Emissie naar lucht, water en bodem

Emissies VOS en fijn stof per doelgroep, 2002

U bekijkt op dit moment een archiefversie van een afgesloten indicator. De actuele indicatorversie met de reden voor het afsluiten, kunt u via deze link bekijken.

De emissies van vluchtige organische stoffen worden met name veroorzaakt door de industrie, verkeer en vervoer en consumenten. De landbouw, de industrie en het verkeer en vervoer leveren de grootste bijdragen aan de fijn stof emissies.

Ontwikkelingen

De doelgroepen industrie (incl. raffinaderijen), verkeer en vervoer en consumenten leveren de grootste bijdrage aan de emissie van vluchtige organische stoffen (VOS, exclusief methaan).De emissies van fijn stof worden vooral veroorzaakt door de doelgroepen landbouw, industrie (incl. raffinaderijen) en verkeer en vervoer.

Beleid

De nationale doelstelling voor 2010 is voor VOS 163 miljoen kg (VROM, 2001). Voor de doelgroepen zijn taakstellingen voor VOS-emissies voor 2010 vastgesteld. De emissiedoelstelling voor fijn stof moet nog worden bepaald. De berekende emissie voor 2010 ligt op 27 miljoen kg.

Relevantie

Uit VOS kan onder invloed van zonlicht ozon worden gevormd, waardoor onder meer fotochemische smog kan ontstaan. De directe blootstelling aan vluchtige organische stoffen, fijn stof en ozon kan ook leiden tot gezondheidsschade en tot schade aan materialen en ecosystemen.

Methodiek

In verband met een onvolledige waarneming in 1999, in de industrie (incl. raffinaderijen) en energiesector, was het voor fijn stof niet mogelijk emissies voor deze doelgroepen en het landelijk totaal te berekenen.Voor verdere beschrijvingen van de berekeningsmethodiek wordt verwezen naar meta-informatie van de Emissiemonitor.

Referenties

Relevante informatie

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2003). Emissies VOS en fijn stof per doelgroep, 2002 (indicator 0181, versie 04 , 16 september 2003 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.