Stikstofoxiden in lucht, 1992-2025
De concentraties stikstofoxiden (NOx) in de lucht zijn sinds het begin van de jaren negentig gestaag gedaald. Deze afname is het gevolg van maatregelen om de uitstoot van stikstofoxiden te verminderen. De afgelopen jaren lijken de gemeten concentraties echter te stabiliseren. Een belangrijke oorzaak is dat de huidige maatregelen steeds meer de grenzen bereiken van wat er aan verdere reductie mogelijk is. Weersomstandigheden zijn waarschijnlijk de oorzaak van de lichte stijging van de jaargemiddelde concentraties stikstofoxiden op regionale achtergrond- en stedelijke achtergrondmeetstations in 2025. Het is nog niet bekend of er ook meer stikstofoxiden zijn uitgestoten in 2025.
Jaargemiddelde stikstofoxiden in 2025
In 2025 was de gemeten jaargemiddelde concentratie stikstofoxiden (NOx) op regionale achtergrondmeetstations 12,2 µg/m³, op stedelijke achtergrondmeetstations 19,7 µg/m³ en op verkeersbelaste meetstations 31,9 µg/m³.
Stedelijke achtergrondstations zijn meetpunten die binnen de bebouwde kom liggen, maar wel op afstand van directe uitstootbronnen. Regionale achtergrondstations zijn meetpunten die op enige afstand van bebouwing en industrie staan. Verkeersbelaste meetstations zijn meetpunten direct langs snelwegen, drukke stedelijke wegen of verkeersknooppunten.
Dalende trend jaargemiddelde stikstofoxiden stabiliseert
Sinds begin jaren negentig daalden de gemeten concentraties stikstofoxide gestaag. Vanaf 1992 was een duidelijke dalende trend zichtbaar in de stikstofoxidenconcentraties op alle typen meetstations. In 2025 was de jaargemiddelde concentratie op verkeersbelaste meetstations met 81% afgenomen ten opzichte van 1992 (van 172,6 naar 31,9 µg/m3). Op stedelijke achtergrondmeetstations bedroeg de daling 76% (van 82,7 naar 19,7 µg/m3). Op regionale achtergrondmeetstations was sprake van een afname van 70% (van 39,8 naar 12,2 µg/m3). Deze cijfers illustreren dat de concentraties stikstofoxiden de afgelopen decennia op alle locaties aanzienlijk zijn teruggelopen. Deze daling is het gevolg van maatregelen die de overheid heeft genomen om de emissie van stikstofoxiden te verminderen. Deze maatregelen vonden voornamelijk plaats in het weg- en overig verkeer, de landbouw en de internationale scheepvaart.
De afgelopen jaren lijkt de daling echter te stabiliseren. Daarvoor zijn verschillende verklaringen. De belangrijkste reden is dat de huidige maatregelen steeds meer de technologische en beleidsmatige grenzen bereiken van wat er aan verdere reductie mogelijk is.
Ruimtelijke verdeling concentratie stikstofoxiden in 2025
De figuur 'Kaart 2025' geeft de gemodelleerde ruimtelijke verdeling weer van grootschalige jaargemiddelde concentraties stikstofoxiden (NOx) voor 2025 (voor meer informatie: Grootschalige kaarten van de luchtkwaliteit en depositie in Nederland). Op deze kaart is te zien dat de hoogste concentraties stikstofoxiden langs wegen en in stedelijke omgevingen voorkomen.
Lichte stijging concentraties in 2025 door droogte en lage windsnelheid
In vergelijking met het jaar daarvoor steeg in 2025 de jaargemiddelde concentratie stikstofoxiden op regionale achtergrond- en stedelijke achtergrondmeetstations. Het jaar 2025 was een uitzonderlijk droog jaar met een lage windsnelheid. Dat kan een verklaring zijn voor de lichte stijging in concentraties op stedelijke achtergrond- en regionale achtergrondmeetstations. Of de hogere gemeten concentraties te verklaren zijn door een stijging van de uitstoot in 2025, is nog niet bekend. De emissiecijfers van 2025 zijn nog niet beschikbaar, zodat nog niet kan worden vastgesteld of de uitstoot daadwerkelijk hoger was dan in 2024. Zie ook de figuur ‘Trend jaargemiddelden 1992-2025’.
Wat is stikstofoxide?
Stikstofoxiden (NOx) is een verzamelnaam voor twee gassen: stikstofmonoxide (NO) en stikstofdioxide (NO2). Deze gassen komen vooral vrij bij het verbranden van brandstoffen, bijvoorbeeld in wegverkeer en industrie (Mijnen-Visser et al., 2025). De jaargemiddelde concentratie van stikstofoxiden wordt berekend volgens de som NOx = NO [stikstofmonoxide] + NO2 [stikstofdioxide].
Waarom daalt stikstofdioxide langzamer dan stikstofoxiden?
