Lokale leefomgeving

Geluidhinder en woningbouw rond regionale luchthavens, 2010 - 2020

Door de ongekende terugval van het aantal passagiersvluchten was de ernstige hinder in 2020 bij alle regionale luchthavens van nationale betekenis lager dan in 2018. Maar de afname van de hinder liep niet overal in de pas met de reductie van het passagiersverkeer doordat andere vluchten dan voor passagiers bij de verschillende luchthavens nogal uiteenlopende ontwikkelingen vertoonden. De ontwikkeling van het aantal woningen in de gebieden vanaf 56 dB(A) Lden (met beperkingen voor woningbouw) laat alleen bij Maastricht een stijgende trend zien.

Regionale luchthavens

De regionale luchthavens bij Groningen, Lelystad, Rotterdam, Eindhoven en Maastricht zijn van nationale betekenis. Dit betekent dat het Rijk hiervoor het bevoegde gezag is. De Wet luchtvaart bepaalt dat deze luchthavens een luchthavenbesluit moeten hebben, waarin o.a. regels worden gesteld voor de bestemming en het gebruik van de grond rond de luchthaven. Het Besluit Burgerluchthavens (BBL, 2017) geeft nadere detaillering van die regels. Voor Eindhoven, als militaire basis met medegebruik van burgerluchtvaart, is het Besluit Militaire Luchthavens (BML, 2015) bepalend. De beperkingengebieden voor Eindhoven wijken af van de burgerluchthavens, zowel in de gebruikte geluidsmaat (Ke i.p.v. Lden, zie Kosteneenheden-Wikipedia)) als in de beperkingen die voor die gebieden zijn vastgelegd. Voor Eindhoven is het luchthavenbesluit op 1 november 2014 van kracht geworden en voor Lelystad op 1 april 2015. Voor Groningen, Rotterdam en Maastricht zijn nog geen luchthavenbesluiten van kracht, maar bestaat nog oudere regelgeving. Lelystad komt verder in deze analyse niet voor omdat de luchthaven nog niet is opengesteld voor handelsverkeer (commerciële vluchten met passagiers, vracht of post).

Hinder en woningbouw

Bij geluidhinder en woningbouw rond luchthavens gaat het om twee verschillende ruimtelijke invalshoeken. Geluidhinder wordt berekend op basis van de ruimtelijke verspreiding van het luchtvaartgeluid en de mate van geluid waaraan inwoners binnen bepaalde geluidcontouren zijn blootgesteld. Geluidhinder speelt in de regelgeving voor de regionale luchthavens echter geen rol in toetsing van de geluidbelasting van de omgeving, zoals bij Schiphol, maar het geluidniveau wordt getoetst op enkele specifieke locaties (zogenoemde handhavingspunten). Om toch een beeld te geven van de ernstige hinder rond de luchthavens wordt de geluidcontour gehanteerd die ook voor Schiphol geldt bij de vaststelling van de ernstige hinder: de 48 dB(A) Lden-contour. De vorm en grootte van deze contour hangt af van onder andere het aantal vliegbewegingen, de vliegtuigtypen en de meteorologische omstandigheden in het betreffende jaar. De contour ziet er dan ook jaarlijks iets anders uit.
Voor de ontwikkeling van het aantal woningen rond luchthavens zijn ook geluidcontouren van belang. Het Besluit burgerluchthavens (BBL, 2017) geeft aan dat daarvoor in een luchthavenbesluit geluidcontouren van 70, 56 en 48 Lden vastgesteld moeten worden. Deze contouren blijven onveranderd gedurende de werking van het luchthavenbesluit. Binnen de 70 dB(A) Lden-contour mogen in principe geen woningen liggen. Binnen de 56 dB(A) Lden-contour is nieuwbouw van woningen niet toegestaan behoudens nader omschreven uitzonderingen. Voor het gebied gelegen tussen de geluidcontour van 56 dB(A) Lden en de geluidcontour van 48 dB(A) Lden worden door het bevoegd gezag (in dit geval de minister van Infrastructuur en Waterstaat) geen ruimtelijke beperkingen voorgeschreven. De verantwoordelijkheid voor het ruimtelijke beleid in dit gebied ligt bij gemeenten en provincies. Zodra de Omgevingswet van kracht wordt zullen gemeenten en provincies bij ruimtelijke ontwikkelingen binnen de 48 Lden-contour rekening moeten houden met de geaccumuleerde geluidbelasting, d.w.z. voor iedere locatie de geluidsbijdrage van alle relevante bronnen bij elkaar optellen. Dit kan gevolgen hebben voor mogelijkheden voor woningbouw.
De volgende paragrafen gaan apart in op de ontwikkelingen van de hinder en van de woningbouw.

