Compendium voor de Leefomgeving
482 feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte
Natuurlijke hulpbronnen

Gebruiksfuncties van de Noordzee, 2005/2009

U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt u via deze link bekijken.

Het Nederlands Continentaal Plat wordt intensief gebruikt. Economische gebruiksfuncties als scheepvaart, visserij en de winning van gas, olie en oppervlaktedelfstoffen staan op gespannen voet met de natuurfuncties van de Noordzee.

Het is druk op de Noordzee

De Noordzee is niet de lege ruimte die het lijkt vanaf de wal. Op het Nederlands Continentaal Plat (NCP), het Nederlands deel van de Noordzee ter grootte van 57 duizend km2, vindt een groot aantal activiteiten plaats. Deze eisen allemaal ruimte, en een aantal staat op gespannen voet met elkaar en met de natuurfuncties van het gebied. De boomkorvisserij, scheepvaart en aanvoer van nutriënten vormen de grootste bedreigingen. Een speciaal risico loopt de kustzone: deze kent een stapeling van gebruiksfuncties, waardoor een cumulatie van milieudruk optreedt met daaraan verbonden extra negatieve milieueffecten.

Scheepvaart

De Noordzee is één van de drukst bevaren zeeën ter wereld. Milieu en veiligheid zijn belangrijke thema's van het Nederlandse zeescheepvaartbeleid. De inspanningen richten zich vooral op het beperken van de gevolgen van ongevallen. Om het drukke verkeer voor de Nederlandse kust in goede banen te leiden zijn er verkeersscheidingsstelsels aangelegd. De scheepvaartroutes mogen niet door militaire oefengebieden lopen. Scheepvaartroutes kunnen eens in de vijf jaar ten behoeve van de mijnbouw worden gewijzigd. Het totale routeringssysteem omvat ongeveer 6 procent van het NCP (3 600 km2) (Noordzeeloket, 2009).

Visserij

Het NCP wordt druk bevist door boomkorkotters (die vooral schol en tong vangen) en vriestrawlers (die onder andere op haring en makreel vissen). De Nederlandse vissersvloot is vooral in het zuidelijke en oostelijke deel van de Noordzee actief. Binnen de 12-mijlszone en in de zogenaamde 'Scholbox' ten noorden van de Waddeneilanden en in de Duitse Bocht, is vissen alleen toegestaan voor schepen met een motorvermogen van minder dan 300 pk (Noordzeeloket, 2009).
Als gevolg van de grote visserijdruk zijn veel commerciële visbestanden overbevist. Het visserijbeleid richt zich op een goede balans tussen visserij en natuur op basis van een duurzaam beheer van de visbestanden. Men tracht dit door diverse maatregelen te bewerkstelligen.

Olie- en gaswinning

Op 1 januari 2008 is voor bijna 45 procent van het NCP vergunning uitgegeven voor de opsporing en winning van olie en gas (EZ, 2008). Voor de opsporing, winning en het vervoer van olie en gas is een uitgebreid netwerk van platforms en pijpleidingen aangelegd. Binnen een straal van 500 meter van de platforms en pijpleidingen zijn in verband met de veiligheid geen andere activiteiten mogelijk.
In totaal ligt er 3 700 km pijpleiding op het NCP en zijn er 130 platforms (situatie 2009). Hiervan is 200 km pijpleiding niet meer in gebruik. Het gewonnen gas wordt naar een aantal verzamelpijpleidingen gevoerd die aanlanden bij Velsen, Callantsoog en Uithuizen. De oliepijpleidingen komen aan wal bij Hoek van Holland en IJmuiden (Noordzeeloket, 2009).

Baggeren

Jaarlijks wordt in Nederland ongeveer 30 miljoen kubieke meter baggerspecie verwijderd om de vaargeulen op diepte te houden en oppervlaktedelfstoffen te winnen. Het storten van baggerspecie in zee is gebonden aan de Wet Verontreiniging Zeewater. Relatief schone baggerspecie wordt in zee gestort op plaatsen nabij de havens van Rotterdam, Scheveningen en IJmuiden. Ongeveer 2 miljoen kubieke meter baggerspecie is te verontreinigd en moet in een depot gestort worden (Noordzeeloket, 2009).

Zand-, schelpen- en grindwinning

De winning van zand, schelpen en grind op het NCP is aan vergunningen gebonden. Jaarlijks wordt er circa 25 miljoen m3 zand gewonnen. Hiervan wordt ongeveer de helft gebruikt als ophoogzand op het land en de andere helft als kustsuppletie. De hoeveelheden gewonnen grind en schelpen zijn veel kleiner (Noordzeeloket, 2009).

Kabels voor telecommunicatie en elektriciteit

In 2009 ligt er op de bodem van het NCP een netwerk van ongeveer 4 000 kilometer kabels voor telecommunicatie en elektriciteit. Kabels moeten op een bepaalde diepte liggen en mogen bepaalde gebieden niet doorkruisen omdat die gereserveerd zijn voor andere activiteiten. Kabels en pijpleidingen voor de olie- en gaswinning vallen onder de Mijnwetgeving (Noordzeeloket, 2009).

