Compendium voor de Leefomgeving
468 feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte
Landbouw en milieu

Nitraat in het bovenste grondwater onder landbouw, 1992-2000

U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt u via deze link bekijken.

Ontwikkelingen

De nitraatconcentraties in het bovenste grondwater onder landbouw op zand liggen op grote schaal boven de norm van 50 mg/l. De nitraatconcentraties in de zandgebieden zijn duidelijk hoger dan in de kleigebieden, hoewel ook in de kleigebieden vaak concentraties boven de 50 mg/l voorkomen. In de veengebieden zijn de concentraties het laagst. Door verschillen in neerslag komen tussen de jaren grote verschillen in nitraatconcentratie voor. De hiervoor gecorrigeerde nitraatconcentratie voor de zandgebieden geeft een licht dalende tendens te zien.

Beleid

Nederland streeft er naar om de nitraatgehalten in het grondwater te verlagen tot minder dan 50 mg/l. Sinds 1991 is de EU-Nitraatrichtlijn van kracht. Onderdeel van de richtlijn is een beperking van de hoeveelheid toegediende stikstof via dierlijke mest tot 170 kg/ha. Nederland geeft invulling aan de Nitraatrichtlijn via het mineralenaangiftesysteem (MINAS) en een systeem van mestafzetcontracten (MAO). Nederland wil in afwijking van de nitraatrichtlijn op grasland tot 250 kg N/ha uit dierlijke mest toedienen. Voor deze zogenaamde derogatie moet de Europese Commissie nog toestemming geven.

Relevantie

Stikstofuitspoeling naar het grondwater bedreigt de kwaliteit van het drinkwater. In klei- en veengebieden spoelt stikstof vooral uit naar het oppervlaktewater waardoor het waterecosysteem wordt bedreigd.

Methodiek

De gegevens zijn afkomstig uit het Landelijk meetnet effecten mestbeleid waarin op een groot aantal landbouwbedrijven regelmatig de nitraatconcentratie in de bovenste meter van het grondwater of in de drainafvoer wordt gemeten. Voor de zandgebieden is een methode ontwikkeld om de gemeten nitraatconcentratie voor neerslag, grondwaterstand en samenstelling van de groep van bemonsterde bedrijven te corrigeren, zodat een reële vergelijking in de tijd mogelijk is. Voor de andere gebieden moet een dergelijke methode nog worden ontwikkeld.

Referenties

  • Boumans, L.J.M., G. van Drecht et al. (1997). Effecten van neerslag op nitraat in het bovenste grondwater onder landbouwbedrijven in de zandgebieden. RIVM (rapportnr. 714 831 002), Bilthoven.
  • Fraters, B., H.A. Vissenberg et al. (1997). Resultaten Meetprogramma Kwaliteit Bovenste Grondwater Landbouwbedrijven in het zandgebied (MKBGL-zand) 1992-1995. RIVM (rapportnr. 714 801 014), Bilthoven.
  • RIVM (2001). Minas en milieu. RIVM (rapportnr. 718 201 005), Bilthoven.

Relevante informatie

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2002). Nitraat in het bovenste grondwater onder landbouw, 1992-2000 (indicator 0271, versie 03 , 4 september 2002 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.