Concentratie broeikasgassen, 1950-2023
De mondiaal gemiddelde concentraties van koolstofdioxide (CO2), methaan (CH4), distikstofoxide (N2O) en diverse fluorhoudende gassen in de atmosfeer zijn al decennialang aan het stijgen. Uitzondering zijn enkele fluorhoudende broeigasgassen die onder het Montreal Protocol vallen. De totale toename van de concentratie van al deze broeikasgassen in de atmosfeer leidt tot verdere klimaatverandering.
Inleiding broeikasgaseffect
Door de aanwezigheid van broeikasgassen in de atmosfeer wordt er warmtestraling vanuit het aardoppervlak vastgehouden, wat mede het klimaat op aarde bepaalt. Zonder deze gassen zou het ongeveer 33 graden kouder zijn dan nu. De belangrijkste broeikasgassen zijn waterdamp (H2O), koolstofdioxide (CO2), methaan (CH4), ozon (O3), distikstofoxide of lachgas (N2O), en gehalogeneerde koolwaterstoffen (CFKs, HFKs, PFKs en SF6). Daarnaast bevat de atmosfeer deeltjes of aerosolen, zoals sulfaat, roet en nitraat, die ook invloed uitoefenen op het klimaat (IPCC, 2021). De atmosferische concentratie van veel broeikasgassen en deeltjes wordt bepaald door zowel menselijk handelen als natuurlijke processen. Met name in de laatste 50 jaar nemen de concentraties voornamelijk toe door menselijke activiteiten, die te maken hebben met het gebruik van fossiele brandstoffen en landgebruik.
Mondiale concentratie koolstofdioxide stijgt verder
De mondiaal gemiddelde concentratie van koolstofdioxide (CO2) is in 2023 gestegen naar 419 ppm (deeltjes per miljoen luchtdeeltjes) en in 2024 naar 423 ppm (voorlopig cijfer) (NOAA, 2025, AGAGE, 2025). Daarmee is de concentratie ruim 6% hoger dan in 2015, en 49% boven het gemiddelde pre-industriële niveau (het gemiddelde van de periode 1750-1850, 282 ppm). Het groeitempo in de jaren '90 bedroeg gemiddeld 1,4 ppm per jaar. Dit steeg in de periode 2000-2010 tot gemiddeld circa 1,8 ppm per jaar en tot 2,3 ppm per jaar in de periode 2015-2024.
De stijging van de CO2-concentratie wordt grotendeels veroorzaakt door emissies die samenhangen met menselijke activiteiten, met name in China, de Verenigde Staten, Europa en India (IPCC, 2013; PBL, 2017b); de emissies in Europa nemen de laatste jaren wel af. CO2 komt vooral vrij bij de verbranding van fossiele brandstoffen en bij de omvorming van bosgebieden naar landbouwgronden.
De CO2-concentratie wordt verlaagd door opname door planten (met name bossen) en door oceanen. Daarnaast is er een natuurlijk afbraak, maar dat proces duurt honderden jaren.
Methaanconcentratie meer dan dubbele dan voor de industrialisatie
Methaan (CH4) is het op één na belangrijkste broeikasgas (na CO2). De mondiaal gemiddelde CH4-concentratie is in 2023 verder gestegen naar 1921 ppb (deeltjes per miljard luchtdeeltjes) en in 2024 naar 1930 ppb (voorlopig cijfer). De concentratie in 2023 is hiermee ruim 2,5 keer zo hoog als de gemiddelde pre-industriële concentratie van circa 756 ppb en bijna 98 ppb (+5%) hoger dan 10 jaar eerder. In de afgelopen twee jaar is de jaarlijkse stijging weer teruggekomen op het oude niveau van de periode 2014-2019 (circa 8,5 ppb per jaar), na een snellere stijging in de jaren 2020 tot 2022. In 2020 tot 2022 steeg de methaanconcentratie met bijna 16 ppb per jaar, wat waarschijnlijk voor twee derde veroorzaakt is door emissies direct gekoppeld aan menselijke activiteiten (veeteelt en landbouw, fossiele energieproductie en afval), en voor één derde aan quasi-antropogene/natuurlijke processen (met name veengebieden, die door opwarming meer methaan uitstoten) (Mitchel et al, 2025, WMO, 2024). In de periode 2000-2006 was de stijging heel beperkt, met in 2001, 2004 en 2005 zelfs een daling ten opzichte van jaar daarvoor.
