Compendium voor de Leefomgeving
465 feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte
Water en milieu

Kwaliteit zwemwater, 1992-2003

U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt u via deze link bekijken.

De aanwezigheid van thermotolerante bacteriën in zwemwater, geeft een indicatie van de verontreiniging van het zwemwater met uitwerpselen. Als gevolg van ziekteverwekkende bacteriën in zwemwater kunnen mensen ziek worden. De Europese zwemwaterrichtlijn dwingt de overheid voor veilige badzones te zorgen. Daarnaast is er de Blauwe Vlag. Dit is een initiatief om veiligheid en hygiëne aan de kusten te stimuleren.

Beleid

De zwemwaterrichtlijn (76/160/EEG) richt zich op de bescherming van de gezondheid van de zwemmer. De richtlijn toetst op bacteriologische parameters (totaal coliformen en faecale coliformen) ter voorkoming van maag- en darmklachten, maar ook meer esthetische parameters zoals schuim, doorzicht, en geur. Ook stelt de richtlijn eisen aan de meetfrequentie gedurende het zwemseizoen. De Blauwe vlag is een initiatief van onder andere de ANWB om veiligheid en hygiëne aan de Europese kusten te stimuleren. Het kritieke onderscheid tussen de Blauwe vlag en de EU zwemwaterrichtlijn is dat de laatste niet toetst op fecale streptokokken. De EU-lidstaten hebben daarvoor nog geen wettelijke norm vastgesteld. De EU heeft normen vastgelegd in de EU-zwemwaterrichtlijn om de zwemwaterkwaliteit te kunnen toetsen. Volgens de grenswaarde of imperatieve waarde mag het aantal bacteriën niet hoger zijn dan 2 000 per 100 ml zwemwater. Verwacht wordt dat deze 25 jaar oude richtlijn in de komende jaren door een nieuwe richtlijn zal worden vervangen. De Europese Commissie heeft wel een nieuwe zwemwaterrichtlijn voorgesteld die met betrekking tot E. coli en intestinale enterococcen strengere eisen stelt. Hierdoor zullen meer zwemlocaties in de problemen geraken, tenzij stilstaand water regelmatig wordt ververst met gedesinfecteerd water. Maatregelen gericht op terugdringing van overstorten en van vermesting van oppervlaktewater hebben eveneens een gunstige invloed op de kwaliteit van zwemwater.De zwemwaterrichtlijn schrijft voor dat de zwemwaterkwaliteit aan twee sets van parameterwaarden wordt getoetst. De strengste set bestaat uit richtwaarden of indicatieve waarden. De andere set bestaat uit gebiedende of imperatieve waarden. De richtlijn wordt alleen overtreden als de gemeten waarden boven de imperatieve waarden liggen.http://europa.eu.int/water/water-bathing/directiv.html

Ontwikkelingen

De indicatieve waarden laten zien dat het kustwater over het algemeen een betere kwaliteit heeft dan het binnenwater. Bij overschrijding van de imperatieve of grenswaarde moet de beheerder actie ondernemen om de vervuiling terug te brengen. Het aantal zwemlocaties in Nederland, dat in 2001 aan de grenswaarde voor zwemwaterkwaliteit voldeed, is afgenomen ten opzichte van 2000. In de jaren daarvoor was er juist sprake van een verbetering van de kwaliteit van het zwemwater. De teruggang in 2001 is mogelijkerwijs te wijten aan de overvloedige regenval in dat jaar. In 2002 en 2003 waren er slechts drie badzones waar op grond van de waterkwaliteit een zwemverbod van kracht was. In 2003 waren de omstandigheden erg gunstig voor de zwemwaterkwaliteit: nl. droog en warm weer. Omdat in 2002 de microbiologische waterkwaliteit bij een zevental Zuid- en Noord-Hollandse kustgemeenten niet voldeed aan de normen voor fecale streptokokken, is de Blauwe Vlag daar dat jaar niet toegekend. Nader onderzoek heeft de belasting uit rioolwateroverstorten, en incidenteel door af- en uitspoeling van meststoffen als oorzaak aangewezen (de Kok, 2003).

Relevantie

Oppervlaktewater is vaak verontreinigd met menselijke of dierlijke uitwerpselen. Hierdoor kunnen pathogene, dat wil zeggen ziekteverwekkende, micro-organismen het water besmetten. Voorbeelden van dergelijke micro-organismen zijn Cryptosporidium, virussen, zoals Norwalk-achtige Calicivirussen, en toxische algen.

Referenties

  • Europese Commissie (2002). Kwaliteit van het zwemwater (badseizoen 2001), Mei 2002 pp 244-255.
  • Kok, J.M. de (2003). Bacteriële bronnen en zwemwaterkwaliteit van de Noord- en Zuid-Hollandse badstranden. RIKZ (RIKZ/OS/2003.173x), Den Haag.

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2004). Kwaliteit zwemwater, 1992-2003 (indicator 0248, versie 04 , 11 mei 2004 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.