Compendium voor de Leefomgeving
465 feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte
Ontwikkelingen in de maatschappij

Beschikbaarheid hoofdinfrastructuur, 2007 - 2011

U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt u via deze link bekijken.

Het onderhoudsniveau van de verhardingen van het hoofdwegennet voldoet aan de normstelling. Die voor de kunstwerken niet meer sinds 2010 door een verhoging van de norm. Spoorweginfrastructuur en geleverde treinpaden voldoen beide aan de norm. Ook bij het hoofdvaarwegennet ligt de realisatie boven de norm.

Hoofdwegennet

De figuur toont zowel de normwaarden als de gerealiseerde waarden voor het basisonderhoudsniveau van het wegennet voor de periode vanaf 2007. Voor de verhardingen kan geconcludeerd worden dat deze over de tijd voldoen aan de normstelling. Het onderhoudsniveau van de kunstwerken (bruggen, viaducten en tunnels) is op een gelijk niveau gebleven, maar omdat de norm in 2010 is verhoogd, werd daarmee in dat jaar de norm niet meer gehaald.

Vanaf 2012 wordt een andere indicator gehanteerd: het percentage van de tijd dat de weg de vereiste functies kan vervullen.

Spoorwegennet

Beschikbaarheid van het spoorwegennet houdt in: het percentage van de tijd dat de spoorweginfrastructuur beschikbaar is voor de treindienst binnen openingstijden. De gemiddelde jaarlijkse beschikbaarheid van het spoor is over de tijd gemeten vrij constant, en voldeed vrijwel steeds aan de norm.

Vanaf 2010 wordt naast de beschikbaarheid van de infrastructuur ook de indicator 'geleverde treinpaden' meegenomen. Dit is waar het de vervoerders als gebruiker van het spoor uiteindelijk om gaat. Vanaf 2012 zal daarom alleen nog maar de 'geleverde treinpaden' gemonitord worden en niet meer de beschikbaarheid van de spoorinfrastructuur. Beide voldoen aan de norm.

Hoofdvaarwegennet

Het onderhoudsniveau wordt gemeten via de indicator 'bak op orde'. Hierbij dient de vaarbak conform de norm uit het vaarwegplan qua vaarwegbreedte en -diepte op basis van vaarwegmarkeringen op orde te zijn. Gemeten wordt het percentage van de tijd dat de vaarbak op orde is. Uit de figuur blijkt dat tussen 2007 en 2010 de realisatie boven de gehanteerde norm ligt.

Vanaf 2012 wordt een andere indicator gehanteerd: de tijdsduur van het jaar dat de vaarweg beschikbaar is.

Beleidsdoelstellingen Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte

De indicator verwijst naar de volgende doelen en nationale belangen:

  • Het verbeteren en ruimtelijk zekerstellen van de bereikbaarheid waarbij de gebruiker voorop staat (bereikbaar)
  • Nationaal belang 7: het in standhouden van het hoofdnet van wegen, spoorwegen en vaarwegen om het functioneren van het mobiliteitssysteem te waarborgen


De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte noemt goed beheer en onderhoud van het bestaande, internationaal vergeleken, zeer zwaar belastte hoofdinfrastructuurnetwerk van wegen, spoorwegen en vaarwegen een basisvoorwaarde voor een robuust mobiliteitssysteem. Betrouwbare netwerken zijn van groot belang.

Referenties

Technische toelichting

Naam van het gegeven

Beschikbaarheid hoofdinfrastructuur

Omschrijving

Onderhoudssituatie van de hoofdinfrastructuurwerken (hoofwegen, spoorwegen en hoofdvaarwegen)

Verantwoordelijk instituut

Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM), auteur: Peter Jorritsma

Geografisch verdeling

Nederland

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2012). Beschikbaarheid hoofdinfrastructuur, 2007 - 2011 (indicator 2156, versie 01 , 20 september 2012 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.