Voor methaan geldt dat een groot deel van de emissies (circa 40%) uit natuurlijke bronnen komt, zoals (opwarmende) veengebieden en termieten. Het deel dat vrijkomt door menselijk handelen is vooral het gevolg van veeteelt, van de productie van kolen, olie en gas, van rijstproductie en van afval (vuilstortplaatsen en afvalwater). Verder kunnen ook de stijgende emissies uit permafrost in arctische gebieden indirect toegerekend worden aan menselijk handelen, omdat deze emissies toenemen door de temperatuurstijging (Neumann et al. 2019; Masyagina and Menyailo 2020; Yuan, et al., 2024). Op basis van metingen lijken deze laatste methaanemissies echter tot op heden beperkt te zijn (WMO, 2024).
Methaan ontstaat voornamelijk bij rottingsprocessen. Methaan verdwijnt weer uit de atmosfeer door chemische processen onder invloed van zonlicht. Gemiddeld blijft een methaanmolecuul ongeveer 12 jaar in de atmosfeer. Hoe lang precies, verschilt van jaar tot jaar, door bijvoorbeeld de variabiliteit van het weer en aanwezigheid van andere gassen. Wel is de verblijftijd van methaan in de atmosfeer relatief kort, vergeleken met bijvoorbeeld dat van CO2.
Concentratie distikstofoxide neemt verder toe
De mondiaal gemiddelde concentratie in de atmosfeer van distikstofoxide of lachgas (N2O) kwam in 2023 uit op 337 ppb (deeltjes per miljard luchtdeeltjes) en in 2024 voorlopig op 338 ppb (voorlopig cijfer). Dit is een stijging van circa 3% (+9 ppb) ten opzichte van 10 jaar eerder; bijna 24% boven het pre-industriële gemiddelde. N2O is van grote invloed op klimaat door de sterke warmte-absorberende werking (circa 250 maal zo groot als die van CO2) en lange verblijftijd; het duurt meer dan 100 jaar voordat een molecuul lachgas uit de atmosfeer is verdwenen.
Distikstofoxide komt vooral vrij door landbouwactiviteiten, waaronder het gebruik van dierlijke mest en de productie en het gebruik van kunstmest.
Fluorhoudende koolwaterstoffen
Een andere categorie van broeikasgassen is die van fluorhoudende gassen zoals chloor-fluor-koolwaterstoffen (CFK), zwavelhexafluoride (SF6), gehalogeneerde fluorkoolwaterstoffen (HFK), en perfluorkoolwaterstoffen (PFK). Van nature komen de meeste van deze gassen niet voor in de atmosfeer. Zij komen vrij bij verschillende industriële productieprocessen en producten. Voorbeelden zijn het gebruik en de productie van koelvloeistoffen (HFK-134a wordt bijvoorbeeld voornamelijk gebruikt als koelmiddel in airconditioners van auto's) en elektrische isolatoren bij hoogspanningsleidingen (bij hun productie komt bijvoorbeeld SF6 vrij).
Fluorhoudende gassen komen in kleinere hoeveelheden voor dan de eerder beschreven stoffen, en de concentratie wordt daarom vaker gegeven in ppt, het aantal deeltjes per triljoen (1000 miljard) luchtdeeltjes. Wel hebben ze in het algemeen een sterke broeikaswerking. Beleidsmatig vallen de chloorhoudende fluorhoudende broeikasgassen (zoals CFK’s, HCFK’s en CH3CCl3) onder het Montrealprotocol, bedoeld om de ozonlaag te beschermen (UNEP, 1987), en de andere fluorhoudende gassen onder het Klimaatverdrag van 1993 (HFK, PFK, SF6).
Trend in concentraties chloorhoudende fluorkoolwaterstoffen varieert
Al snel nadat het Montrealprotocol in 1989 in werking trad, begonnen de concentraties van chloorhoudende fluorkoolwaterstoffen (CFK’s) in de atmosfeer te dalen. In 2023 was die daling circa 4,5% ten opzichte van de piekconcentratie in 2008. Belangrijke CFK’s zijn CFK-11 en CFK-12. Hun concentratie is in 2023 met respectievelijk 19% (naar 216 ppt) en 10% (naar 489 ppt) gedaald ten opzichte van de hoogste concentratie in respectievelijk 1993 en 2003 (AGAGE, 2025).
