie (N-totaal) gedaald, echter deze daling is niet significant. Over deze periode is de depositie van gereduceerd stikstof niet, maar de depositie van geoxideerd stikstof wel gedaald.

    Voor meer gedetailleerde informatie over de ontwikkeling van de emissies van vermestende stoffen in Nederland zie


 
Voor informatie over de effecten van verzurende stoffen zie de indicator Vermesting en verzuring: oorzaken en effecten.

Referenties

Relevante informatie

Technische toelichting

Naam van het gegeven

Vermestende depositie

Omschrijving

Vermestende depositie in Nederland per 1 x 1 km.

Verantwoordelijk instituut

Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)

Berekeningswijze

Zie rapportage over de uitkomsten van de GCN-berekeningen. De trend is jaarlijks uitgebreid met een extra punt (jaar) welke is bepaald in het kader van de actualisatie van de grootschalige concentratie- en depositiekaarten. Deze hele reeks wordt dus niet jaarlijks geactualiseerd, waardoor er inconsistenties in de trend kunnen ontstaan. Deze inconsistenties worden deels gecompenseerd door kalibratie aan de hand van metingen.

Basistabel

Reken- en Informatiesysteem Lucht van het Centrum voor Milieumonitoring van het RIVM

Geografisch verdeling

De kaart en de trend zijn gebaseerd op de uitkomsten van de meest recente GCN-berekeningen.

Andere variabelen

Zuurdepositie

Verschijningsfrequentie

Jaarlijks

Achtergrondliteratuur

Grootschalige concentratie- en depositiekaarten Nederland. Rapportage 2016. (Velders et al., 2016; zie bij 'Referenties').

Opmerking

De rekenmethodiek is gebaseerd op de laatste wetenschappelijke inzichten. De significantie van de trend is beoordeeld met een 95% betrouwbaarheidsinterval.

Betrouwbaarheidscodering

Kaart: C (Schatting met modelberekeningen, gebaseerd op een groot aantal (accurate) metingen; de representativiteit is grotendeels gewaarborgd). Trend 1990-2014: C (Schatting met modelberekeningen, gebaseerd op een groot aantal (accurate) metingen; de representativiteit is grotendeels gewaarborgd).

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, Wageningen UR (2016). Vermestende depositie, 1990-2015 (indicator 0189, versie 15 , 20 december 2016 ). www.compendiumvoordeleefomgeving.nl. CBS, Den Haag; Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag/Bilthoven en Wageningen UR, Wageningen.

CLO.nl is een samenwerkingsverband van PBL, CBS en Wageningen UR.