Ontwikkelingen in de maatschappij

Milieubewust gedrag, 1994-2001

U bekijkt op dit moment een archiefversie van een afgesloten indicator. De actuele indicatorversie met de reden voor het afsluiten, kunt u via deze link bekijken.
  1994 1995 1996 1997 1998 1999 2000 2001
 
%              
Milieugedrag                
Drank in statiegeldverpakking 72 70 71 71 70 68 67 66
Afvalglas naar de glasbak 90 91 91 90 90 90 89 89
Groente-, fruitafval gescheiden van overig afval inleveren 66 76 77 80 78 76 75 74
Tuinafval gescheiden van overig afval inleveren 61 70 74 92 92 92 90 92
Chemisch afval naar speciaal inzamelpunt brengen 81 83 83 86 85 84 83 85
Oud papier en karton gescheiden van overig afval inleveren 86 87 89 89 89 89 88 89
Bij boodschappen doen altijd eigen tas gebruiken 82 82 82 80 80 79 78 78
 
Bron: CBS. CBS/MC/okt02
1) Bij personen van 18 jaar of ouder.

Drank in statiegeldverpakking

Er is een enigszins dalende tendens zichtbaar in het kopen van drank in statiegeldverpakking. In 2000 meldde nog slechts 67% van de volwassen Nederlanders dat het huishouden waartoe men behoort 'vaak' of 'altijd' drank in statiegeldverpakking koopt.

Gescheiden inzameling van afval

Het aantal huishoudens dat afvalglas naar de glasbak brengt is de laatste jaren vrijwel constant. Ook het gedrag ten aanzien van het gescheiden inleveren van tuinafval, het brengen van chemisch afval naar speciale inzamelpunten en het gescheiden inleveren van oud papier en karton verandert de laatste jaren nauwelijks. Het aantal huishoudens dat groente- en fruitafval zegt gescheiden in te leveren, lijkt de laatste jaren te dalen.

Andere milieugerichte maatregelen

(Niet in de tabel, zie de toelichting onder methodiek.)
In 2000 gaf een meerderheid van de bevolking aan dat ze 'soms' of 'vaak' allerlei maatregelen ter bevordering van het milieu nemen. Van de tien personen maken er zeven gebruik van zogenoemd recycle papier, ruim zes hebben spaarlampen, zeven à acht een verbeterd of hoog rendement CV-ketel, acht bezuinigen op het verbruik van licht en eveneens acht op water, en ruim vijf hebben een waterbesparende douchekop. Er is echter ook sprake van het gebruik van middelen die minder goed voor het milieu zijn. Gevraagd naar milieuschadelijke huishoudmiddelen geven bijna acht van de tien personen aan dat ze bleekmiddelen gebruiken en ruim zeven van de tien chemische toiletverfrissers.

Vervoerskeuze

Een andere ingang om milieugedrag te inventariseren is de vervoerskeuze. Voor afstanden in de buurt wordt meestal de fiets (42%) of de auto (39%) gebruikt. Verder geeft 14% aan dat ze de afstanden in de buurt lopend afleggen, 4% maakt gebruik van het openbaar vervoer en 2% kiest voor een andere vervoerswijze. Voor de grotere afstanden is evenwel de auto het meest populair: 82% maakt hiervan gebruik, gevolgd door het openbaar vervoer (15%) en de fiets (1%). In het onderzoek naar de Afgelegde afstand per persoon per dag worden ook gegevens verzameld over vervoerskeuzen.Een andere indicator betreft het vervoermiddel voor de dagelijkse boodschappen, waarvoor 41% de auto kiest, 38% de fiets en 20% loopt. Het openbaar vervoer is nauwelijks een optie voor de alledaagse boodschappen. Voor het woon-werkverkeer gebruikt een meerderheid (55%) de auto, 26% de fiets en 14% het openbaar vervoer. Zo'n 3% is in de gelegenheid om te voet naar het werk te gaan en 3% gaat daar op een andere wijze naar toe. Het carpoolen kent nog geen brede belangstelling onder de automobilisten. Driekwart maakt daar geen gebruik van, 11% soms en 13% vaak.

Methodiek

Voor de kenmerking in de tabel is informatie vanaf 1994 voorhanden. De overige in de toelichting genoemde aspecten zijn in 1999 aan het Permanent Onderzoek Leefsituatie toegevoegd. Voor deze aspecten kan nog geen trend worden gepresenteerd.

Referenties

Relevante informatie

  • Meer informatie over het milieubewust gedrag is te vinden op Statline (CBS).

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2002). Milieubewust gedrag, 1994-2001 (indicator 0033, versie 03 , 14 oktober 2002 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.