Compendium voor de Leefomgeving
605 feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte
Luchtkwaliteit

Stikstofdioxide in lucht, 1990-2015

De grenswaarde voor de jaargemiddelde concentratie van stikstofdioxide van 40 µg NO2/m³ is in 2015 langs 12,5 kilometer weg overschreden. Bijna alle overschrijdingen treden op bij binnenstedelijke wegen.

Kaart NO2-concentratie in 2015

De bovenstaande figuur 'Kaart 2015' geeft de ruimtelijke verdeling weer voor 2015 van de grootschalige, jaargemiddelde NO2-concentraties zonder lokale verhogingen langs drukke verkeerswegen en straten (Grootschalige Concentratiekaarten Nederland, GCN).

De NO2-concentratie bleef in 2015 in het overgrote deel van Nederland onder de EU-norm voor het jaargemiddelde (40 µg/m3). Dit blijkt uit metingen van het Landelijk Meetnet Luchtkwaliteit (LML), GGD Amsterdam en DCMR. Op zes van de 19 verkeersbelaste meetlocaties laten de metingen in 2015 nog steeds overschrijdingen van de EU grenswaarde van 40 µg/m3 zien.

Naast de jaargemiddelde norm geldt een blootstellingsnorm waarbij uurgemiddelde piekconcentraties maximaal 18 keer per jaar boven 200 µg/m3 mogen voorkomen. Dergelijke pieken komen slechts in enkele gevallen nog voor (nergens meer dan 18). De overheid informeert de bevolking over actuele luchtkwaliteit (smog) via Teletekst (pagina 711), de www.luchtmeetnet.nl en de app 'Mijn luchtkwaliteit' (iOS, Android).

Jaargemiddelde NO2-concentratie in de periode 1992-2015

De laatste decennia dalen de NO2-concentraties (zie tweede figuur: 'Jaargemiddelde 1992-2015'). Tot 1999 was het aantal meetstations in stedelijke gebieden beperkt; beschikbare meetwaarden zijn als blauwe stippellijn weergegeven. Vanaf 1999 is het aantal meetstations in stedelijke gebieden in Nederland sterk uitgebreid en geeft de trendfiguur een robuuster beeld (solide lijn) van de NO2-concentraties.

NO2-concentraties op regionale achtergrondstations daalden in de periode 1993-2015 van 24 naar 14 µg/m³. Op stedelijke achtergrond- en verkeersbelaste stations daalden NO2-concentraties in de periode 2004-2015 significant met (gemiddeld) 0,9 ± 0,1 en 1,1 ± 0,2 µg/m³ per jaar. Dit blijkt uit de trendanalyse van Hoogerbrugge et al. (2016).

Maatregelen bij verkeer, industrie en de energiesector zorgden in de afgelopen jaren voor een daling in de NO2-concentraties. De laatste jaren is deze daling echter minder sterk en daar zijn meerdere redenen voor. Zo stijgt het aandeel stikstofdioxide in de uitlaatgassen door de gecombineerde toepassing van fijnstoffilters, oxidatiekatalysatoren en andere maatregelen. Verder is door strengere eisen aan motorvoertuigen de uitstoot weliswaar verminderd maar door een toename van het aantal gereden kilometers is het netto effect op de totale emissies kleiner.

Trend NO2-concentratie 1978 - 2015

Sinds 1978 meet het LML van het RIVM in Nederland de NO2-concentratie op meerdere locaties. De derde figuur: 'Jaargemiddelde 1978-2015' geeft de langjarige reeksen van beschikbare achtergrondstations weer. Sinds eind jaren tachtig dalen de achtergrondconcentraties gestaag in zowel regionaal als stedelijk gebied.

Bronnen van stikstofdioxide

Verkeer is een belangrijke bron van stikstofdioxide. In (drukke) straten en in de nabijheid van snelwegen zijn concentraties van stikstofdioxide (waaronder van stikstofdioxide) hoog. Industrie, raffinaderijen en de energiesector leveren ook een bijdrage aan de verhoogde concentratieniveaus. Een belangrijk deel van de stikstofdioxide wordt als stikstofoxiden uitgestoten (NOx= NO [stikstofmonoxide] + NO2 [stikstofdioxide])

Normen voor NO2-concentraties

Ter bescherming van de volksgezondheid heeft de EU een aantal grenswaarden voor NO2-concentraties vastgelegd in de Europese richtlijn voor luchtkwaliteit (EU, 2008), zie:

Beleid voor luchtverontreinigende stoffen

Voor Nederland zijn emissieplafonds voor een aantal luchtverontreinigende stoffen, de zogeheten National Emission Ceilings (NEC2010) richtlijn, vastgelegd (EU, 2001). Hierin is ook de maximale uitstoot van stikstofoxiden vast gelegd. De doelstelling was om hier in 2010 aan te voldoen. De uitstoot van stikstofoxiden (NOx) is pas in 2014 in Nederland gedaald tot onder het (NEC2010) plafond. Voor meer informatie zie:


 
Om aan de Europese grenswaarden voor de luchtkwaliteit te voldoen is in Nederland het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) opgezet.

