Compendium voor de Leefomgeving
465 feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte
Water en natuur

Biologische kwaliteit oppervlaktewater, 2013

U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt u via deze link bekijken.

De meeste waterlichamen voldoen niet aan de gewenste biologische kwaliteit in de KRW beoordeling. De biologische kwaliteit wordt beoordeeld met de maatlatten voor algen, waterplanten, vissen en macrofauna.

Biologische kwaliteit onvoldoende

De biologische kwaliteit van het oppervlaktewater is bij 36 van de 720 waterlichamen goed. Bij alle andere waterlichamen is de biologische kwaliteit onvoldoende. De biologische kwaliteit is het belangrijkste onderdeel van de kwaliteitsbeoordeling van de KRW voor de ecologische kwaliteit. Deze resultaten zijn gebaseerd op tussentijdse gegevens van de periode 2009-2013. De eerste rapportage was in 2009 en de tweede rapportage is in 2015.

Biologische kwaliteit verbetert langzaam

De biologische kwaliteit verbetert maar heel langzaam. De tussentijdse beoordelingen van 2009-2013 zijn 4 tot 11 procentpunt verbeterd ten opzichte van de beoordelingen van 2009, maar dat is gevolg van een verandering van de beoordelingsmethode en een mogelijke verbetering van de waterkwaliteit. Uit langdurige trendreeksen van de kwaliteit van macrofauna en waterplanten blijkt dat in de laatste 20 jaar de kwaliteit gemiddeld 5 procentpunt is verbeterd. De effecten van vermesting van het oppervlaktewater komen het beste tot uiting in de maatlat voor algen. De inrichting en het beheer van het water zijn het sterkst gekoppeld met de beoordeling van macrofauna en vissen.

Belangrijke oorzaken

De belangrijkste oorzaken voor de matige tot slechte biologische kwaliteit van het Nederlandse oppervlaktewater zijn:

  • vermesting met de nutriĆ«nten stikstof en fosfor. Deze zorgen voor algengroei.
  • een onnatuurlijke inrichting van het water. De meeste beken zijn recht getrokken en hebben een strakke oever met weinig natuurlijke habitats voor planten en dieren. De meeste meren en kanalen hebben een harde oever van steen, waardoor het oeverecosysteem nauwelijks tot ontwikkeling komt. Het waterpeil is vrijwel altijd een vastgesteld peil, wat de natuurlijke dynamiek beperkt.
  • versnippering door de aanwezigheid van gemalen en stuwen. Vissen kunnen nauwelijks migreren. Vispassages worden aangelegd om dit te verbeteren.
  • bestrijdingsmiddelen zorgen voor sterfte, vooral door piekbelasting kan een grote sterfte van macrofauna optreden.

Referenties

Relevante informatie

Technische toelichting

Naam van het gegeven

Biologische kwaliteit van het oppervlaktewater in de KRW

Omschrijving

De beoordeling van de biologische kwalitiet van de KRW voor het Nederlandse oppervlaktewater.

Verantwoordelijk instituut

PBL, auteur Peter van Puijenbroek

Berekeningswijze

Beoordeling conform de KRW maatlatten systematiek. Zie documentatie Stowa, 2007.

Basistabel

Beoordeling van de waterlichamen voor alle maatlatten. Tussentijdse resultaten afkomstig van http://www.waterkwaliteitsportaal.nl/, data gedownload 16 juni 2014

Geografisch verdeling

Nederland

Verschijningsfrequentie

Eens per 6 jaar wordt gerapporteerd.

Achtergrondliteratuur

VenW, VROM, LNV, 2009. Stroomgebied beheerplan. Rijndelta. Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, Den Haag.

VenW, VROM, LNV, 2009. Stroomgebied beheerplan. Maas. Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, Den Haag.

VenW, VROM, LNV, 2009. Stroomgebied beheerplan. Schelde. Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, Den Haag.

VenW, VROM, LNV, 2009. Stroomgebied beheerplan. Eems. Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, Den Haag.

Puijenbroek, P. van, 2014. De kwaliteit van het Nederlandse oppervlaktewater beoordeeld volgens de KRW. De KRW beoordeling uitgesplitst naar verklarende overzichten. PBL rapport 1355

Betrouwbaarheidscodering

Dit zijn de resultaten van de Stroomgebiedbeheerplannen.

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2014). Biologische kwaliteit oppervlaktewater, 2013 (indicator 1420, versie 02 , 9 september 2014 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.