Verstedelijking

Bundeling wonen in nationale bundelingsgebieden 2000 - 2006

U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt u via deze link bekijken.

Het beleid van de Nota Ruimte is gericht op het bundelen van stedelijke ontwikkelingen in daarvoor aangewezen nationale bundelingsgebieden. Het doel is om het aandeel verstedelijking binnen de bundelingsgebieden minimaal gelijk te houden. In de afgelopen perioden (2000-2004) en (2004-2006) is het bundelingspercentage voor wonen nauwelijks gewijzigd.

Bundeling woningen gelijk gebleven

Het bundelingspercentage van woningen voor heel Nederland is nagenoeg gelijk gebleven op 54%. Ook binnen de verschillende provincies zijn er geen grote veranderingen in het aandeel woningen binnen bundelingsgebied. De bundeling in de provincie Flevoland is door de relatief hoge woningbouwproductie het meest gestegen (ruim 3 procentpunten sinds 2000). Deze stijging vond vooral plaats in periode 2000-2003. Ook de provincies Noord-Brabant en Utrecht laten een relatief hoge bundeling van de netto toevoeging aan de woningvoorraad zien. In de provincies Noord-Holland en Limburg ligt het bundelingspercentage van de na 2000 netto toegevoegde woningen juist lager dan de bundeling van de bestaande voorraad in 2000.
In Groningen is de woningvoorraad binnen het bundelingsgebied in periode 2004-2005 afgenomen. Het gaat hierbij echter om erg kleine absolute aantallen (zowel de afname binnen bundelingsgebied als de toename buiten bundelingsgebied). Hierdoor heeft dit nauwelijks effect op het bundelingspercentage.

Bundeling inwoners ook gelijk gebleven

Bundeling van inwoners binnen nationale bundelingsgebieden is als zodanig geen doelstelling in de Nota Ruimte. Om het beeld compleet te maken is toch ook naar de inwoners gekeken. Hierbij blijkt dat er ook in het aandeel inwoners binnen bundelingsgebieden geen grote veranderingen zijn opgetreden. De bundeling van het aantal inwoners ligt met 52% iets lager dan dat van de woningvoorraad en is sinds 2000 licht toegenomen. De provincies Overijssel en Limburg vormen hierop een uitzondering. In Overijssel is de toename van het aantal inwoners minder gebundeld. De provincie Limburg heeft te maken met een afname van de bevolking en daarbij neemt het aantal inwoners binnen bundelingsgebied harder af dan daarbuiten. In Groningen is in de periode 2004-2006 het aantal inwoners buiten bundelingsgebied afgenomen

Relevante doelstellingen Nota Ruimte

Uitvoeringsdoelstellingen:

  • Bundeling van verstedelijking in bundelinggebieden


Operationele doelstellingen:

  • Ontwikkeling van nationale stedelijke netwerken en stedelijke centra; verbeteren van de leefbaarheid en de sociaaleconomische positie van de steden; behoud en versterking van de variatie tussen stad en land


Algemene doelstellingen:

  • Versterking van de internationale concurrentiepositie van Nederland; krachtige steden; vitaal platteland

Technische toelichting

Naam van het gegeven

Bundeling van wonen binnen nationale bundelingsgebieden

Omschrijving

Aandeel (percentage) van de bestaande woningvoorraad en de netto toevoeging aan de woningvoorraad binnen de nationale bundelingsgebieden

Verantwoordelijk instituut

Planbureau voor de Leefomgeving (PBL)

Berekeningswijze

Woningen uit het CBS woningregister zijn met behulp van het bestand Adrescoördinaten Nederland gelokaliseerd en vervolgens per provincie ingeteld naar ligging binnen of buiten nationaal bundelingsgebied. Door de grote massa van de bestaande woningvoorraad verandert het bundelingspercentage niet zo snel (Ter illustratie: als de totale netto toevoeging aan de woningvoorraad in de periode 2000-2006 buiten bundelingsgebied zou zijn gerealiseerd, dan zou het bundelingspercentage daarmee met 2,5% afnemen). Om de ontwikkeling (afname of toename van bundeling) beter in beeld te krijgen, is daarom ook het bundelingspercentage van de netto toevoeging aan de woningvoorraad in de perioden 2000-2003 en 2004-2005 berekend. Naast woningen zijn door het CBS ook het aantal inwoners uit de GBA ingeteld naar wonen binnen of buiten bundelingsgebied.
Voor de begrenzing van bundelingsgebieden zijn de medio 2007 door provincies vastgestelde grenzen gebruikt, aangevuld met de voorlopige grenzen uit de Nota Ruimte voor de provincies waar nog geen bundelingsgebied was vastgesteld. De door provincies aangewezen regionale bundelingsgebieden zijn buiten beschouwing gelaten.

Basistabel

CBS Woningregister
Adrescoördinaten Nederland (ACN)

Geografisch verdeling

Provincies in Nederland

Opmerking

In de Nota Ruimte zijn voorlopige grenzen van nationale bundelinggebieden aangewezen. Het is de bedoeling dat een definitieve begrenzing door de provincies wordt vastgesteld. Een aantal provincies heeft de grens van het bundelinggebied reeds vastgesteld. Naast het nationale bundelinggebied hebben verschillende provincies ook regionale bundelinggebieden aangewezen. Deze regionale bundelinggebieden zijn bij deze analyse buiten beschouwing gelaten.

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2009). Bundeling wonen in nationale bundelingsgebieden 2000 - 2006 (indicator 2005, versie 02 , 8 december 2009 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.