De gemeten daling van de concentratie stikstofoxiden (NOx) in de lucht gaat sneller dan de afname van de concentratie stikstofdioxide (NO2) alleen. Dit gebeurt om twee redenen: ten eerste stoten vooral nieuwere auto’s steeds minder stikstofmonoxide (NO) uit, maar juist wat meer stikstofdioxide. Ten tweede wordt stikstofmonoxide in de lucht door een reactie met ozon (O3) omgezet naar stikstofdioxide. Door deze oorzaken daalt de hoeveelheid stikstofdioxide in de lucht minder snel dan de totale hoeveelheid stikstofoxiden.
Zie ook: Stikstofdioxide in lucht
Nadelige effecten stikstofoxiden op de natuur
Stikstofoxiden in de lucht hebben nadelige effecten op onder andere de natuur. In bladeren worden stikstofoxiden in het bladvocht omgezet in stikstofverbindingen, wat kan leiden tot directe bladschade. Deze bladschade tast de celstructuur van bladeren aan, verstoort de fotosynthese en maakt planten gevoeliger voor ziekten.
Ook dragen de stikstofoxiden in de lucht bij aan verzuring en vermesting van de bodem en het oppervlaktewater. Dat komt doordat in de atmosfeer omzetting plaatsvindt van stikstofdioxide naar nitraataerosol en dat slaat vervolgens neer op de bodem en het water. Nitraataerosol levert ook een bijdrage aan de fijnstofconcentraties. Daarnaast dragen stikstofoxiden samen met vluchtige organische stoffen (VOS) bij aan de vorming van ozon in de lucht op leefniveau. Ozon is slecht voor de gezondheid en vegetatie, zie ook Ozon in lucht en volksgezondheid en Ozon in lucht en vegetatie.
EU-grenswaarde ter bescherming van vegetatie niet meer overschreden
De Europese Unie (EU) heeft voor de bescherming van vegetatie tegen langdurige blootstelling aan stikstofoxiden een kritiek niveau vastgesteld voor de jaargemiddelde concentratie van stikstofoxiden. Dit kritieke niveau bedraagt 30 µg/m3 en geldt specifiek voor natuurgebieden met een minimale omvang (Omgevingsregeling). Alleen in het uiterste noorden van Nederland, zoals de Waddenzee, is toetsing volgens de Europese systematiek mogelijk. Op regionale achtergrondmeetstations in deze gebieden ligt de jaargemiddelde concentratie stikstofoxiden al jaren ruim onder de 30 µg/m³.
De Europese luchtkwaliteitsrichtlijn stelt voor toetsing aan het kritieke niveau van stikstofoxiden voor de bescherming van vegetatie een aantal eisen aan de minimale omvang van natuurgebieden en aan de locatie van monsternemingspunten van stikstofoxiden. Het gebied moet minimaal 1000 km2 groot zijn en de meetpunten moeten minimaal 5 km van stikstofbronnen zoals snelwegen en industrie liggen. Conform deze eisen in de Richtlijn zijn in Nederland vrijwel geen natuurgebieden te vinden waar getoetst kan worden aan dit kritieke niveau.
In 2024 heeft de Europese Unie een nieuwe richtlijn luchtkwaliteit vastgesteld. In de nieuwe richtlijn blijft het kritieke niveau voor stikstofoxiden gelijk (EU, 2024).
Overschrijding kritische depositiewaarden stikstof
Naast directe schade voor vegetatie door verhoogde concentraties in de lucht dragen stikstofoxiden ook bij aan de stikstofdepositie. Deze depositie zorgt voor een belasting van de Nederlandse natuur met stikstof. In grote delen van de Nederlandse natuur is sprake van een overschrijding van de kritische depositiewaarden voor stikstof. Voor meer informatie zie de informatiepagina over stikstof op de site van het RIVM en overschrijding van kritische depositiewaarde in Natura 2000-gebieden.
De NEC-richtlijn: reductiedoel op uitstoot stikstofoxiden emissies
Voor Nederland gelden emissieplafonds voor een aantal luchtverontreinigende stoffen. Die zijn vastgelegd in de zogeheten National Emission Ceilings (NEC) richtlijn 2016/2284 (EU, 2016). Voor stikstofoxiden was in Nederland een emissiereductiedoel gesteld van 45% voor de periode tussen 2005 en 2020. Aan deze reductiedoelstelling is inmiddels voldaan. Vanaf 2030 moet de emissie 61% lager zijn dan in 2005. Voor meer informatie zie Grootschalige luchtverontreiniging: Uitstoot van NEC-stoffen.
Bronnen
- EU (2024) Richtlijn 2024/2881 van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2024 betreffende de luchtkwaliteit en schonere lucht voor Europa herschikking).
- EU (2016) Richtlijn (EU) 2016/2284 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2016 betreffende de vermindering van de nationale emissies van bepaalde luchtverontreinigende stoffen, tot wijziging van Richtlijn 2003/35/EG en tot intrekking van Richtlijn 2001/81/EG, Publicatieblad van de Europese Unie, L 244/1.
