Compendium voor de Leefomgeving
613 feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte
Ecosystemen

Bruinvis langs de Nederlandse kust en in de Noordzee, 1970 - 2015

De bruinvis was eeuwenlang algemeen langs de Nederlandse kust, maar is in de loop van de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw verdwenen. Sinds de jaren negentig is de soort in de Noordzee en aan de kust weer een algemene verschijning.

Steeds meer bruinvissen in de Nederlandse Noordzee

Eeuwenlang was de bruinvis een algemene soort van de Nederlandse kustwateren. Vanaf 1940 nam het aantal echter sterk af. De soort verdween tegelijkertijd uit grote delen van de zuidelijke Noordzee. De oorzaak voor deze afname is niet bekend.
Vanaf eind jaren tachtig van de vorige eeuw neemt het aantal in de kustzone waargenomen bruinvissen sterk toe. Aanvankelijk vooral in de wintermaanden, maar tegenwoordig komen van september tot en met april duizenden bruinvissen in de kustwateren. Vanaf 2014 lijken de aantallen in de kustzone - zoals vastgesteld door zeetrektellers - weer af te nemen.
Ook verder van de kust zijn bruinvissen nu talrijk. De populatieontwikkeling van bruinvissen in de Noordzee op het Nederlands Continentaal Plat in de periode 1991-2013 vertoont een stijgende lijn (Arts, 2015; Fijn et al., 2015).
De vliegtuigtellingen laten zien dat de aantallen bruinvissen variëren van 26.000 (oktober-november 2010) tot 86.000 (maart 2011). Zowel vanaf de kust als op open zee worden jonge kalfjes waargenomen en in de zomer spoelen geregeld zwangere wijfjes en pasgeboren jongen aan, wat laat zien dat de soort in Nederlandse wateren voortplant (Geelhoed et al., 2013-2015).

Populaties verplaatsen zich richting Nederland

De gesignaleerde toename van bruinvissen langs de kust is hoogstwaarschijnlijk niet het gevolg van een gegroeide populatie, maar betreft een verschuiving van dieren vanuit de noordelijke Noordzee naar het zuiden. De verplaatsing hangt wellicht samen met een verminderd aanbod van zandspiering in de noordelijke Noordzee. Of de voedselsituatie in de zuidelijke Noordzee is verbeterd, is echter onbekend. Analyse van de maaginhouden van bruinvissen aangespoeld op de Nederlandse kust laat zien dat deze voornamelijk grondels, wijting, zandspiering en haringachtigen hadden gegeten. Vergelijking hiervan met geavanceerde methodes voor dieetonderzoek suggereert dat deze prooien met name dichter bij de kust worden gegeten, terwijl verder van de kust pelagische en scholende vis een grotere rol in het dieet spelen.

Aantal gestrande bruinvissen in 2015 afgenomen

Tegelijk met de aantalstoename in de kustzone is het aantal strandingen van dode bruinvissen sterk toegenomen, tot honderden per jaar. Het aantal geregistreerde strandingen bedroeg in 2013 872; het hoogste aantal sinds het begin van de registratie van gestrande bruinvissen. In 2014 en 2015 lag het aantal strandingen met respectievelijk 575 en 287 weer een stuk lager. Hiervoor is geen duidelijke verklaring te geven. Zeetrektellingen en vliegtuigtellingen wijzen op lagere aantallen in de kustzone en een verspreiding verder van de kust, waardoor er minder dieren aanspoelen. Vastgestelde doodsoorzaken zijn onder andere verdrinking in vistuig, infectieziektes, verhongering en mogelijk aanvaringen met scheepsschroeven. De gevolgen van bijvangst van bruinvissen in de beroepsvisserij en effecten van onderwatergeluid op de populatie zijn nog niet bekend. Een recent verkregen inzicht is dat predatie door (grijze) zeehonden hier ook een rol kan spelen.

Bescherming van bruinvissen

In 2011 is het beschermingsplan bruinvis gepresenteerd. Het plan geeft een overzicht van bedreigingen en mogelijke beschermingsmaatregelen. Met uitvoering van de maatregelen en het onderzoek uit het beschermingsplan kan Nederland voldoen aan de belangrijkste verplichtingen voor de instandhouding van de bruinvispopulatie, die voortvloeien uit internationale verdragen en overeenkomsten, zoals Ascobans, OSPAR, CMS en de Habitatrichtlijn.

