Ontwikkelingen in de maatschappij

NAMEA: bijdragen van economische activiteiten aan milieuthema's en bruto toegevoegde waarde, 2007

U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt u via deze link bekijken.

De landbouw levert de grootste bijdrage aan de verzuring en vermesting; de industrie en de energievoorziening leveren samen voor meer dan de helft bij aan het milieuthema Klimaatverandering.

2007* Klimaat-verandering Verzuring Vermesting Afval 1) Toegevoegde waarde basisprijzen
           
  %        
           
Emissie door producenten 100 100 100 100 100
Landbouw en visserij 14 37 60 7 2
Delfstoffenwinning 2 1 0 0 3
Industrie 28 13 11 30 14
w.v. voedings- en genotmiddelenindustrie 2 1 4 15 3
  textiel- en lederindustrie 0 0 0 0 0
  papierindustrie, uitgeverijen en drukkerijen 1 0 1 2 2
  aardolie-industrie 6 6 0 0 1
  chemische industrie, rubber- en kunststofindustrie 12 3 4 3 3
  basismetaalindustrie 4 2 0 5 0
  metaalproducten- en machine-industrie 1 0 0 1 2
  overige industriële bedrijven 2 1 1 3 3
Energie- en waterleidingbedrijven 28 4 1 3 2
Bouwnijverheid 1 2 4 46 6
Handel, horeca en reparatie 2 1 0 4 15
Vervoer 15 35 6 1 7
w.v. vervoer over land 4 5 1 . 2
  vervoer over water 3 23 3 . 0
  vervoer door de lucht 7 7 2 . 0
  dienstverlening t.b.v. vervoer 0 0 0 . 2
Zakelijke dienstverlening, verhuur en communicatie 3 3 1 1 31
Milieudienstverlening 4 1 17 7 1
Overige diensten 4 4 0 1 20
           
Bron: CBS (2008). CBS/MNC/dec08/0214
1) Cijfers 2005. Sinds 2004 wordt ook de hoeveelheid nuttig toegepast afval meegenomen. De oudere jaren zjjn aangepast. Het betreft niet-gevaarlijk afval.

De rol van producenten in milieuthema's

De landbouw is een relatief milieu-intensieve bedrijfstak met een beperkte bijdrage in de toegevoegde waarde. Het omgekeerde is waarneembaar voor zakelijke en overige dienstverlening; deze bedrijfstakken genereren samen de hoogste toegevoegde waarde met een relatief lage milieudruk. De transportsectoren (vervoer over land, water en door de lucht) die samen 4,7% van de Nederlandse toegevoegde waarde genereren, dragen 13,7% bij aan de broeikasgasemissies van Nederlandse ingezetenen en 36,6% aan de emissies van verzurende stoffen.
Sinds dit jaar is voor de gegevens van afval de totale hoeveelheid vrijgekomen afval opgenomen en niet alleen de hoeveelheid gestort en verbrand afval. Ook de hoeveelheid vrijgekomen afval dat nuttig wordt ingezet voor hergebruik is meegenomen. Hierdoor is de hoeveelheid afval met een factor 6 toegenomen. In de oudere versies van deze indicator zijn deze gegevens ook aangepast.

Referenties

  • CBS (2008). Nationale Rekeningen 2007. CBS, Voorburg/Heerlen.

Relevante informatie

Technische toelichting

Naam van het gegeven

NAMEA: bijdragen van economische activiteiten aan milieuthema's en bruto toegevoegde waarde, 2007

Omschrijving

De bijdragen van economische sectoren aan de milieuthema's klimaatverandering, verzuring, vermesting en afvalbeheer en de bijdrage van economische sctiviteiten asan de bruto toegevoegde waarde in 2007

Verantwoordelijk instituut

Centraal bureau voor de Statistiek

Berekeningswijze

Methodiek beschrijving: Milieurekeningen

Geografisch verdeling

Nederland

Verschijningsfrequentie

Jaarlijks

Achtergrondliteratuur

Methodiek beschrijving: Milieurekeningen

Opmerking

De tabel geeft de bijdragen van de verschillende economische activiteiten aan een aantal milieuthema's. De procentuele aandelen van de bedrijven in de totale productie van emissies worden vergeleken met de aandelen in de toegevoegde waarde.

Betrouwbaarheidscodering

Schatting, gebaseerd op een groot aantal (accurate) metingen; de representativiteit is grotendeels gewaarborgd.

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2008). NAMEA: bijdragen van economische activiteiten aan milieuthema's en bruto toegevoegde waarde, 2007 (indicator 0214, versie 08 , 16 december 2008 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.