Compendium voor de Leefomgeving
461 feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte
Afval

Gevaarlijk afval per verwerkingswijze, 1990-2005

U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt u via deze link bekijken.

Na een sterke stijging vanaf 1990 stabiliseert de hoeveelheid vrijgekomen gevaarlijk afval zich rond 2004. Met de invoering van de Europese Afvalstoffenlijst (Eural) als onderscheid gevaarlijk en niet gevaarlijk afval heeft een verschuiving plaatsgevonden in de verdeling wel/niet gevaarlijk afval en daarmee ook in de verdeling van verwerkingsopties.

  1990 1995 2000 2002 2003 2004 2005
               
  miljoen kg          
               
Totaal1) 555 783 1 745 1 876 1 788 1 777 4 021
               
Hergebruik/nuttige toepassing 70 159 339 715 706 808 2 473
Fysisch/chemische behandeling2) 120 158 627 3) 3) 3) 3)
Verbranden 202 256 389 274 317 374 238
Storten 163 210 390 431 375 296 750
Overig4)       456 389 298 561
               
Bron: VROM, LMA. CBS/MNC/nov07/0209
1) Tot en met 2004 exclusief verontreinigde grond, scheepsafvalstoffen en bagger. Vanaf 2005 exclusief bagger.
2) Fysisch/chemisch behandelen omvat verschillende bewerkingen, zoals ontgiften, neutraliseren en ontwateren. Deze zijn gericht op de scheiding van gevaarlijk afval in deelstromen die nuttig kunnen worden toegepast of met minder milieugevolgen kunnen worden verbrand of gestort. De resterende waterstroom wordt onder voorwaarden geloosd.
3) Verdeeld onder hergebruik/nuttige toepassing en overig.
4) Overig omvat hoofdzakelijk het lozen van (gereinigd) water.

Ontwikkeling verwerking gevaarlijk afval tot 2004

De hoeveelheid gemeld gevaarlijk afval is tussen 1990 en 2004 verdrievoudigd. Ruim 45% van het gemeld gevaarlijk afval werd, al dan niet na een fysisch/chemische behandeling, nuttig toegepast. Het verbranden van gevaarlijk afval gebeurde grotendeels in speciaal daarvoor bestemde ovens (zowel in Nederland als het buitenland). Bij het interpreteren van de bovenstaande gegevens, en met name de verschillen tussen de jaren 2002-2004 en de periode tot en met 2000, moet rekening gehouden worden met de wijzigingen in definities zoals vastgelegd in het Landelijk afvalbeheerplan. Als gevolg hiervan is bijvoorbeeld het meestoken in een elektriciteitscentrale 'verhuisd' van 'verbranden' naar 'nuttige toepassing'.

Wijziging in definitie vanaf 2005 door invoering Eural (Europese afvalstoffenlijst)

Met ingang van 2005 vinden de meldingen plaats op basis van euralcodes en daarmee heeft er tevens een wijziging plaatsgevonden in de aanduiding of een afvalstroom wel of iet gevaarlijk is (VROM, 2002a). Als gevolg van deze wijziging is in 2005 meer afval als gevaarlijk aangeduid. Tevens blijkt de verwerkingswijze te zijn veranderd voor het totaal aan gevaarlijk afval. In 2005 werd ruim 60% van het afval nuttig toegepast (al dan niet na een fysisch/chemische behandeling).

Referenties

  • VROM (2002). Informatiedocument gevaarlijk afval 1998-2000. Ministerie van VROM, Den Haag.
  • VROM (2002a). Europese afvalstoffenlijst. Ministerie van VROM, Den Haag.

Relevante informatie

Technische toelichting

Technische toelichting

De totale hoeveelheid verwerkt gevaarlijk afval wijkt af van het totale aanbod gemeld gevaarlijk afval. Bij de bewerking van diverse stromen gevaarlijk afval is er sprake van het afscheiden van deelstromen en het mengen van stromen. In een aantal gevallen worden deze bewerkte afvalstoffen opnieuw gemeld. Waar mogelijk is hiervoor gecorrigeerd, maar dit lukt slechts tot op een bepaald niveau. Verder treden voorraadverschillen op doordat afvalstoffen enige tijd opgeslagen worden voordat bewerking plaatsvindt.

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2007). Gevaarlijk afval per verwerkingswijze, 1990-2005 (indicator 0209, versie 06 , 21 december 2007 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.