Landbouw en ruimte

Akkerbouw, tuinbouw en grasland: beteelde oppervlakten, 1980-2009

U bekijkt op dit moment een archiefversie van een afgesloten indicator. De actuele indicatorversie met de reden voor het afsluiten, kunt u via deze link bekijken.

Volgens de indeling van de EU-bedrijfstypering is oppervlakte akkerbouwgewassen sinds 1980 met ongeveer eenderde toegenomen. Het areaal tuinbouw is vrij stabiel. De totale oppervlakte grasland is sinds 1980 met ongeveer 15% afgenomen.

    1980 1990 1995 2000 2005 2009
               
    1 000 ha        
               
Akkerbouwgewassen 1)) 748 840 845 958 1 052 993
w.o. granen 224 193 185 226 223 229
  knol- en wortelgewassen 2) 295 303 297 292 248 228
  groenvoedergewassen 3) 104 173 187 212 241 248
  tijdelijk grasland 38 35 38 110 205 190
               
Tuinbouwgewassen 4)) 113 104 109 91 91 97
w.v. open grond 104 94 99 80 81 87
  onder glas 9 10 10 11 11 10
               
Blijvend grasland 1 160 1 062 1 011 928 795 827
               
Totaal 2 021 2 005 1 964 1 977 1 938 1,917
               
Bron: CBS. CBS/CLO/jul10/0010
1) Volgens de nieuwe indeling, conform de EU-bedrijfstypering, inclusief tijdelijk grasland en braak liggend land. Vanaf 2002 valt natuurbraak en groenbraak onder akkerbouw; voorheen werden deze gronden niet als beteelde oppervlakten gezien.
2) Aardappelen, suiker- en voederbieten.
3) Exclusief tijdelijk grasland.
4) Vanaf 1986 excl. groen te oogsten erwten en poot- en plantuien. Vanaf 2000 wijziging indeling akkerbouw- en tuinbouwgroenten.

Aansluiting op EU-bedrijfstypering vanaf 2000

Als gevolg van aansluiting op de EU-bedrijfstypering is vanaf 2000 een wijziging in de indeling van gewassen doorgevoerd Het grootste verschil is dat tijdelijk grasland en braak tot de akkerbouwgewassen worden gerekend (in bovenstaande tabel vanaf 1980). Daarnaast is de indeling in akkerbouw- en tuinbouwgroenten gewijzigd.

Areaal akkerbouw stabiel

Volgens de nieuwe indeling stijgt de oppervlakte akkerbouwgewassen van circa 750 duizend hectare in 1980 tot bijna 1 miljoen hectare in 2009. De laatste jaren is het areaal akkerbouw stabiel.

Daling areaal tuinbouw open grond door nieuwe indeling

Het areaal tuinbouw (open grond en onder glas) is sinds 1980 vrij stabiel. De daling van het areaal tuinbouw open grond in 2000 is voornamelijk het gevolg van de gewijzigde indeling in akkerbouw- en tuinbouwgroenten.

Meer blijvend grasland en minder tijdelijk grasland

De totale oppervlakte grasland is van 1980 tot en met 2008 met ongeveer 15% afgenomen. Blijvend grasland is in die periode bijna 30% afgenomen, daarentegen is het tijdelijk grasland vervijfvoudigd.
Tot en met 2004 is er een daling van het blijvend grasland, terwijl tijdelijk grasland sterk toeneemt. De laatste jaren laten, onder andere door toenemende aandacht voor natuur- en landschapsbeheer, een stijging zien van het oppervlak blijvend grasland, terwijl het tijdelijk grasland afneemt.

Referenties

Relevante informatie

Technische toelichting

Naam van het gegeven

Akkerbouw, tuinbouw en grasland: beteelde oppervlakten

Omschrijving

Arealen akkerbouwgewassen (waaronder granen, knol- en wortelgewassen, groenvoedergewassen), tuinbouwgewassen (waarvan open grond en onder glas) en grasland (waarvan blijvend en tijdelijk)

Verantwoordelijk instituut

Centraal Bureau voor de Statistiek

Berekeningswijze

Zie CBS-Landbouwtelling

Basistabel

CBS-StatLine: Landbouwtelling; gemeente 1980-2000CBS-StatLine: Landbouw; regio (vanaf 2000)

Geografisch verdeling

Nederland, landsdeel, provincie, landbouwgebied, gemeente

Andere variabelen

Veestapel, gewassen, speciale onderwerpen (verschilt per enquêtejaar)

Verschijningsfrequentie

Jaarlijks

Achtergrondliteratuur

Zie CBS-Landbouwtelling

Opmerking

Gegevens over Biologische landbouw: arealen en veestapels, 2011-2020 zijn sinds versie 09 uit deze indicator verwijderd omdat de gegevens uit verschillende bronnen afkomstig zijn.In 2006 is, als gevolg van aansluiting op de EU-bedrijfstypering en een aantal inhoudelijke wijzigingen, een lichte trendbreuk opgetreden. De wijzigingen zijn met terugwerkende kracht t/m 2000 doorgevoerd.

Betrouwbaarheidscodering

A (Integrale enquête)

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2010). Akkerbouw, tuinbouw en grasland: beteelde oppervlakten, 1980-2009 (indicator 0010, versie 11 , 15 juli 2010 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.