Oppervlak en concentratie bloembollenteelt en boomteelt, 2000-2008

Oppervlak en concentratie bloembollenteelt en boomteelt

U bekijkt op dit moment een afgesloten indicator. Deze indicator wordt niet meer bijgewerkt. De reden hiervoor staat hieronder vermeld. De archiefversies van deze indicator (indien aanwezig) zijn nog wel beschikbaar.

Deze indicator, die verbonden is aan de monitoring van de Nota Ruimte, wordt niet meer bijgehouden (de Nota Ruimte is geen vigerend ruimtelijk beleid meer).

In de periode 2006-2008 is de bundeling van zowel de boomteelt als de bollenteelt gelijk gebleven of licht achteruit gegaan. Het oppervlak boomteelt nam toe met 10%, terwijl het oppervlak bloembollenteelt met 3% toenam.

Greenports en landbouwontwikkelingsgebieden

Het ruimtelijk rijksbeleid wil de vitaliteit van de boom- en bloembollenteelt onder andere versterken door deze teelten te concentreren in Greenports en landbouwontwikkelingsgebieden voor de boom- en bloembollenteelt.

Boomteelt

Naast concentraties in Boskoop, in de Betuwe, rond Venlo en ten zuiden van Breda komen er veel verspreide boomteeltlocaties voor in Nederland. Boomkwekerijen zijn vooral te vinden in de zuidoostelijke helft van het land op de zandgronden.

De oppervlakte boomteelt in Nederland nam in de periode 2006-2008 met 10% toe, het aantal bedrijven nam in deze periode met 5% af. Dit wijst op een verdere schaalvergroting. Was het gemiddelde jaarlijkse groeipercentage van het oppervlak in de periode tot 2004 2%, van 2004 tot 2006 was dit gemiddelde bijna 7%, maar van 2006 tot 2008 is het gezakt tot 5%.

In het concentratiegebied Boskoop kwam er 47 ha (+6%) bij terwijl het aantal bedrijven met 50 afnam. De bundeling van het oppervlak boomteelt bleef gelijk, die van de bedrijven nam af met 1 procent. De grotere ontwikkelingen in de boomteelt vinden vooral buiten de Randstad plaats. Maar de groei is beduidend minder dan in de periode 2004-2006. Zo nam deze bedrijfstak in Overijssel, Drenthe, Flevoland en Gelderland jaarlijks met 7% of meer toe, terwijl in Noord-Holland sterke groei is omgeslagen naar een afname van 4% tussen 2006 en 2008. Het areaal boomteelt is het omvangrijkst in Noord-Brabant, Limburg, Gelderland en Overijssel.

Ontwikkeling concentratie boomteelt in de periode 2000-2008 
Boomteelt: aantal bedrijven, oppervlak in ha en bundelingpercentage   
 2000200420062008 
 BedrijvenHaBedrijvenHaBedrijvenHaBedrijvenHa
Totaal Nederland414611435350512364351114068335215492
verspreid366410794300011565301913234291014611
geconcentreerd482641505800492834442881
Bundelingspercentage (%)12%6%14%6%14%6%13%6%
Bron: CBS Meilandbouwtellingen, bewerking door LEI en PBL 

Bollenteelt

In de periode 2006-2008 nam het totaal areaal bollenteelt in Nederland toe met 3% tot 24.330 ha.

De verspreide bollenteelt nam in de periode 2006-2008 jaarlijks minder fors toe dan in de voorgaande twee jaar. Alleen de provincies Drenthe en Gelderland kennen nog groeipercentages van meer dan 6% in deze periode. In Zeeland en Groningen blijft het areaal afnemen en nu ook in Utrecht na de forse groei in de periode 2004-2006.

Na een stilstand in de periode 2004-2006 van de gemiddelde jaarlijkse groei in de Greenpoort de Bollenstreek wordt de periode 2006-2008 gekenmerkt door groeicijfers van tegen de 4%. De andere concentratiegebieden laten echter een veel geringere of geen groei zien.

Het landelijk bundelingpercentage voor de oppervlakte bollenteelt is licht afgenomen tot 41% in 2008. Ook wat betreft de bundeling van het aantal bedrijven is sprake van een afname van de bundeling, van 39% in 2006 tot 38% in 2008.

Naast de traditionele concentraties in de Bollenstreek en de kop van Noord-Holland zijn gebieden met relatief veel bollenteelt te vinden in de Noordoostpolder, Goeree Overflakkee en Noord-Limburg.

