Verkeer en ruimte

Vliegbewegingen en handelsverkeer op Nederlandse luchthavens, 1997-2019

In de periode 1997-2019 is het aantal passagiers op Nederlandse luchthavens gestegen van 32 miljoen tot ruim 81 miljoen. Na een terugval in 2009 steeg het aantal passagiers weer vanaf 2010. In 2018 en 2019 is er echter sprake van een afnemende groei ten opzichte van een jaar eerder. Hetzelfde geldt min of meer voor het goederenvervoer door de lucht.

Ontwikkelingen in de luchtvaart in 2019

Het aantal vervoerde passagiers op Nederlandse luchthavens is in 2019 met 2 procent toegenomen ten opzichte van 2018 tot 81,2 miljoen passagiers, het hoogste aantal passagiers ooit. Het aantal vluchten in het handelsverkeer lag met 566 duizend ruim 1000 boven het aantal uit 2018. Sinds 1997 is het aantal passagiers op de Nederlandse luchthavens met 153 procent toegenomen. Het aantal vluchten is met 41,5 procent toegenomen sinds 1997.
De hoeveelheid door de lucht vervoerde goederen nam in 2019 met 7,5 procent af ten opzichte van 2018.

Schiphol verreweg de belangrijkste luchthaven van Nederland

Schiphol heeft verreweg het grootste aandeel in het luchtvervoer. In 2019 ging 88 procent van het aantal passagiers en 93 procent van het goederenvervoer via Schiphol; 84 procent van het aantal vluchten (overlandbewegingen) vindt van en naar Schiphol plaats.

Aantal vliegtuigbewegingen afgenomen

Het totaal aantal vliegtuigbewegingen (overland- plus terreinbewegingen) vanaf Nederlandse luchthavens is in de periode 1997-2019 met 2,7 procent gedaald. Deze daling wordt voornamelijk veroorzaakt doordat het aantal terreinbewegingen in die periode met 75 procent is afgenomen. Het aantal overlandbewegingen is in 2019 met 604 duizend 29 procent hoger dan in 1997.

Effecten luchtverkeer

De toename van het luchtverkeer en de daarmee samenhangende ondervonden geluidhinder heeft geleid tot meer klachten over vlieggeluid en meer gezondheidsproblemen als gevolg van slaapstoornissen.
In het Aldersakkoord van 2008 werd vastgelegd dat Schiphol tot en met het jaar 2020 jaarlijks niet meer dan 500 duizend vliegtuigbewegingen in het handelsverkeer mag uitvoeren. Met 499 en 497 duizend vliegtuigbewegingen in respectievelijk 2018 en 2019 voldoet Nederlands grootste luchthaven de laatste jaren aan deze norm.

Daarnaast vermindert de externe veiligheid voor omwonenden door het toegenomen aantal vliegbewegingen.

Referenties

Relevante informatie

Technische toelichting

Naam van het gegeven

Vliegbewegingen en handelsverkeer op Nederlandse vliegvelden

Omschrijving

Vliegbewegingen en handelsverkeer van luchtvaartmaatschappijen met als hoofdactiviteit het commerciƫle vervoer van reizigers, vracht en post tegen betaling. Op de luchthavens van Amsterdam (Schiphol), Rotterdam (Zestienhoven), Eindhoven, Maastricht (Maastricht-Aken) en Groningen (Eelde) en 11 kleinere burgerluchthavens.

Verantwoordelijk instituut

Centraal Bureau voor de Statistiek

Berekeningswijze

Het onderzoek is gebaseerd op integrale waarneming van alle vluchten van/naar Nederlandse luchthavens met burgerluchtvaart. De luchthavenautoriteiten leggen de gegevens van alle starts en landingen vast in een geautomatiseerd registratiesysteem. Het CBS ontvangt hieruit maandelijks een bestand met relevante statistische informatie. Van elke vlucht zijn gegevens opgenomen over onder meer het aantal vervoerde passagiers en/of de omvang van de vervoerde lading, naar herkomst en bestemming van de vlucht (land en luchthaven).

Basistabel

Vliegbewegingen: StatLine: Luchtvaart; maandcijfers Nederlandse luchthavens van nationaal belang (CBS, 2021)

Geografisch verdeling

Nederland; 5 hoofdluchtvaartterreinen; 11 kleinere burgerluchthavens.

Andere variabelen

Herkomst/bestemming passagiers en goederen en post (binnen Europa EU en niet-EU en intercontinentaal (Afrika, Amerika, Aziƫ, per deelcontinent)

Verschijningsfrequentie

Jaarlijks. (Aanlevering van grondmateriaal geschiedt maandelijks)

Achtergrondliteratuur

Achtergrondgegevens over de Statistiek van de luchtvaart:

Opmerking

Overlandbewegingen zijn vliegbewegingen waarbij de opstijging en de daarop volgende landing niet op hetzelfde luchtvaartterrein plaatsvinden. Bij terreinbewegingen vinden deze wel op hetzelfde terrein plaats. Voor een verklaring van de overige gebruikte termen wordt verwezen naar de referenties.

Betrouwbaarheidscodering

Integrale enquete.

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2021). Vliegbewegingen en handelsverkeer op Nederlandse luchthavens, 1997-2019 (indicator 0028, versie 21 , 28 april 2021 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.