Modelberekeningen

Naast metingen vullen modelberekeningen informatie over de luchtkwaliteit aan. Voorbeeld hiervan zijn de berekeningen in het kader van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL; zie 'Beleid'). Voor 2015 geven deze berekeningen aan dat langs circa 10 kilometer weg of straat (per rijrichting) nog overschrijding van de grenswaarde (40 µg/m3) voorkwam (Van Zanten et al, 2016).

Samen meten aan luchtkwaliteit

Naast het bestaande meetnet van het RIVM en partners, zijn in Nederland meer ontwikkelingen waarbij luchtkwaliteit wordt gemeten. Dat gebeurt steeds vaker met nieuwe sensortechnologie en door burgers. Een overzicht van deze projecten vindt u op het kennisportaal 'Samen meten aan luchtkwaliteit'.

Referenties

Relevante informatie

Technische toelichting

Naam van het gegeven

Concentratie van stikstofdioxide in lucht

Omschrijving

Concentratie van stikstofdioxide in Nederland op basis van meetgegevens van het Landelijk Meetnet Luchtkwaliteit, de GGD Amsterdam en de DCMR (LML+)

Verantwoordelijk instituut

Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)

Berekeningswijze

Jaargemiddelde concentraties berekend uit uurwaarden. Voor een geldig jaargemiddelde zijn minstens 75% van de uurwaarden nodig.

Basistabel

Gegevens Luchtkwaliteit (GELUK) van het Centrum Milieukwaliteit (MIL) van het RIVM. Met daarin gegevens van de GGD Amsterdam en de DCMR.

Geografische verdeling

1) Kaart gebaseerd op uitkomsten meest recente GCN-berekeningen. 2) Trendfiguren 1992-2015 en 1978-2015 gebaseerd op meetgegevens van LML+. Voor de trend 1992-2015 zijn voor de periode tot 1999 alle stations meegenomen met een geldig jaargemiddelde. De periode vanaf 1999 bevat stations die op minimaal 75% van de periode een geldig jaargemiddelde hadden. Voor de trend 1978-2015 zijn geldige jaargemiddelden van individuele stations gebruikt.

Andere variabelen

Het Landelijk Meetnet Luchtkwaliteit levert ook informatie over andere luchtverontreinigende stoffen als fijn stof, koolmonoxide, ozon en zwaveldioxide.

Verschijningsfrequentie

Jaarlijks

Achtergrondliteratuur

Grootschalige concentratie- en depositiekaarten Nederland. Rapportage 2016. (Velders et al., 2016; zie bij 'Referenties'). Jaaroverzicht luchtkwaliteit 2012 (Mooibroek et al., 2013; zie bij 'Referenties'). Meten waar de mensen zijn (Buijsman 2009/009; zie bij 'Referenties').

Opmerking

Voor berekening jaargemiddelde zijn verschillende berekeningswijzen mogelijk; resultaten kunnen daardoor uiteenlopen (Wesseling en Beijk, 2008). De verschillen bedragen echter niet meer dan 2 µg/m³.

Betrouwbaarheidscodering

Kaart: C (Schatting, gebaseerd op een groot aantal (accurate) metingen; de representativiteit is grotendeels gewaarborgd). Trend 1992-2015: C (Schatting, gebaseerd op een groot aantal (accurate) metingen; de representativiteit is grotendeels gewaarborgd). Trend 1978-2015: D (schatting, gebaseerd op een aantal metingen, expert judgement, een aantal relevante feiten of gepubliceerde bronnen terzake)

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, Wageningen UR (2017). Stikstofdioxide in lucht, 1990-2015 (indicator 0231, versie 14 , 21 februari 2017 ). www.compendiumvoordeleefomgeving.nl. CBS, Den Haag; Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag/Bilthoven en Wageningen UR, Wageningen.

CLO.nl is een samenwerkingsverband van PBL, CBS en Wageningen UR.