Ontwikkeling concentratie bloembollenteelt, 2000-2006
Bloembollenteelt: aantal bedrijven, oppervlak in ha en bundelingpercentage 
 2000200420062008
 BedrijvenHaBedrijvenHaBedrijvenHaBedrijvenHa
Totaal Nederland271022543235723520213723515197224330
verspreid155512730140013667130213723121814379
geconcentreerd11559813957985283597927549950
bundelingsprecentage (%)43%44%41%42%39%42%38%41%
Bron: CBS Meilandbouwtellingen, bewerking door LEI en PBL

Relevante doelstellingen Nota Ruimte

Uitvoeringsdoelstellingen:

  • Bundeling van niet grondgebonden landbouw


Operationele doelstellingen:

  • Duurzame en vitale landbouw


Algemene doelstellingen:

  • Versterking van de internationale concurrentiepositie van Nederland; vitaal platteland; borging en ontwikkeling van belangrijke (inter)nationale ruimtelijke waarden

Bronnen

Technische toelichting

Naam van het gegeven
Oppervlak en concentratie bloembollenteelt en boomteelt
Omschrijving
Ruimtelijke ontwikkeling bloembollenteelt en boomteelt en de mate van concentratie van deze teelten in de betreffende landbouwontwikkelingsgebieden.
Verantwoordelijk instituut
Planbureau voor de Leefomgeving (PBL)
Berekeningswijze
Het LEI (Landbouw Economisch Instituut) heeft op basis van de resultaten van de Meilandbouwtelling van 2000, 2002, 2004, 2006 en 2008 tellingen binnen de concentratie- en overige gebieden uitgevoerd voor de oppervlakte van de boomkwekerij open grond en die van bloembollen en knollen open grond alsmede van het aantal bedrijven.
In de meilandbouwtelling wordt de telling opgenomen en gelokaliseerd op het registratieadres van de boer. Omdat uit de landbouwtellingen niet duidelijk wordt waar de percelen precies liggen, is verder als uitgangspunt genomen dat wanneer de bedrijfsgebouwen (registratieadressen) binnen de bundelingsgebieden / gemeenten liggen, wordt verondersteld dat de bijbehorende grond ook binnen deze gebieden ligt. Dit geldt ook bij de zogenaamde zwervende bollenkraam: bollentelers uit West-Nederland huren land in de rest van Nederland (goede bollengrond in de concentratiegemeenten is schaars, uitbreiding is daar niet goed mogelijk). Deze grond wordt in de meitelling gekoppeld aan de adresregistratie van de gebruiker/huurder en niet aan die van de grondeigenaar. Dit verschijnsel kan tot een hogere concentratie of bundeling leiden dan feitelijk het geval is.
De specifieke concentratiegebieden voor de boomteelt rond Boskoop en het bloembollengebied in Zuid-Holland staan in de streekplannen. De andere in de Nota Ruimte genoemde concentratiegebieden voor de bloembollenteelt zijn nog niet concreet begrensd. In overleg met DGR en LNV is besloten de betreffende gemeenten als geheel mee te nemen als zogenaamde concentratiegemeenten. Deze gemeenten zijn in het geel aangegeven op de kaart. De groene gemeenten zijn de gemeenten die een gedeelte van het concentratiegebied voor de boomteelt rond Boskoop binnen hun grenzen hebben. Ten opzicht van de voorgaande metingen zijn de bundelinggebieden voor de boomteelt en bollenteelt niet gewijzigd, maar zijn de gegevens, ook voor de voorgaande tijdstippen, opnieuw ingeteld. Voor de bloembollenteelt is de oppervlakte aan bloembollen en knollen op open grond vanaf het individuele bedrijfsniveau gesommeerd voor het specifieke concentratiegebied de Bollenstreek, de concentratiegemeenten (een ruimte interpretatie voor de concentratiegebieden Kennemerland, het Noordelijk Zandgebied, de Hollandse Bloementuin en nog enkele door LNV aangegeven gebieden) en voor de rest van Nederland naar provincie.
De spreidingsbeelden zijn vooral visueel ruimtelijk bedoeld en zijn afkomstig uit andere bronnen dan de meilandbouwtelling. De definities van boomkwekerij en bloembollen van deze spreidingsbeelden verschillen dus met die van de CBS Meilandbouwtelling.Bij deze indicator is de opengronds bloemkwekerij teelt buiten beschouwing gelaten.
Basistabel
-
Geografische verdeling
Nederland, provincies, concentratiegebieden.
Verschijningsfrequentie
-
Betrouwbaarheidscodering
-

Archief van deze indicator

Bekijk meer Bekijk minder

Referentie van deze webpagina

CLO (2010). Oppervlak en concentratie bloembollenteelt en boomteelt, 2000-2008 (indicator 2036, versie 03, ), www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.