Bevolking en wonen

Woningen, 2000-2012

U bekijkt op dit moment een archiefversie van een afgesloten indicator. De actuele indicatorversie met de reden voor het afsluiten, kunt u via deze link bekijken.

Op 1 januari 2012 waren er 7,4 miljoen woningen in Nederland. Dat is een toename van 10% ten opzichte van 1 januari 2000. Tussen 2000 en 2012 zijn er 833 duizend woningen gebouwd en ruim 170 duizend gesloopt.

Toename aantal woningen

Het aantal woningen is tussen 2000 en 2012 met 688 duizend gegroeid, dat is een toename van 10%. Nederland telde in 2012 in totaal 7,4 miljoen woningen. In de vier grote steden staan 1,1 miljoen woningen, dat komt neer op 15% van alle woningen. Bijna 46% van alle woningen staan in de Randstad. Dit aandeel is in de afgelopen jaren vrijwel gelijk gebleven. Het Groene Hart, wat deel uitmaakt van de Randstad, omvat slechts 4% van de woningen.
In de periode 2000-2012 zijn er 3 gemeenten die een afname te zien geven in het aantal woningen. Dit komt voor in Delfzijl, Pekela (beiden Gr.) en Ameland (Fr.). In Delfzijl was de afname het gevolg van het groen voor roodproject, in Pekela zijn verouderde huurwoningen gesloopt in het kader van een herstructureringstraject en in Ameland zijn er een aantal woningen overgeheveld naar een officiële recreatiewoning, die niet tot de woningvoorraad worden gerekend. In 11 gemeenten nam het aantal woningen toe met meer dan 30%. In de gemeenten Pijnacker-Nootdorp en Barendrecht nam het zelfs toe met meer dan 60%.

Bouwactiviteit

In de afgelopen 12 jaar zijn er 833 duizend nieuwe woningen gereedgekomen. Dat is een gemiddelde van 64.000 woningen per jaar. In deze eeuw was het jaar 2009 het meest productief met 83.000 nieuwe woningen en was 2010 het minst productief met 56.000 nieuwe woningen. Tussen 2000 en 2012 is er in 2 gemeenten gemiddeld 1 nieuwe woning per jaar gebouwd, namelijk in Vlieland en Muiden.
In dezelfde periode zijn er in totaal 170.500 woningen gesloopt. In 3 gemeenten is er geen enkele woning gesloopt. Dit zijn de gemeenten Vlieland, Rozendaal en Oudewater.
Naast de toename door nieuwbouw en afname door sloop zijn er ook andere bouwactiviteiten zoals veranderen van utiliteitsgebouwen tot woningen en andersom, en administratieve wijzigingen in het register die tot verandering van de woningvoorraad leiden. Deze redenen zorgen voor een toename van 26.100 woningen over de afgelopen 12 jaar.

Nieuwbouw, sloop of verandering

Bij de verdeling naar bouwactiviteiten naar nieuwbouw, sloop of verandering, blijkt dat er in 2 gemeenten meer woningen zijn gesloopt dan nieuw gebouwd. Bij 7 gemeenten zijn er iets meer nieuwe woningen gebouwd dan gesloopt. Bijna al deze gemeenten zijn bezig met stadsvernieuwingsprojecten. Naast de al genoemde gemeenten Delfzijl en Pekela geldt dit ook voor de gemeente Rotterdam. Andersom zijn er 38 gemeenten waar hoofdzakelijk bij minimaal 95% van de bouwactiviteiten, nieuwe woningen worden gebouwd. Deze gemeenten zijn in de meeste gevallen opgenomen in de convenanten over de zogenoemde Vinexlocaties. De grootste locatie hiervan in de afgelopen 12 jaar is de gemeente Almere.

Referenties

Relevante informatie

Technische toelichting

Naam van het gegeven

Woningen, 2000-2012

Omschrijving

Ontwikkeling van woningen en bouwactiviteiten (toevoegingen en onttrekkingen) voor de jaren 1 januari 2000 t/m 1 januari 2012.
De ontwikkeling van de woningen per gemeente tussen 2000 en 2012 is gebaseerd op intellingen van woningen (woningvoorraad inclusief wooneenheden) naar de gemeentegrenzen van 2012.
Woningen: woningvoorraad inclusief wooneenheden op 1 januari.
Bouwactiviteiten: Dit omvat activiteiten die leiden tot het toevoegen van woningen vanwege nieuwbouw of om andere redenen (zoals woningsplitsing of verbouwing van kantoor tot woning) en het onttrekken van woningen door brand, afbraak, verandering van bestemming en andere redenen aan de voorraad.
Een woning is een gebouw, of deel van een gebouw, dat bestemd is voor permanente bewoning door een particulier huishouden.
Een wooneenheid is een tot bewoning bestemd gebouw dat, vanuit bouwtechnisch oogpunt gezien, blijvend is bestemd voor permanente bewoning door een particulier huishouden. Het voldoet aan alle criteria die van toepassing zijn op woningen, behalve aan het hebben van een keukeninrichting die bestemd is voor het bereiden van complete maaltijden en/of het hebben van een toilet. Wel moet de ruimte gelegen zijn in een gebouw dat ter compensatie van deze aan de wooneenheid ontbrekende elementen gemeenschappelijke voorzieningen bevat.
In dit artikel omvat Randstad de volgende provincies: Noord-Holland, Zuid-Holland en Utrecht.

Verantwoordelijk instituut

Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS)

Berekeningswijze

De woning(voorraad)cijfers zijn met ingang van 1992 gebaseerd op de administratieve woningtelling met peildatum 1 januari 1992 en de daarna door de gemeenten aan het CBS gemelde mutaties.
In de figuren is de bouwactiviteit berekend door de toevoegingen te vermeerderen met de onttrekkingen. Voorbeeld: een gemeente telt 1000 woningen in het jaar 2000. Tussen 2000 en 2012 worden er 200 woningen toegevoegd en 50 woningen onttrokken.
Het aandeel bouwactiviteit in percentage van het aantal woningen in 2000 voor deze gemeente is dan 25%.

Basistabel

StatLinetabel: Veranderingen in de woningvoorraad

Geografisch verdeling

Nederland, landsdelen, provincies, COROP-gebieden, stadsgewesten, grootstedelijke agglomeraties, gemeenten.

Verschijningsfrequentie

Twee keer per jaar; het CBS publiceert jaarlijks een voorlopig en definitief cijfer over de woningvoorraad.
Het CBS publiceert per kwartaal over mutaties in de woningvoorraad

Achtergrondliteratuur

Zie voor de methodebeschrijving de onderzoeksbeschrijving van de woningvoorraadstatistiek op de website van het CBS.

Betrouwbaarheidscodering

A (Integrale enquête)

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2012). Woningen, 2000-2012 (indicator 2113, versie 02 , 19 december 2012 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.