Compendium voor de Leefomgeving
557 feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte
Landschap

Recreatiedruk per provincie, 2001-2013

U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt u via deze link bekijken.

Dagrecreatie en toerisme geven een verhoogde druk op de natuur en het milieu. De recreatiedruk verschilt sterk per provincie. De druk door dagrecreatie is het hoogst in Zuid-Holland, Utrecht en Noord-Holland. In Limburg en Noord-Holland is de druk door het toerisme het hoogst.

Dagrecreatie; aantal dagtochten

In 2006 / 2007 maakten Nederlanders 887,3 miljoen dagtochten in eigen land en 19,4 miljoen dagtochten naar het buitenland. Dit zijn er 74,5, respectievelijk 0,4 miljoen minder dan in 2001 / 2002 (CBS, 2008a).
Populaire bestemmingen liggen in de provincies Zuid-Holland, Noord-Holland, Noord-Brabant en Gelderland (respectievelijk 21, 18, 15 en 11 procent van de dagtochten). De meeste dagtochten worden gemaakt voor het beoefenen van sport en sportieve recreatie (28 procent van de dagtochten; o.a. wandelen, fietsen, hardlopen en trimmen). Daarnaast is uitgaan een belangrijke reden voor het maken van een dagtocht (24 procent van de dagtochten). Voor 58 procent van de dagtochten is de auto gebruikt.

Recreatiedruk door dagrecreatie

De recreatiedruk door dagrecreatie (uitgedrukt als het aantal dagtochten per dag en per km2) is in 2006 / 2007 het hoogst in Zuid-Holland, gevolgd door Utrecht, Noord-Holland, Limburg en Noord-Brabant. Qua bevolkingsdichtheid zijn dit ook de meest dicht bevolkte provincies. De recreatiedruk door dagrecreatie is in alle provincies aanzienlijk hoger dan de recreatiedruk door toerisme.

Toerisme; aantal overnachtingen

In 2013 waren er 125,8 miljoen overnachtingen door verblijfsrecreanten (toeristen) in Nederland, waarvan 94,0 miljoen door Nederlanders (CBS, 2014a, 2014b) en 31,8 miljoen door buitenlanders (CBS, 2014c). De meeste overnachtingen vonden plaats in Noord-Holland (19 procent), Gelderland (14 procent), Limburg (11 procent), Noord-Brabant (10 procent) en Zeeland (10 procent). Van de Nederlanders die hun vakantie in Nederland doorbrachten, gebruikte ongeveer 90 procent hiervoor de auto als belangrijkste vervoersmiddel.

Recreatiedruk door toerisme

De recreatiedruk door toerisme (uitgedrukt als het aantal overnachtingen per dag en per km2) is in 2013 het hoogst in Limburg en Noord-Holland, gevolgd door Zeeland, Drenthe en Gelderland. Tussen de diverse provincies zijn er grote verschillen in hoe de recreatiedruk door het toerisme zich sinds 2001 ontwikkelt. Vooral in de provincies Flevoland en Groningen is er sprake van een forse toename van de recreatiedruk.

Relevantie

Recreatie is een belangrijke vorm van actief gebruik van de natuur door de mens. De invloed van recreatie op milieu en natuur is erg complex en hangt af van het type activiteit en de wijze van verplaatsing. Enkele directe negatieve gevolgen van recreatie voor natuur en milieu omvatten de verstoring van planten en dieren, de toename van verkeer en luchtverontreiniging door verplaatsing naar de recreatiebestemming en het ontstaan van zwerfafval. Daarnaast heeft recreatie ook indirecte negatieve gevolgen voor milieu en natuur zoals het ruimtegebruik door recreatieve voorzieningen en de toename van het verkeer om recreatieve voorzieningen te bevoorraden.

Referenties

Relevante informatie

Technische toelichting

Naam van het gegeven

Recreatiedruk per provincie

Omschrijving

Ontwikkeling van de recreatiedruk per provincie door dagrecreatie en toerisme. De recreatiedruk door dagrecreatie is gedefinieerd als het aantal dagtochten per dag per km2; de recreatiedruk door toerisme als het aantal overnachtingen per dag per km2.

Verantwoordelijk instituut

Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS)

