Compendium voor de Leefomgeving
617 feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte
Emissie naar lucht, water en bodem

Emissie broeikasgassen, 1990-2001

U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt u via deze link bekijken.

Ontwikkeling emissie broeikasgassen

De emissies van broeikasgassen in Nederland was in 2001 ongeveer 3% hoger dan in 1990. De laatste jaren blijven de totale Nederlandse broeikasgasemissies vrijwel stabiel. De afname van niet-CO2-emissies, compenseert de verdere toename van de kooldioxide(CO2)-emissie. De CO2-emissie is ook in 2001, een jaar waarin de economische groei daalde tot 1%, blijven toenemen. Dit komt doordat de fysieke productie in de industrie en het verbruik van elektriciteit vrijwel even hoog waren als in jaren met hoge economische groei. Sinds 1990 is de CO2-emissie vooral gestegen door toegenomen productie en gebruik van elektriciteit bij huishoudens en in de industrie. Verder vertoont de CO2-emissie bij verkeer een doorgaande stijgende trend. Bij de niet CO2-broeikasgassen daalt met name de emissie van fluorhoudende gassen (HFK, PFK, SF6) vanaf 1998, na jarenlang een gestage stijging te hebben vertoond. Dit is grotendeels het gevolg van twee maatregelen in de industrie. De emissie van methaan (CH4) neemt sinds 1990 af. De afname van het storten van afval leidt tot minder CH4-emissie uit stortplaatsen. De emissie van lachgas (N2O) is in 2001 licht gedaald.

Beleid

Nederland heeft zich met ratificatie van het Kyoto Protocol tot doel gesteld om in de periode 2008-2012 6% minder broeikasgassen uit te stoten dan in 1990. Het daarvoor benodigde beleid is beschreven in de Uitvoeringsnota Klimaatbeleid (VROM, 2001).

Relevantie

De emissies van de broeikasgassen CO2, CH4, N2O en van de F-gassen HFK's, PFK's en SF6 zijn onderdeel van het Klimaatverdrag en het Kyoto Protocol van de Verenigde Naties. Toenemende emissies leiden tot een versterkt broeikaseffect.

Methodiek

De CO2-emissie is berekend conform de RIVM-IPCC-methode, inclusief een temperatuurcorrectie (Spakman et al., 1997).

Door een verbetering van de monitoring van de niet-CO2-broeikasgassen sinds 2001 is de emissie van F-gassen met terugwerkende kracht over de gehele periode naar beneden toe bijgesteld (1995 is nu 8,2 miljard kg CO2-equivalenten; was 10,3 miljard kg). Ook de N2O-emissie van de chemische industrie zijn door het beschikbaar komen van meetgegevens voor de gehele reeks fors naar beneden bijgesteld.

Referenties

  • CBS (2001). De Nederlandse Energiehuishouding; jaarcijfers 2000. Centraal Bureau voor de Statistiek, Voorburg/Heerlen.
  • CBS/Statline. Centraal Bureau voor de Statistiek, Voorburg/Heerlen.
  • CCDM (2002). Emissiemonitor, Jaarcijfers 2000 en ramingen 2001. Rapportagereeks MilieuMonitor, nr. 6. Co√∂rdinatiecommissie Doelgroepmonitoring, Den Haag.
  • Spakman, J., M.M.J. van Loon, R.J.K. van der Auweraert, D.J. Gielen, J.G.J. Olivier en E.A. Zonneveld (1997). Methode voor de berekening van broeikasgasemissies. Publicatiereeks Emissieregistratie nr.37, Den Haag.
  • VROM (2001). Uitvoeringsnota Klimaatbeleid . Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu, Den Haag.

Relevante informatie

  • Informatie over de actuele en toekomstige ontwikkelingen voor het thema verandering van het klimaat is te vinden in:
  • RIVM (2000). Nationale Milieuverkenning 5 200-2030. Samsom bv, Alphen aan den Rijn.
  • RIVM (2002). Milieubalans 2002. Kluwer, Alphen aan den Rijn.
  • Informatie over de plannen van politieke partijen met betrekking tot klimaatbeleid is te vinden in 'Verkiezingen 2002' (RIVM, rapportnr. 408¬†129¬†025, Bilthoven).

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, Wageningen UR (2002). Emissie broeikasgassen, 1990-2001 (indicator 0165, versie 03 , 2 oktober 2002 ). www.compendiumvoordeleefomgeving.nl. CBS, Den Haag; Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag/Bilthoven en Wageningen UR, Wageningen.

CLO.nl is een samenwerkingsverband van PBL, CBS en Wageningen UR.