- Mijnen-Visser, S., De Jongh, L.A., Hazelhorst, S.B., Hoogerbrugge, R., Soenario, I., Stolwijk, G.J.C., de Vries, R.J., Zuidberg, S., (2025), Grootschalige concentratiekaarten Nederland Rapportage 2025, RIVM rapport 2025-0034, Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven.
Relevante informatie
- CLO > Stikstofdioxide in lucht
- CLO > Ozon in lucht en volksgezondheid
- CLO > Ozon in lucht en vegetatie
- CLO > Emissies naar lucht door verkeer en vervoer
- CLO > Emissies naar lucht door wegverkeer
- CLO > Relatie tussen emissies en gemeten concentraties luchtkwaliteit
- CLO > Emissie naar lucht door de industrie
- CLO > Emissie naar lucht door de energievoorzieningen
- CLO > Emissie naar lucht door huishoudens
- CLO > Overschrijding van kritische depositiewaarde in Natura 2000-gebieden
- IPLO > Lucht | Informatiepunt Leefomgeving
- IPLO > Uitleg NEC-richtlijn | Informatiepunt Leefomgeving
- EU > Informatie over het luchtkwaliteitsbeleid van de Europese Unie (Engelstalig)
Technische toelichting
- Naam van het gegeven
Jaargemiddelde concentratie van stikstofoxiden in lucht
- Omschrijving
Concentratie van stikstofoxiden in Nederland op basis van meetgegevens van het Landelijk Meetnet Luchtkwaliteit (RIVM, LML), de GGD Amsterdam en DCMR (www.luchtmeetnet.nl; https://data.rivm.nl/data/luchtmeetnet/).
- Verantwoordelijk instituut
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
- Berekeningswijze
Jaargemiddelde concentraties berekend uit uurwaarden. Voor een geldig jaargemiddelde moet er als eerste selectiecriterium minimaal 75% aan meetdata beschikbaar zijn per kalenderjaar voor gebruik in trendfiguren. Voor de gespecificeerde jaren (2011-2025) moet een station daarnaast minstens op 75% van de jaren een geldig jaargemiddelde hebben (dat voortkomt uit de eerste selectie). Alleen binnen de jaarreeks 2011-2025 wordt gefilterd op deze twee criteria. Voor alle andere jaren worden alle stations meegenomen die 75% in een jaar gemeten hebben.
- Basistabel
Gegevens Luchtkwaliteit (GELUK) van het Centrum Milieukwaliteit van het RIVM. Met daarin gegevens van het LML, de GGD Amsterdam en de DCMR.
- Geografische verdeling
1) De trendfiguur 1992-2025 is gebaseerd op meetgegevens van een wisselend aantal meetstations per jaar, namelijk 20 tot 26 regionale achtergrondstations, 6 tot 20 stedelijke achtergrondstations, en 8 tot 24 verkeersbelaste stations.
2) De figuur ‘Kaart 2025’ is gebaseerd op de uitkomsten van de Grootschalige Concentratiekaarten Nederland (GCN)-berekeningen voor 2025.- Andere variabelen
Het Landelijk Meetnet Luchtkwaliteit (LML) levert ook informatie over andere luchtverontreinigende stoffen als ammoniak, fijnstof, koolmonoxide, ozon, stikstofdioxide en zwaveldioxide.
- Verschijningsfrequentie
Jaarlijks
- Achtergrondliteratuur
Zie 'Referenties'.
- Opmerking
1. De stikstofoxideconcentratie is de som van NO2 en NO (in ppb (parts per billion)): NOX = NO2 + NO. De eenheid waarin stikstofoxiden (NOx), een mengsel van stikstofdioxide (NO2) en stikstofmonoxide (NO), worden uitgedrukt is µg NO2/m3. In het LML worden metingen van NO en NO2 concentraties gemeten in µg/m3. De molmassa van NO2 en NO zijn bekend en daarmee kan NOx (molmassa onbekend) berekend en uitgedrukt worden in de concentratie van NO2.
2. De spreiding in de figuur wordt begrensd door de onder- respectievelijk bovengrens van de gemeten concentraties.3. Sinds de vorige versie van deze CLO-indicator is er voor enkele jaren data van meer meetstations toegevoegd. Hierdoor kunnen voor historische data kleine verschuivingen in de berekende concentraties optreden ten opzichte van voorgaande indicator versies.
- Betrouwbaarheidscodering
Trend 1992-2025: C (Schatting, gebaseerd op een groot aantal (accurate) metingen; de representativiteit is grotendeels gewaarborgd).
Kaart: C (Schatting, gebaseerd op een groot aantal (accurate) metingen; de representativiteit is grotendeels gewaarborgd).
Archief van deze indicator
Bekijk meer Bekijk minder
Referentie van deze webpagina
CLO (2026). Stikstofoxiden in lucht, 1992-2025 (indicator 0493, versie 10, ), www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.