Geluidhinder rond regionale luchthavens

Door de coronapandemie is het jaar 2020 ook voor de luchtvaart uitzonderlijk. Het aantal vluchten van het handelsverkeer nam voor de verschillende regionale luchthavens af tussen de 50 tot 90% ten opzichte van 2018 (zie tabel). Dit kwam voornamelijk door de uitval van passagiersvluchten die door de pandemie vervielen. Alleen in Maastricht nam het aantal vliegbewegingen licht toe, doordat daar het aantal vrachtvluchten toenam.

Aantal vluchten handelsverkeer en verschil tussen 2020 en 2018
  2018 2020 Verschil
Eindhoven 37035 17875 -52%
Rotterdam 17615 6337 -64%
Maastricht 6017 6127 +2%
Groningen 4435 612 -86%


De grafiek toont voor de vier regionale luchthavens de ontwikkeling in de ernstige hinder vanaf 2010, maar in het kader van de corona-pandemie is de het verschil tussen 2018 en 2020 interessant. De afname van de hinder in 2020 hangt niet alleen samen met de ontwikkeling van het handelsverkeer, maar ook met die van het niet-handelsverkeer, in de luchtvaart General Aviation (GA-verkeer) genoemd (al het overige vliegverkeer, met uitzondering van de militaire luchtvaart). In Groningen nam het handelsverkeer relatief het meeste af en werden er in 2020 iets meer dan 600 vluchten uitgevoerd. Maar het GA-verkeer nam met 44% toe en bestond voor het overgrote deel uit vluchten die zowel weer vertrokken als aankwamen bij de luchthaven. Daardoor nam de hinder minder af dan op grond van het geringe handelsverkeer verwacht zou worden. In Maastricht, de enige luchthaven met iets meer handelsverkeer in 2020, nam de hinder toch af omdat het GA-verkeer daar met (eveneens) 44% juist afnam. In Eindhoven en Rotterdam speelde het GA-verkeer in de ontwikkelingen van 2020 maar een kleine rol omdat dit verkeer respectievelijk een zeer klein aandeel vormt dan wel relatief weinig afnam. Door de ruime halvering van het handelsverkeer werd de geluidbelasting bij deze twee luchthavens aanmerkelijk lager en werden daardoor de geluidcontouren flink kleiner (zie voor de geluidcontouren: Geluidsbelasting rondom regionale luchthavens, 2010 en 2018). De contouren liepen daardoor in 2020 op enkele plaatsen minder over bewoonde gebieden zoals bij Eindhoven tussen Eindhoven en Best en bij Rotterdam aan de Noordrand en bij Bergschenhoek, Vlaardingen en Schiedam. Dit is terug te zien in de relatief grote afname van de ernstige hinder bij deze twee luchthavens.

