Compendium voor de Leefomgeving
558 feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte
Ruimtegebruik

Veranderingen bodemgebruik, 1979 - 2012

Tussen 1979 en 2012 is de totale oppervlakte verkeersterrein, bebouwd terrein en semi-bebouwd terrein (rode ruimte) in Nederland toegenomen en de totale oppervlakte recreatie-, agrarisch-, natuurlijk terrein en bos (groene ruimte) afgenomen. De afname van de groene ruimte wordt veroorzaakt door de afname van agrarisch terrein.

Bodemgebruik in Nederland, 1979 - 2012
    1979 1993 1996 1996 herzien1) 2000 2006 2010 2012
                   
    km2              
Totaal 37 283 41 028 41 526 41 526 41 528 41 543 41 543 41 543
                   
Verkeersterrein 1) 1 263 1 331 1 340 1 125 1 130 1 160 1 176 1 161
w.o. spoorterrein 1) 101 101 99 91 88 85 86 89
  wegverkeersterrein 1) 927 1 096 1 132 1 008 1 016 1 050 1 066 1 049
                   
Bebouwd terrein1) 2 674 3 027 3 150 3 048 3 183 3 379 3 502 3 560
w.v. woonterrein 1 935 2 168 2 242 2 138 2 211 2 278 2 314 2 336
  bedrijventerrein 1) 443 526 567 600 659 755 814 841
  overig bebouwd terrein 296 333 341 311 312 346 374 383
                   
Semi-bebouwd terrein 531 440 436 378 486 528 512 510
w.o. delfstofwinplaats 1) 70 66 51 31 32 31 32 31
  bouwterrein 341 237 235 217 327 376 369 370
                   
Recreatieterrein 1) 675 809 827 862 889 963 988 1 026
                   
Agrarisch terrein 24 252 23 755 23 508 23 604 23 260 22 858 22 644 22 522
w.o. terrein voor glastuinbouw 137 142 143 139 150 162 166 159
                   
Bos en open natuurlijk terrein 4 543 4 517 4 612 4 784 4 835 4 840 4 865 4 901
w.v. bos 2 940 3 108 3 233 3 441 3 501 3 447 3 454 3 440
  open droog natuurlijk terrein 866 866 839 836 833 850 878 900
  open nat natuurlijk terrein 737 543 539 507 501 543 534 560
                   
Binnenwater 3) 1 595 2 973 3 479 3 553 3 574 3 626 3 661 3 680
w.o. afgesloten zeearm . . . 321 321 321 321 321
                   
Buitenwater 3) 1 749 4 175 4 174 4 173 4 170 4 188 4 195 4 183
w.o. Waddenzee 419 2 590 2 591 2 591 2 594 2 572 2 562 2 562
  Oosterschelde 1) 727 644 642 346 346 346 346 346
  Westerschelde 2) . . . 298 298 299 299 299
                   
Bron: CBS. CBS/CLO/feb16/0060
1) Door het gebruik van een nieuwe classificatie zijn de cijfers in 1996 herzien. De cijfers na 1996 zijn op een andere wijze samengesteld dan de jaren daarvoor. Voor een verdere toelichting zie: CBS (2003). 2) De oppervlakte van de Westerschelde voor de jaren 1979-1996 is opgenomen in de cijfers van de Oosterschelde. 3) In deze periode heeft de gemeentelijke toewijzing van zowel het IJsselmeer als de Waddenzee plaats gevonden. Vanaf 1996 is al het water gemeentelijk ingedeeld.

Toename rode ruimte en afname groene ruimte tussen 1979 en 2012

Sinds 1979 is de rode ruimte met ruim 760 km2 toegenomen. De groene ruimte neemt verder af doordat wijzigingen in het bodemgebruik veelal ten koste gaan van agrarisch terrein. De andere vormen van bodemgebruik binnen de groene ruimte zijn wel toegenomen (ruim 700 km2). Tussen 2010 en 2012 groeit de oppervlakte recreatieterrein, bos en open natuurlijk terrein wel meer als de rode ruimte (74 tegen 41 km2).
Binnen de blauwe ruimte (binnen- en buitenwater) groeit het oppervlak binnenwater gestaag. De oppervlakte buitenwater daalt tussen 2010 en 2012 als gevolg van de aanleg van de Tweede Maasvlakte.

Agrarisch terrein is afgenomen tussen 2010 en 2012

Tussen 2010 en 2012 is het ruimtegebruik door de landbouw afgenomen. Agrarisch terrein is daarmee de grootste leverancier van gebied met een nieuwe bestemming. Tussen 2000 en 2010 nam agrarisch terrein gemiddeld af met 62 km2 per jaar, tussen 2010 en 2012 is dit licht afgenomen tot gemiddeld 61 km2 per jaar.

Referenties

Relevante informatie

Technische toelichting

Naam van het gegeven

Veranderingen bodemgebruik, 1979-2012

Omschrijving

In de tekst worden de termen bodemgebruik en ruimtegebruik door elkaar heen gebruikt. Totale oppervlakte van Nederland naar: verkeersterrein, bebouwd terrein, semi-bebouwd terrein, recreatieterrein, agrarisch terrein, bos en open natuurlijk terrein, binnenwater en buitenwater (in km2, tijdreeks).

Verantwoordelijk instituut

Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Hans Visser

Berekeningswijze

De korte onderzoeksbeschrijving Bodemgebruik (CBS, 2005) geeft informatie over de berekeningsmethode. Tussen 1985 en 1989 is de wijze van gegevensverzameling gewijzigd. Voor 1989 werden de gegevens aangeleverd door de gemeenten. Vanaf 1989 vindt de inventarisatie plaats aan de hand van luchtfoto's. Om in de tabel een verbinding te maken met de uitkomsten van eerdere bodemstatistieken is het bodemgebruik in 1996 ook conform de nieuwe werkwijze berekend. Met ingang van het onderzoeksjaar 2000 wordt bij de inventarisatie van het bodemgebruik een nieuwe methodiek gevolgd. Voor dit jaar is gebruik gemaakt van de basisgeometrie van het digitale topografische basisbestand van de Topografische Dienst Nederland (TOP10Vector)(CBS, 2003).

Basistabel

StatLine: Bodemgebruik, regio; 1989; 1993; 1996 (CBS, 2005).StatLine: Bodemgebruik; uitgebreide gebruiksvorm, per gemeente (CBS, 2016).

Geografisch verdeling

Nederland, provincies.

Andere variabelen

Voor de meeste hoofdterreintypen zijn er meer onderverdelingen beschikbaar dan in de tabel wordt weergegeven.

Verschijningsfrequentie

Eens in de twee à drie jaar

Achtergrondliteratuur

Bodemgebruik in Nederland geharmoniseerd met TOP10Vector (CBS, 2003).Korte onderzoeksbeschrijving Bodemgebruik (CBS, 2005).

Betrouwbaarheidscodering

B (schatting gebaseerd op een groot aantal zeer accurate metingen, waarbij representativiteit van de gegevens vrijwel volledig is).

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2016). Veranderingen bodemgebruik, 1979 - 2012 (indicator 0060, versie 10 , 26 februari 2016 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Print pagina Download PDF
Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.