Berekeningswijze

De recreatiedruk is berekend als het aantal dagtochten per dag en per km2 (voor dagrecreatie), resp. het aantal overnachtingen per dag en per km2 (voor toerisme)(Laimer, P. en P. öhlbock, 2004).De gegevens over het aantal dagtochten komen uit het CBS-onderzoek Dagrecreatie (CBS, 2008a, 2008b). Dit onderzoek wordt eenmaal per vijf jaar uitgevoerd. De gegevens 2006/2007 betreffen de meest recente onderzoeksperiode, die liep van 1 oktober 2006 tot 1 oktober 2007. In het onderzoek zijn alleen de dagtochten van Nederlanders geregistreerd. Onder een dagtocht wordt verstaan: een recreatieve activiteit waarvoor men ten minste twee uur van huis is (zonder dat daarbij een overnachting elders plaatsvindt, exclusief bezoeken aan familie of kennissen en exclusief dagtochten vanaf een vakantieadres). Iedere dagtocht staat voor één dagrecreant. Meer informatie over het onderzoek Dagrecreatie geeft de korte methodebeschrijving Dagrecreatie (CBS, 2005a).De gegevens over het aantal overnachtingen door buitenlanders zijn afkomstig uit het onderzoek Logiesaccommodaties (CBS, 2013b, 2014c). Dit onderzoek geeft onder andere informatie over het aantal overnachtingen door buitenlanders in de volgende accommodatievormen: hotels, motels, pensions, appartementen met hoteldienstverlening, jeugdaccommodaties en bed & breakfasts (met ten minste 5 slaapplaatsen), huisjescomplexen en groepsaccomodaties (met minimaal 10 slaapplaatsen), en kampeerterreinen (met tenminste 4 toeristische standplaatsen). Meer informatie over het onderzoek Logiesaccommodaties geeft de korte methodebeschrijving Logiesaccommodaties (CBS, 2013d). De gegevens over 2013 sluiten niet geheel aan bij de jaren ervoor. Tussen 2012 en 2013 is er sprake van een kleine trendbreuk waardoor conclusies over de ontwikkeling tussen beide jaren niet goed getrokken kunnen worden. Meer informatie over deze trendbreuk is eveneens te vinden in de korte methodebeschrijving Logiesaccommodaties.Ofschoon het onderzoek Logiesaccomodaties ook informatie geeft over het aantal overnachtingen door Nederlanders, is er voor de gegevens over het aantal overnachtingen door Nederlanders gekozen voor de informatie uit het Continu Vakantie Onderzoek (CBS, 2014a, 2014b). Het Continu Vakantie Onderzoek geeft een vollediger beeld van het aantal overnachtingen door Nederlanders dan het onderzoek Logiesaccomodaties. In het onderzoek zijn de volgende accomodatievormen opgenomen: zomerhuisje, vakantiebungalow, stacaravan, boot, kajuitboot of volkstuinhuisje in bezit van het huishouden, een eigen tent, bungalowtent, tourcaravan, vouwcaravan, vouwwagen, woning van particulier, hotel, pension, bed & breakfast, appartement, camper, jeugdherberg of andere groepsaccommodatie, overige logiesvormen. Op basis van de gegevens over de gemiddelde vakantieduur en het aantal vakanties is het aantal overnachtingen berekend (aantal vakanties x gemiddelde vakantieduur -1 dag). Meer informatie over het Continu Vakantie Onderzoek geeft de korte methodebeschrijving Continu Vakantie Onderzoek (CVO) (CBS, 2005b).In de recreatiedruk door toerisme is de druk van Nederlanders volledig in de berekening meegenomen, maar die van de buitenlanders niet. Bij de berekening van de verblijfsrecreatie door buitenlanders wordt (1) bij logiesaccommodatie een ondergrens gebruikt (alles groter of gelijk aan 5 bedden voor hotels en 20 bedden of slaapplaatsen voor overige typen accommodaties) en (2) het bezoek aan tweede huizen en familie en vrienden niet meegeteld.De gegevens over de totale oppervlakte per provincie zijn betrokken uit de CBS-Bodemstatistiek (CBS, 2013c). Het betreft de oppervlakten inclusief buitenwateren (Waddenzee, Oosterschelde, etc.). Het onderzoek Bodemgebruik vindt één maal per drie jaar plaats. Meer informatie over de Bodemstatistiek geeft de korte methodebeschrijving Bodemgebruik (CBS, 2006).

Basistabel

StatLine: Dagtochten per woonprovincie naar bestemmingsprovincie (CBS, 2008a).StatLine: Dagtochten naar kenmerken (CBS, 2008b).StatLine: Gasten logiesaccomodaties: woonland per regio. (CBS, 2013b).StatLine: Lange vakanties in Nederland naar achtergrondkenmerken (CBS, 2014a).StatLine: Korte vakanties Nederland; achtergrondkenmerken (CBS, 2014b).StatLine: Logiesaccommodaties; gasten, nachten, woonland, logiesvorm, regio (CBS, 2014c).

Geografisch verdeling

Nederland, per provincie.

Verschijningsfrequentie

Gegevens over dagrecreatie: eenmaal per vijf jaar; gegevens over verblijfsrecreatie: jaarlijks. Nieuwe gegevens over dagrecreatie komen half 2015 beschikbaar.

Achtergrondliteratuur

Dagrecreatie (korte methodebeschrijving) (CBS, 2005a).Logiesaccommodaties (korte methodebeschrijving) (CBS, 2013d).Continu Vakantie Onderzoek (CVO) (korte methodebeschrijving) (CBS, 2005b).Laimer, P. en P. öhlbock (2004). Indicators measuring the sustainability of tourism; several considerations and results from the austrian perspective, 7th International Forum on Tourism Statistics Stockholm, Sweden, 9-11 June 2004.

Betrouwbaarheidscodering

Schatting, gebaseerd op een groot aantal (accurate) metingen; de representativiteit is grotendeels gewaarborgd.

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2014). Recreatiedruk per provincie, 2001-2013 (indicator 0525, versie 08 , 26 november 2014 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Print pagina Download PDF

Gerelateerde indicatoren

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.