Militaire activiteiten

Ruim 7 procent van het NCP (4 200 km2) wordt voor militaire doeleinden gebruikt. Het militair gebruik omvat vooral gebieden waar militaire oefeningen worden gehouden. Daarnaast zijn er enkele munitiestortplaatsen die niet meer actief gebruikt worden, maar waar nog oude vorraden liggen.
Andere gebruiksvormen kunnen in militaire gebieden maar in beperkte mate worden toegestaan. Er vindt afstemming plaats tussen het militaire en het civiele gebruik (zoals visserij en niet routegebonden scheepvaart) omdat niet alle militaire oefengebieden dagelijks in gebruik zijn (Noordzeeloket, 2009).

Windturbineparken

Het winnen van windenergie door middel van windmolenparken op zee is een nieuwe gebruiksfunctie. Eind 2009 zijn er op het NCP 2 windmolenparken in werking. In het najaar van 2006 is het eerste windmolenpark van 36 molens voor de kust bij Egmond aan Zee gerealiseerd (met een vermogen van 108 MegaWatt). Halverwege 2008 is voor de kust bij IJmuiden een tweede windmolenpark van 60 molens in bedrijf gesteld (ter grootte van 120 MegaWatt). Eind 2009 zijn er 12 definitieve vergunningen voor nieuwe windmolenparken op de Noordzee.

Beleid

Het streven om de economische en natuurfuncties van de Noordzee beter met elkaar af te stemmen, heeft geresulteerd in afzonderlijke hoofdstukken voor de Noordzee en de kust in de Nota Ruimte (VROM, e.a., 2004). Als uitwerking daarvan is het Integraal Beheerplan Noordzee (IBN2015) vastgesteld (V&W, e.a., 2005).
Er zijn ook diverse internationale afspraken over de Noordzee. Zo geldt op het NCP ook EU-regelgeving. Deze heeft voornamelijk betrekking op waterkwaliteit, natuur en milieu en visserij (o.a. Basisverordening Visserij, Kaderrichtlijn water en de Habitat- en Vogelrichtlijn). Ook gelden er een groot aantal internationale verdragen, zoals het OSPAR-verdrag. Dit verdrag bevat o.a. internationale afspraken over de beperking van de toevoer van verontreinigende stoffen naar de Noordzee, de veiligheid van de scheepvaart en delfstoffenwinning, en de vermindering van de overbevissing.

Referenties

Relevante informatie

Technische toelichting

Naam van het gegeven

Gebruiksfuncties van de Noordzee

Omschrijving

De indicator geeft in de vorm van kaarten een presentatie van de ruimtelijke ligging van 5 belangrijke gebruiksfuncties van het Nederlands Continentaal Plat: zandwinlocaties, baggerstortplaatsen, kabels, militaire gebieden, olie- en gasplatforms en -pijpleidingen, en routeringsmaatregelen voor het verkeer. De gepresenteerde kaarten zijn afkomstig uit de Noordzeeatlas.

Verantwoordelijk instituut

Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) op basis van gegevens uit de websites Noordzeeatlas en Noordzeeloket. Deze websites zijn een initiatief van het Interdepartementaal Directeuren Overleg Noordzee (IDON), dat een coördinerend orgaan is voor Noordzeezaken. In IDON zijn de volgende ministeries vertegenwoordigd: Verkeer en Waterstaat, VROM, LNV, Economische Zaken, Defensie, Buitenlandse Zaken en Financiën.

Berekeningswijze

De ligging wordt ingemeten met behulp van een navigatiesysteem (o.a. DGPS). De ingemeten posities worden omgerekend naar kaartcoördinaten met de ED50-projectie.

Basistabel

De website Noordzeeatlas

Geografisch verdeling

Nederlands Continentaal Plat (NCP) van de Noordzee

Andere variabelen

De Noordzeeatlas bevat kaarten en teksten over een groot aantal andere onderwerpen. Er zijn onder andere kaarten beschikbaar over de chemische kwaliteit van bodem en water, en de ligging Habitat- en Vogelrichtlijngebieden, gebieden Kaderrichtlijn water, Scholbox, en Mijnbouwgebieden.

Verschijningsfrequentie

Actualisatie vindt met grote regelmaat plaats

Achtergrondliteratuur

De kaarten en informatie zijn afkomstig uit de websites Noordzeeloket en Noordzeeatlas

Opmerking

De kaarten zijn op zeer kleine schaal getekend. Daardoor zijn direct uit deze kaarten afgeleide posities erg onbetrouwbaar. Betrouwbare posities zijn te verkrijgen bij het Noordzeeloket.

Betrouwbaarheidscodering

B (schatting op basis van een groot aantal (zeer accurate) metingen, waarbij representativiteit van de gegevens vrijwel volledig is).

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2010). Gebruiksfuncties van de Noordzee, 2005/2009 (indicator 0064, versie 05 , 5 januari 2010 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.