Verstedelijking

Bundeling werken binnen nationale bundelingsgebieden, 2000-2014

U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt u via deze link bekijken.

Ruim de helft van de bedrijfsvestigingen en bijna 60 procent van het aantal arbeidsplaatsen ligt binnen de nationale bundelingsgebieden verstedelijking. Het aandeel bedrijfsvestigingen is in de periode 2000-2014 met 1,6 procentpunt toegenomen. Tegelijkertijd is het aandeel arbeidsplaatsen licht afgenomen met 0,5 procentpunt.

Bundeling bedrijfsvestigingen licht toegenomen

In de Nota Ruimte zijn nationale bundelingsgebieden voor verstedelijking aangewezen. Het doel daarbij was dat bij nieuwe stedelijke ontwikkelingen het aandeel verstedelijking binnen deze bundelingsgebieden ten minste gelijk zou blijven. Dit doel is losgelaten met de inwerkingtreding van de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR). Het aandeel bedrijfsvestigingen binnen nationale bundelingsgebieden is in de periode 2000-2014 toegenomen, terwijl het aandeel arbeidsplaatsen licht is afgenomen. Voor heel Nederland is het aandeel bedrijfsvestigingen tussen 2000 en 2014 met 1,6 procentpunt toegenomen en het aandeel arbeidsplaatsen is met 0,5 procentpunt afgenomen. In de meest recente analyseperiode (2012 - 2014) is het aandeel bedrijfsvestigingen met 0,5 procentpunt en het aandeel arbeidsplaatsen met 0,2 procentpunt toegenomen.

Bundeling werken per provincie

In het merendeel van de provincies was de toename van bedrijfsvestigingen binnen bundelingsgebied groter dan daarbuiten. Alleen in Drenthe, Gelderland, Overijssel en Limburg was dit niet zo. In Overijssel en Limburg is het aandeel bedrijfsvestigingen binnen bundelingsgebied in 2014 kleiner dan in 2000. De bundelingsgebieden in deze provincies liggen in regio's waar de bevolking krimpt (Zuid-Limburg) of minder sterk groeit dan in de rest van de provincie (Twente). Bij de helft van de provincies met bundelingsgebied is het aandeel arbeidsplaatsen binnen bundelingsgebied in 2014 kleiner dan in 2000. Dit is het geval in Limburg, Overijssel, Noord-Holland, Gelderland en Noord-Brabant. In de meest recente analyseperiode (2012 - 2014) nam het aantal arbeidsplaatsen in Nederland af. In de provincies Zuid-Holland, Noord-Brabant, Utrecht en Flevoland was de afname binnen bundelingsgebied groter dan daarbuiten. In Flevoland en Noord-Brabant daalde hierdoor het aandeel arbeidsplaatsen binnen bundelingsgebied. In de provincies Friesland en Zeeland zijn geen nationale bundelingsgebieden aangewezen.

Beleidsdoelstellingen Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte

De minister van IenM heeft aan de Tweede Kamer toegezegd ook de doelen uit de Nota Ruimte die in de SVIR zijn losgelaten, te blijven monitoren. Het gaat hierbij om beleid waarvan de minister tijdens de Kamerbehandeling van de ontwerp-Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte expliciet heeft aangegeven dat het niet is gedecentraliseerd, maar is 'losgelaten'. Het beleid is niet expliciet overgedragen aan de decentrale overheden, daardoor staat het hen vrij dit beleid te continueren dan wel te wijzigen of te beëindigen. Het betreft dan ook nadrukkelijk een indicator van losgelaten rijksbeleid, en niet van beleid van andere overheden. Voor het monitoren van dit losgelaten rijksbeleid is gebruik gemaakt van bestaande indicatoren uit de voormalige Monitor Nota Ruimte die, vaak in gewijzigde vorm, zijn geactualiseerd. Het gaat om indicatoren op het gebied van verstedelijking (bundeling en verdichting) en open ruimte en landschap (ruimtelijke ontwikkelingen in Rijksbufferzones en Nationale Landschappen).

Referenties

Technische toelichting

Naam van het gegeven

Bundeling van werken (bedrijfsvestigingen en arbeidsplaatsen) in nationale bundelingsgebieden verstedelijking, 2000-2014

Omschrijving

Het aandeel bedrijfsvestigingen en arbeidsplaatsen binnen nationale bundelingsgebieden verstedelijking en de veranderingen tussen 2000 en 2014 uitgesplitst naar provincies.

Verantwoordelijk instituut

Planbureau voor de Leefomgeving (PBL)

Berekeningswijze

Bedrijfsvestigingen uit het LISA-vestigingenregister zijn via een koppeling met adrescoördinaten Nederland (ACN) en basisregister adressen en gebouwen (BAG) van coördinaten voorzien. Vervolgens is de ligging ten opzichte van nationale bundelingsgebieden verstedelijking bepaald. Verandering van aantal vestigingen en arbeidsplaatsen binnen en buiten bundelingsgebieden zijn berekend en de aandelen binnen bundelingsgebied per provincie.

Basistabel

LISA vestigingenregister

Geografisch verdeling

Nederland, provincies

Opmerking

Als gevolg van historische correcties in het LISA-bestand, wijken de gegevens af van in eerdere versies van deze indicator gepresenteerde cijfers.

Betrouwbaarheidscodering

Schatting gebaseerd op een groot aantal (zeer accurate) metingen, waarbij representativiteit van de gegevens vrijwel volledig is.

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2016). Bundeling werken binnen nationale bundelingsgebieden, 2000-2014 (indicator 2006, versie 06 , 7 september 2016 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.