De concentraties van sommige HCFK's (chloorfluorkoolwaterstoffen die ook waterstof (H) bevatten) dalen niet in recente jaren; concentraties nemen nog steeds toe of zijn gestabiliseerd (AGAGE, 2025). Met name HCFK-22 steeg nog in de laatste jaren van 225 in 2013 naar 249 ppt in 2023 (+11%). De bijdrage van deze groep stoffen aan het klimaateffect is echter nog vrij gering. HCFK’s worden relatief snel afgebroken in de atmosfeer in vergelijking met CFK's, waardoor de bijdrage aan het klimaateffect naar verwachting ook beperkt blijft.
Concentraties niet-chloorhoudende fluorkoolwaterstoffen nemen toe
Andere fluorhoudende broeikasgassen zijn HFK’s, PFK’s en SF6. Zij breken de ozonlaag niet af. Daarom vallen deze stoffen niet onder het Montréal Protocol, maar onder het Klimaatverdrag. HFK’s worden veelal gebruikt als vervangers van de CFK’s. De concentratie van deze broeikasgassen is nog laag, maar vertoont een sterk stijgende lijn (AGAGE, 2025). Zo is de concentratie van HFK-32 in de atmosfeer van nul in 2000 gestegen naar 8 ppt in 2013 en door naar 38 ppt in 2023; een stijging van bijna een factor vijf in laatste tien jaar. Hierbij komt ook dat de totale bijdrage aan de stralingsforcering van alle broeikasgassen toenemen, omdat de levensduur van veel van deze gassen zeer lang (>1000 jaar) is.
Ook de concentratie van de perfluorkoolwaterstoffen (PFK’s) CF4 en C2F6 blijft in de recente jaren toenemen. De mondiaal gemiddelde concentratie van CF4 bedroeg in 2023 ongeveer 89 ppt. Dit is een stijging van circa 1 ppt (+1%) ten opzichte van een jaar eerder, in lijn met de gemiddelde stijging over de laatste twintig jaar. De concentratie van C2F6 was in 2023 ongeveer 2% hoger dan in 2022 (nu 5,2 ppt), terwijl de jaarlijkse toename rond het jaar 2000 nog ongeveer 10% was.
In 2023 bedroeg de gemiddelde concentratie van zwavelhexafluoride (SF6) in de atmosfeer ruim 11 ppt, wat een stijging is van ongeveer 39% (+3 ppt) ten opzichte van tien jaar eerder.
Klimaatverdrag en na te streven concentraties in de atmosfeer
Het Klimaatverdrag van de Verenigde Naties (UNFCCC, 1993; Rio de Janeiro) heeft als doel om de concentraties van broeikasgassen in de atmosfeer te stabiliseren op een niveau waarbij een gevaarlijke beïnvloeding van het klimaat door menselijk handelen wordt vermeden. Deze ‘gevaarlijke beïnvloeding van het klimaat’ is eind 2015 in Parijs vertaald naar het beperken van de opwarming van de aarde tot ruim onder 2 graden ten opzichte van het pre-industriële klimaat, met 1,5 graad als streefwaarde (UNFCCC, 2015). Om dit te bereiken moeten de mondiale emissies van broeikasgassen sterk worden gereduceerd.
Het Kyoto Protocol uit 1997 (UNFCCC, 1997; Kyoto), was een eerste aanzet voor mondiale emissiereductie. CO2, CH4, N2O, HFKs, PFKs en SF6 vallen onder het Kyoto Protocol. In Parijs is hier een vervolg op gegeven door scherpere doelstellingen op de lange termijn te formuleren (UNFCC, 2015).
Diverse studies hebben het 1,5°C en 2°C-doel vertaald naar niveaus waarop de concentraties van broeikasgassen in de atmosfeer zich zouden moeten stabiliseren (IPCC, 2014; PBL, 2017; Riahi et al, 2021; Van Vuuren et al, 2025). Deze studies laten zien dat de concentratieniveaus van alle broeikasgassen – inclusief methaan, lachgas en ozon - nog maar beperkt mogen stijgen, waarbij de mate van toename afhangt van het temperatuurdoel en met welke zekerheid men de doelen wil halen.
