Klimaatverandering

Opgesteld vermogen zonnestroom, 2018-2020

In 2020 is het opgestelde vermogen van zonnepanelen 10.949 megawatt. Dit blijkt uit de voorlopige cijfers van het CBS Centraal Bureau voor de Statistiek. Grootschalig vermogen (van meer dan 15 kilowatt vermogen) is de afgelopen 2 jaar substantieel meer toegenomen (tot 6.358 MW) dan dat van kleinschalige installaties -van 15 kilowatt vermogen of minder (tot 4.591 MW).

Zonneparken op veld dragen voor 19 procent bij aan het totaal aan opgesteld zonnevermogen. Daarbij is in de jaren 2019 en 2020 het vermogen grootschalig 'zon-op-veld' veel sterker toegenomen (280 procent, met een jaarlijkse groei van 95 procent) dan het grootschalige vermogen 'zon-op-dak' (totale groei van 171 procent), en nog meer dan het kleinschalige vermogen 'zon-op-dak' (85 procent). De provincie Noord-Brabant heeft van alle provincies in 2020 het grootste vermogen voor de opwekking van zonnestroom, dat is 16 procent van het landelijke vermogen van alle installaties. Voor alleen zonneparken op veld leidt provincie Groningen de landelijke ranglijst met 26 procent van het totaal opgestelde vermogen.

Ontwikkeling van groot- en kleinschalige installaties

Bij de doelstelling in het Klimaatakkoord voor de decentrale productie van hernieuwbare elektriciteit wordt onderscheid gemaakt tussen grootschalige installaties voor zonne-energie (van meer dan 15 kilowatt vermogen) en kleinschalige installaties (van 15 kilowatt vermogen of minder). De reden voor dit onderscheid is dat het beleidsinstrument waarmee het Rijk het behalen van de doelstelling mogelijk maakt, de SDE++, zich met subsidies alleen richt op de grootschalige zon-PV installaties en niet op de kleinschalige installaties. De elektriciteitsproductie van grootschalige installaties telt daarom wel mee voor het behalen van de 35 terawattuur doelstelling in het Klimaatakkoord en die van kleinschalige installaties niet. Voor de bijdrage uit kleinschalige installaties is in het Klimaatakkoord een autonome groei verondersteld tot een productie van 7 terawattuur in 2030.
Voor het behalen van de doelstelling uit het Klimaatakkoord van 35 terawattuur uit windenergie en grootschalige installaties zon-PV op veld en water (niet op zee) in 2030 is het van belang om inzicht te krijgen op de ontwikkeling van het opgestelde vermogen voor grootschalige zon-PV installaties. De ontwikkeling van kleinschalige installaties is eveneens van belang omdat het energiesysteem en met name de elektriciteitsinfrastructuur ook daarvoor geschikt moet zijn.
Grootschalig vermogen is in 2020 substantieel meer geworden (6.358 MW) dan dat van kleinschalige installaties (4.591 MW). Het totaal opgesteld vermogen van zonnepanelen in Nederland groeide van 2018 naar 2020 met 6.340 megawatt naar 10.949 megawatt. Dit is een toename van 138 procent ten opzichte van 2018; een toename van 199 procent bij grootschalige en 85 procent bij kleinschalige installaties.

Verhouding tussen zon op veld en zon op dak

Wat betreft de grootschalige installaties is er de afgelopen jaren een toename geweest van zonneparken die in veldopstelling zijn ontwikkeld, soms ten koste van de kwaliteit van het landelijk gebied. Om te stimuleren dat locaties zorgvuldig worden uitgekozen, heeft het Rijk in samenwerking met medeoverheden en andere stakeholders een voorkeursvolgorde zon uitgewerkt. Deze voorkeursvolgorde die in de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) is opgenomen, geeft de voorkeur aan het benutten van daken voor het aanleggen van zon-PV boven een veldopstelling, om daarmee zo veel mogelijk landbouw- en natuurgronden te kunnen ontzien.

Grootschalig zon op veld met 95 procent per jaar gestegen

Enkel kijkend naar de grootschalige installaties zon-PV, blijkt dat het aandeel van zon-op-veld (2.027 megawatt) ongeveer de helft is van zon-op-dak (4.330 megawatt). Van kleinschalig zonnevermogen is dit aandeel niet precies bekend, maar het bevindt zich voornamelijk op daken. Hiermee komt het aandeel zonneparken op veld op 19% van het totaal aan opgesteld vermogen aan zon-PV.
Dit aandeel is de afgelopen 2 jaar sterk toegenomen. Van 2018 tot en met 2020 is grootschalig zon-op-veld met een jaarlijkse percentage van 95 procent gestegen. Dat is een totale toename van 280 procent, veel meer dan de toename van het grootschalige vermogen 'zon-op-dak' (171 procent), en nog meer dan die van het kleinschalige vermogen (85 procent). In totaal nam het vermogen aan zonnestroom in deze periode toe met 138 procent.

Ruimtelijke verdeling van vermogen zon-PV over de provincies

De provincie Noord-Brabant heeft van alle provincies in 2020 het grootste vermogen voor de opwekking van zonnestroom (1.732 megawatt). Daar ligt ook het grootste vermogen zon-op-dak in Nederland (829 megawatt grootschalig en 781 megawatt kleinschalig zon-op-dak). Na Noord-Brabant heeft de provincie Gelderland een grote hoeveelheid kleinschalig en grootschalig zon op dak, gevolgd door de Randstedelijke provincies Noord-Holland en Zuid-Holland.
Wat betreft zon-op-veld is de provincie Groningen verreweg de grootste met een vermogen van 511 megawatt. In deze provincie liggen de grootste zonneparken van Nederland.
Na de provincie Groningen volgt Drenthe met een vermogen zon-op-veld van 241 megawatt, op de voet gevolgd door Friesland (207 megawatt) en Zeeland (163 megawatt).

Referenties

Technische toelichting

Naam van het gegeven

Opgesteld vermogen zonnestroom

Omschrijving

Ontwikkeling van kleinschalige en grootschalige zonnevermogen installaties in 2018-2020, op dak en op veld

Verantwoordelijk instituut

Planbureau voor de Leefomgeving (PBL)

Berekeningswijze

De indicator is gebaseerd op CBS cijfers over "Zonnestroom; vermogen en vermogensklasse, bedrijven en woningen, regio". De indicatie van een veldopstelling van zonnestroominstallaties is gebaseerd op de SDE, en voor de grotere installaties vanaf 1 megawatt op aanvullende controles. Het is mogelijk dat er meer veldopstellingen zijn, maar die zijn nog niet op basis van de gebruikte databronnen als zodanig aan te wijzen. Deze vallen nu nog onder 'dak'-opstelling.

Basistabel

Zonnestroom; vermogen en vermogensklasse, bedrijven en woningen, regio

Geografisch verdeling

Provincies

Verschijningsfrequentie

2 jaar

Betrouwbaarheidscodering

A. Integrale waarneming.

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2022). Opgesteld vermogen zonnestroom, 2018-2020 (indicator 2183, versie 02 , 3 augustus 2022 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.