Referenties

Relevante informatie

Technische toelichting

Naam van het gegeven

Bruinviswaarnemingen, bruinvisstrandingen

Omschrijving

Waarnemingen van bruinvissen vanaf de kust, 1984-2015, Strandingen van bruinvissen op de kust, 1970-2015, Vliegtuigtellingen van bruinvissen, 2010-2015 (versie 5)

Verantwoordelijk instituut

Bruinviswaarmeningen langs de kust en bruinvisstrandingen: Nederlandse Zeevogelgroep, Wageningen Marine Research, NBC-Naturalis
Bruinvis in de Noordzee (NCP): Centraal Bureau voor de Statistiek

Berekeningswijze (1)

Bruinviswaarmeningen langs de kust en bruinvisstrandingen:In versie 6 van deze indicator zijn alle tellingen van de meest frequent bezochte telposten uit de afgelopen 30 jaar gebruikt. Deze telposten zijn Bloemendaal aan Zee, Camperduin, Egmond aan Zee, Huisduinen, Katwijk - Savoy, Maasmond (Maasvlakte) / Maasvlakte II, Noordwijk, Scheveningen, Texel, Hoornderslag-Paal 9 en Westkapelle. In VERGELIJKING MET versie 5 zijn de posten Katwijk, Texel niet meegenomen, omdat de telinspanning onevenredig verdeeld is over de beschouwde periode. In totaal hebben deze telposten in de periode juli 1984 t/m december 2015 zo'n 100.000 teluren gemaakt. Voor de figuur zijn alle waargenomen bruinvissen per winterseizoen gedeeld op het totaal teluren van alle telposten in de betreffende periode. Hiermee is één beeld voor heel Nederland gecreëerd. De periode is 1 juli - 30 juni omdat in het winterseizoen de meeste Bruinvissen worden waargenomen. Door de weergaveperiode te veranderen wordt het effect van een hoog of laag winteraantallen niet over 2  jaren verdeeld.

Berekeningswijze (2)

Bruinvis in de Noordzee (NCP)Data verzamelingDe gegevens zijn ontleend aan het MWTL-meetprogramma aan zeevogels van Rijkswaterstaat in de Noordzee waarbij ook zeezoogdieren worden geteld. Dat betreft zichtwaarnemingen vanuit een vliegtuig dat op 150 meter boven de zee vliegt. Het vliegtuig vliegt een aantal banen over het NCP; in totaal wordt daarmee circa 1.5% van het gehele oppervlakte bestreken. Twee waarnemers, elk aan één kant van het vliegtuig, tellen alle exemplaren vogels en bruinvissen die ze waarnemen binnen een waarnemersafhankelijk waarneemstrip van ongeveer 100 m breed. Er is om de twee maanden gevlogen; daarmee zijn er zes vliegronden per jaar. De tellingen zijn in de latere jaren uitgebreider (meer banen) dan in eerdere jaren.Voorbereiding analyseVoor de analyse van de vliegtuigdata is het NCP verdeeld in 5x5 km gridcellen. Per jaar is voor elke gridcel bepaald hoeveel exemplaren er per soort zijn gezien en hoeveel oppervlakte er in totaal is geteld (lengte deeltransect x waarneemstrip). Veel gridcellen zijn meerdere keren (deels) onderzocht, zelfs tijdens één vliegronde. Indexberekening per soortBij vliegtuigdata zijn de twee telperioden (van de zes) geselecteerd waarin de soort het meest is gezien en is het aantal exemplaren in die perioden per gridcel gesommeerd. Er zijn jaarlijkse indexcijfers over populatie-aantallen bepaald met Poisson regressie (software TRIM; Methode indexcijfers (TRIM). Voor verschillen in onderzochte oppervlakte per gridcel is gecorrigeerd door deze als offset in de analyse mee te nemen. Veel gridcellen zijn niet alle jaren bemonsterd; daarmee is rekening gehouden door middel van statistische bijschattingen.

Basistabel

c-1250-001g-clo-06-nl, c-1250-002g-clo-06-nl en c-1250-003g-clo-07-nl

Geografisch verdeling

Bruinviswaarnemingen, bruinvisstrandingen: Nederlandse kustwateren, Nederlandse kustBruinvis in de Noordzee: Nederlands Continentaal Plat (NCP), zonder de kustzone; dat wil zeggen het deel van de Noordzee dieper dan 20 m.

Andere variabelen

Geen

Verschijningsfrequentie

Jaarlijks

Achtergrondliteratuur

Zie referenties

Betrouwbaarheidscodering

B Schatting gebaseerd op een groot aantal (zeer accurate) metingen, waarbij representativiteit van de gegevens vrijwel volledig is

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, Wageningen UR (2017). Bruinvis langs de Nederlandse kust en in de Noordzee, 1970 - 2015 (indicator 1250, versie 07 , 9 oktober 2017 ). www.compendiumvoordeleefomgeving.nl. CBS, Den Haag; Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag/Bilthoven en Wageningen UR, Wageningen.

CLO.nl is een samenwerkingsverband van PBL, CBS en Wageningen UR.