Bronnen
- AGAGE 2024 Advanced Global Atmospheric Gases Experiment. Internet: http://agage.eas.gatech.edu/data_archive/agage/gc-ms-medusa/monthly/ for CFC-113 HCFC-22, HCFC-141b, HCFC-142b HFC-125, HFC-134a, HFC-152a, HFC-365mfc, HFC-23 Halon-1211, Halon-1301 CH3Cl, CH2Cl2, CHCl3, CH3Br CH3CCl3, CHClCCl2, CCl2CCl2 SF6, SO2F2 PFC-14, PFC-116, PFC-218 HFC-227ea HFC-236fa HFC-245fa
- AGAGE 2024 Advanced Global Atmospheric Gases Experiment. Internet: http://agage.eas.gatech.edu/data_archive/agage/gc-md/monthly/ for CH4, N2O, CO, H2, CFC-11, CFC-12, CH3CCl3, CCl4, CFC-113, and CHCl3
- Dlugokencky et al. (2009) Observational constraints on recent increases in the atmospheric CH4 burden. GRL, 36, doi:10.1029/2009GL039780
- Dlugokencky (2015) NOAA/ESRL, www.esrl.noaa.gov/gmd/ccgg/trends_ch4
- GCP, 2008: http://www.globalcarbonproject.org/global/pdf/GCP_CarbonBudget_2007.pdf
- IPCC (2013) Climate Change 2013 Climate Change 2013: The Physical Science Basis. Working Group 1 Contribution to the Fifth Assessment Report of the Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC). Technical Summary en Chapter 8 (Anthropogenic and Natural Radiative Forcing).
- IPCC (2014) Climate Change 2014 Mitigation of Climate Change. Working Group 3 Contribution to the Fifth Assessment Report of the Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC). Technical Summary en Chapter 6 (Assessing Transformation Pathways)
- Keeling, C.D. and T.P. Whorf (2002). Atmospheric CO2 records from sites in the SIO air sampling network. In Trends: A Compendium of Data on Global Change. CDIAC, Oak Ridge National Laboratory, U.S. DoE, Oak Ridge, Tenn., U.S.A.
- Levin, I. et al. (2010). The global SF6 source inferred from long-term high precision atmospheric measurements and its comparison with emission inventories. Atmos. Chem. Phys., 10, 2655–2662, 2010.
- Masyagina, O. V., and O. V. Menyailo. 2020. The impact of permafrost on carbon dioxide and methane fluxes in Siberia: A meta-analysis. Environmental Research 182:109096. doi.org/10.1016/j.envres.2019.109096
- Meinshausen, M., Meinshausen, N., Hare, W., Raper, S. C. B., Frieler, K., Knutti, R., Frame, D. J. & Allen, M. (2009) Greenhouse gas emission targets for limiting global warming to 2°C. Nature, 458: 1158-1163;
- Meinshausen, M., E. Vogel, A. Nauels, K. Lorbacher, N. Meinshausen, D. M. Etheridge, P. J. Fraser, S. A. Montzka, P. J. Rayner, C. M. Trudinger, P. B. Krummel, U. Beyerle, J. G. Canadell, J. S. Daniel, I. G. Enting, R. M. Law, C. R. Lunder, S. O'Doherty, R. G. Prinn, S. Reimann, M. Rubino, G. J. M. Velders, M. K. Vollmer, R. H. J. Wang, and R. Weiss. 2017. Historical greenhouse gas concentrations for climate modelling (CMIP6). Geosci. Model Dev. 10:2057-2116.
- Neumann, R. B., C. J. Moorberg, J. D. Lundquist, J. C. Turner, M. P. Waldrop, J. W. McFarland, E. S. Euskirchen, C. W. Edgar, and M. R. Turetsky. 2019. Warming Effects of Spring Rainfall Increase Methane Emissions From Thawing Permafrost. Geophys. Res. Let 46:1393-1401. doi.org/10.1029/2018GL081274
- NOAA (2015) National Oceanic & Atmospheric Administration, ESRL/GMD FTP Data Finder. Internet: ftp://aftp.cmdl.noaa.gov/data/,
- PBL (2017) Limiting global temperature change to 1.5 °C. Implications for carbon budgets, emission pathways, and energy transitions. Eds D. van Vuuren, A. Hof, D. Gernaat & H.S. de Boer. PBL note, 18 pg http://www.pbl.nl/sites/default/files/cms/publicaties/pbl-2017-limiting-global-temperature-change-to-1-5-degree-celsius_2743.pdf
- PBL (2017b) Trends in global CO2 and total greenhouse gas emissions. Eds J.G.J. Olivier, K.M. Schure and J.A.H.W. Peters. PBL report 2674. 69pg. http://www.pbl.nl/sites/default/files/cms/publicaties/pbl-2017-trends-in-global-co2-and-total-greenhouse-gas-emissons-2017-report_2674.pdf
- Riahi, K., Bertram, C., Huppmann, D. et al. (2021) Cost and attainability of meeting stringent climate targets without overshoot. Nature Climate Change 11, 1063–1069. https://doi.org/10.1038/s41558-021-01215-2
- Rigby, M. et al. (2010) History of atmospheric SF6 from 1973 to 2008. Atmospheric Chemistry and Physics Discussions, Volume 10, Issue 5, 2010, pp.13519-13555
- UNEP (1987). The Montreal Protocol on substances that deplete the ozone layer.
