Compendium voor de Leefomgeving
461 feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte
Verzuring en vermesting

Herkomst verzurende deposities op Nederland, 2002

U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt u via deze link bekijken.

De helft van de potentieel zuur depositie in Nederland is afkomstig van Nederlandse bronnen. Ammoniak levert de grootste bijdrage aan de zuurdepositie: ongeveer de helft. Zwaveldioxide en stikstofoxiden dragen elk bijna een kwart bij.

           
  SOx NOy NHx Overig Potentieel
        zuur 1) zuur
           
           
  %        
Totaal 25 23 49 2 100
Nederland 5 8 35 0 49
Noordzee 3 2 0 0 5
Buitenland 13 11 12 0 36
Achtergrond 2) 4 2 2 2 10
           
1) Organische en halogeenhoudende zuren
2) Natuurlijke en intercontinentale achtergronddepositie
Bron: RIVM/MNP, 2004   MNP/MNC/jun04

Grootste bijdrage komt nog steeds uit Nederland

Bronnen in Nederland zelf leveren nog steeds de grootste bijdrage aan de depositie van zuur in Nederland, namelijk 49% van het totaal. De belangrijkste bijdrage komt van agrarische bronnen in Nederland: 88% van de NHx-depositie is hiervan afkomstig. Dit betekent dat 31% van de totale potentieel zuur depositie in Nederland aan agrarische bronnen kan worden toegerekend.

Beleid

Het verzuringsbeleid vereist ook een internationale aanpak, omdat de verzuring een belangrijke grensoverschrijdende component kent. Daarom zijn mede in internationaal verband afspraken over emissiereducties gemaakt.

Relevante informatie

Technische toelichting

Technische toelichting

De berekeningen zijn uitgevoerd met het atmosferisch transport- en depositiemodel OPS (Operationeel Prioritaire Stoffen model).

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2004). Herkomst verzurende deposities op Nederland, 2002 (indicator 0179, versie 05 , 9 juni 2004 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.