Compendium voor de Leefomgeving
465 feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte
Ecosystemen

Gewone en grijze zeehond in Waddenzee en Deltagebied

U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt u via deze link bekijken.

De populaties van de gewone zeehond en de grijze zeehond zijn de laatste twintig jaar sterk gegroeid. Ondanks het zeehondenvirus, dat in 1988 en in 2002 ongeveer 50% van de zeehonden doodde, is de populatie goed hersteld.

Oorzaken van achteruitgang gewone zeehond

De aantallen van de gewone zeehond namen af tot ongeveer 1980. De belangrijkste oorzaak hiervoor was aanvankelijk de jacht. In de jaren zeventig kwam daar de verontreiniging door PCB's bij.
In de periode voor 1959 is de gewone zeehond achteruitgegaan als gevolg van bejaging. Vooral jonge dieren werden bejaagd, omdat hun pels het meeste opbracht. Nadat in 1961 in het Deltagebied en in 1962 in het Waddengebied de jacht op de zeehond was gesloten, trad enig herstel op. Dit herstel was van korte duur. Door een lage reproductie en een grote sterfte daalde de populatie tot een dieptepunt. Verontreiniging door PCB's, de toename van verstoring door beroepsvaart en watertoerisme worden hier als oorzaak gezien. Ook ging de jacht in omliggende gebieden door. Tot 1974 werd er in de Duitse en Deense Waddengebieden nog gejaagd. In Zuid-Nederland heeft de uitvoering van de Deltawerken ook nog geleid tot verstoring en verkleining van het leefgebied van de gewone zeehond.

Herstel gewone zeehond

In de Waddenzee trad vanaf eind jaren zeventig herstel op. Verbetering van de waterkwaliteit, immigratie uit de Duitse en Deense Waddenzee en maatregelen tegen verstoring hebben hiertoe bijgedragen. Opvallend is de sterke groei na het uitbreken van een virusziekte in 1988 en 2002. Beide keren is de populatie tot meer dan 50% gereduceerd. In de jaren daarna bleek de populatie zich prima te kunnen herstellen.
In het Deltagebied is pas sinds eind jaren negentig sprake van een lichte groei. Vergeleken bij de Waddenzee blijft de reproductie achter. Ook zijn er aanwijzingen voor een zeer hoge sterfte.

Ontwikkeling grijze zeehond

Sinds 1980 is de grijze zeehond terug in de Nederlandse wateren. Eeuwenlang werd de soort niet waargenomen in ons land. De eerste jaren waren er maar weinig individuen, maar vanaf 1990 is het aantal sterk toegenomen. Vanaf dat moment werden ook jongen gezien. De toename van de grijze zeehond was eerst in het westelijk Waddengebied zichtbaar, daarna langzaam in het oostelijk Waddengebied en het Deltagebied. In 2009 werden in het Waddengebied meer dan 2000 grijze zeehonden gesignaleerd. In de Zeeuwse Delta waren dat er 200 in 2008 (over 2009 zijn geen gegevens beschikbaar). Er lijkt een vrije uitwisseling mogelijk tussen de grijze zeehonden in Nederland en op de Britse eilanden waar er naar schatting tussen de 100.000 en 300.000 dieren zijn. Het is dan ook de vraag of men van een Nederlandse populatie grijze zeehonden kan spreken of dat deze dieren een deel van de Britse populatie vormen.

Rode Lijst

De gewone zeehond en grijze zeehond staan op de Rode Lijst van zoogdieren, in de Habitatrichtlijn (bijlage II en V) en in de Conventie van Bonn en Bern.

Referenties

  • Reijnders, P.J.H. (1985). On the extinction of the Southern Dutch harbour seal population. Biological Conservation, 31: 75-84.
  • Reijnders, P.J.H. (1986). Reproductive failure in common seals feeding on fish from polluted waters. Nature, 324: 456-457.
  • Reijnders, P.J.H. (1988). Gevolgen virusuitbraak voor zeehonden in het internationale Waddengebied. Waddenbulletin, 23/4: 201-203.
  • Reijnders, P.J.H., J. van Dijk en D. Kuiper (1995). Recolonization of the Dutch Wadden Sea by the grey seal Halichoerus grypus. Biological Conservation, 71: 231-235.
  • Reijnders, P.J.H., E.H. Ries, S. Tougaard, N. Norgaard, G. Heidemann, J. Schwarz, E. Vareschi en I.M. Traut (1995). Population development of harbour seals Phoca vitulina in the Wadden Sea after the 1988 virusepizootic. J. Sea Research, 38: 161-168.
  • Strucker R.C.W., F.A. Arts, S. Lilipaly, C.M. Berrevoets & P.L. Meininger (2006).Watervogels en zeezoogdieren in de Zoute Delta 2004/2005. Rapport RIKZ/2006.003. Rijksinstituut voor Kust en Zee, Middelburg
  • Strucker R.C.W., F.A. Arts, S. Lilipaly, C.M. Berrevoets & P.L. Meininger (2007). Watervogels en zeezoogdieren in de Zoute Delta 2005/2006. Rapport RIKZ/2007.005. Rijksinstituut voor Kust en Zee, Middelburg

Relevante informatie

Technische toelichting

Naam van het gegeven

Aantallen zeehonden in de Waddenzee en de Deltawateren

Omschrijving

Jaarlijkse tellingen van grijze en gewone zeehonden in de Waddenzee en in de Deltawateren

Verantwoordelijk instituut

Waddenzee:Wageningen IMARES
Deltawateren: RWS/Provincie Zeeland

Berekeningswijze

Zuivere tellingsresultaten aantal dieren tijdens de rui op de zandplaten

Basistabel

Jaar en aantal

Geografisch verdeling

Gehele Nederlandse deel van de Waddenzee

Verschijningsfrequentie

1 maal per jaar

Achtergrondliteratuur

Zeezoogdieren - zeehondentellingWaddenzee secretariaat

Betrouwbaarheidscodering

A. Integrale enquĂȘte

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2009). Gewone en grijze zeehond in Waddenzee en Deltagebied (indicator 1231, versie 07 , 11 december 2009 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.