- UNFCCC (1993). Raamverdrag klimaatverandering van de Verenigde Naties. Rio de Janeiro, 1992.
- UNFCCC (1997). Kyoto Protocol to the United Nations Framework Convention on Climate Change. Kyoto, 11 december 1997.
- UNFCC (2015) The Paris Agreement. Report of the Conference of the Parties on its twenty-first session, held in Paris from 30 November to 11 December 2015 http://unfccc.int/files/meetings/paris_nov_2015/application/pdf/paris_agreement_english_.pdf
- van Vuuren, D., O'Neill, B., Tebaldi, C., et al (2025) The Scenario Model Intercomparison Project for CMIP7 (ScenarioMIP-CMIP7) , EGUsphere [preprint], https://doi.org/10.5194/egusphere-2024-3765 .
- WMO (2024) Greenhouse Gas Bulletin. The State of Greenhouse Gases in the Atmosphere Based on Global Observations through 2023. https://library.wmo.int/records/item/69057-no-20-28-october-2024
- Yuan, K., Li, F., McNicol, G. et al. (2024) Boreal–Arctic wetland methane emissions modulated by warming and vegetation activity. Nature Climate Change 14, 282–288. https://doi.org/10.1038/s41558-024-01933-3
Relevante informatie
- Concentratie ozonlaagafbrekende stoffen, 1978-2022
- Versterkte Broeikaswerking, 1950-2018
- De website van de United Nations Framework Convention on Climate Change (UNFCCC) geeft informatie over het Klimaatverdrag en het Kyoto-protocol.
- Meer informatie over klimaatverandering en concentraties van broeikasgassen is te vinden op de websites van het IPCC (International Panel on Climate Change) en EEA (European Environment Agency, http://www.eea.europa.eu/nl).
- Meer informatie over gevolgen van klimaatverandering is ook te vinden op de websites van het PBL en KNMI
Technische toelichting
- Naam van het gegeven
Concentratie broeikasgassen
- Omschrijving
De concentratie van koolstofdioxide (CO2), methaan (CH4), distikstofoxide (N2O) en fluorhoudende broeikasgassen (F-gassen)
- Verantwoordelijk instituut
PBL, Jelle van Minnen, Mathijs Harmsen
- Berekeningswijze
De concentraties van de broeikasgassen zijn gebaseerd op het middelen van directe gegevens van meetnetten verdeeld over de hele wereld. Die meetnetten hebben weer hun eigen meetstations
- Basistabel
-
- Geografische verdeling
CO2, CH4, N2O, en fluorhoudende koolwaterstoffen zijn mondiale broeikasgassen met een lange levensduur – deze is doorgaans tientallen jaren of meer – en daardoor goed gemengd zijn in de atmosfeer. De mondiaal gemiddelde concentraties kunnen uitgerekend worden op basis van een beperkt aantal meetpunten. Gepresenteerde CO2 concentratie is, bijvoorbeeld, het gemiddelde van de waarnemingen in Alaska, Hawaï, Samoa en de Zuidpool. De concentraties van CH4, N2O en fluorkoolwaterstoffen is een gemiddelde van de waarnemingen op Ierland, VS/Californië, Barbados, Samoa en Tasmanië.
De concentratie in de atmosfeer van sommige andere gassen en deeltjes varieert meer over de aarde. Door het meten op verschillende stations kan toch een mondiaal gemiddelde concentratie gegeven worden. De meetstations staan op verschillende geografische breedtes. De locaties zijn zo gekozen dat ze (i) ver verwijderd zijn van de bronnen waardoor ze representatief zijn voor een groot gebied; (ii) evenwichtig verdeeld zijn over de wereld, bijvoorbeeld over het noordelijk en zuidelijk halfrond. De mondiaal gemiddelde concentratie is berekend als gemiddelde van de meetresultaten over deze locaties.
- Verschijningsfrequentie
Tweejaarlijks
- Betrouwbaarheidscodering
C. Schatting, gebaseerd op een groot aantal (accurate) metingen; de representativiteit is grotendeels gewaarborgd.
Archief van deze indicator
Bekijk meer Bekijk minder
Referentie van deze webpagina
CLO (2026). Concentratie broeikasgassen, 1950-2023 (indicator 0216, versie 15, ), www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.