Woningbouw rond regionale luchthavens

Voor Rotterdam, Eelde en Maastricht zijn nog geen luchthavenbesluiten vastgesteld en gelden nog andere contouren op basis van de geldende regelgeving voor die luchthavens. Vooruitlopend op de luchthavenbesluiten worden hier al wel de Lden-contouren gebruikt. Deze contouren komen uit de MER-rapportages voor de aanvragen van de luchthavenbesluiten voor deze luchthavens en zijn berekend op basis van het aantal vliegtuigbewegingen dat naar verwachting (ten tijde van de MERs) vergund zal worden. Eindhoven heeft wel een luchthavenbesluit, maar daar zijn, zoals bij alle militaire luchthavens in Nederland, de contouren in de geluidsmaat Kosteneenheden (Ke) vastgelegd.
Bij geen van de luchthavens liggen woningen binnen de 70 Lden-contour. Bij Maastricht ligt een relatief groot aantal woningen binnen de 56 Lden-contour en dit aantal laat een stijgende trend zien. Bij de andere luchthavens blijft het aantal woningen binnen de 56 Lden-contour vrij constant. Bij Groningen, Maastricht en Rotterdam is binnen de 48Lden-contour sinds 2012 een stijgende trend in het aantal woningen te zien. Tussen 2018 en 2020 lag die groei rond de 1%. De geluidsmaat 35 Ke bij Eindhoven komt ongeveer overeen met 56 á 58 Lden.

Ontwikkeling van het aantal woningen binnen de planologische contouren van de regionale luchthavens
  56 Lden-contour   48 Lden-contour
  2010 2012 2014 2016 2018 2020   2010 2012 2014 2016 2018 2020
Groningen 32 32 27 27 27 28   659 657 655 658 661 671
Maastricht 2709 2684 2687 2787 2801 2811   22694 22623 22930 23142 23284 23441
Rotterdam 303 300 298 298 302 303   20192 20552 20571 20605 20644 20854
  35Ke-contour              
Eindhoven 54 54 54 53 54 53              

Referenties

Relevante informatie

Technische toelichting

Naam van het gegeven

Ernstige hinder en ernstige slaapverstoring rond regionale luchthavens

Omschrijving

Trend van de ernstige hinder en ernstige slaapverstoring door vliegtuiggeluid rond regionale luchthavens 2010 - 2020

Verantwoordelijk instituut

Planbureau voor de Leefomgeving (PBL)

Berekeningswijze

De geluidberekeningen zijn uitgevoerd door NLR volgens de in de RBML voorgeschreven methodiek. Hierin is een maaswijdte van 100 meter toegepast. De in de berekeningen gebruikte verkeersgegevens (aantallen bewegingen en type vliegtuig) zijn gebaseerd op de registraties van het actuele verkeer per kalenderjaar. Voor de vliegbanen zijn in de berekeningen gemodelleerde routes gebruikt. De berekeningen van Lden geluidbelasting zijn uitgevoerd met de Lden tool (versie 3 update 68).
Telling inwoners: CBS, Structuurtelling Gemeentelijke Basisadministratie (GBA).
De ernstige geluidhinder is berekend door PBL binnen de 48 dB(A) Lden-contour.
De hinder en slaapverstoring zijn berekend met de dosis-effectrelaties uit de Gezondheidskundige Evaluatie Schiphol: Breugelmans, O.R.P. (2005), De relatie tussen vliegtuiggeluid en zelfgerapporteerde ernstige hinder en ernstige slaapverstoring in Nederland: Uitkomst van de Gezondheidskundige Evaluatie Schiphol, Bilthoven: RIVM.
De Lden (Engels: Level day-evening-night) is een maat om de geluidsbelasting door omgevingslawaai uit te drukken. Met ingang van 2004 werd het gebruik van de Lden in alle Europese landen verplicht voor het maken van strategische geluidbelastingkaarten. Voor nationale normenstelsels geldt die verplichting niet, maar is de overheid voor de duidelijkheid, en waar dat mogelijk was, ook overgestapt op de Lden-maat.

Geografisch verdeling

Gebieden rond de luchthavens bij Groningen, Rotterdam, Eindhoven en Maastricht.

Verschijningsfrequentie

2 jaar

Opmerking

Voor Eindhoven is het militaire verkeer buiten beschouwing gelaten. Voor Lelystad is groot vliegverkeer t/m 2016 nog niet aan de orde.

Betrouwbaarheidscodering

Geluidbelasting: modelberekening
Telling inwoners: schatting gebaseerd op een groot aantal (zeer accurate) metingen, waarbij representativiteit van de gegevens vrijwel volledig is

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2021). Geluidhinder en woningbouw rond regionale luchthavens, 2010 - 2020 (indicator 2162, versie 05 , 15 december 2021 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.