Compendium voor de Leefomgeving
470 feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte
Water en milieu

Natuurkwaliteit van waterplanten in oppervlaktewater, 1990 - 2016

De natuurkwaliteit gebaseerd op waterplanten in Nederland is laag. Slechts op enkele plaatsen wordt een matige of goede kwaliteit aangetroffen. In de afgelopen 25 jaar is een lichte verbetering opgetreden uitgaande van de lage kwaliteit in 1990. De lage kwaliteit heeft te maken met het sterk onnatuurlijke karakter van vele wateren in Nederland en met de nog steeds hoge concentraties aan voedingsstoffen.

Huidige kwaliteit waterplanten slecht tot matig

De huidige natuurkwaliteit op basis van waterplanten in het Nederlandse oppervlaktewater is slecht tot matig. De meeste wateren hebben een waterplantengemeenschap die (ver) afwijkt van de natuurlijke referentie.
De gemiddeld onvoldoende kwaliteit komt door verschillende oorzaken zoals uit- en afspoeling van meststoffen uit de landbouw, lozing van effluent van rioolwaterzuiveringsinstallaties, een vastgesteld waterpeilbeheer, nalevering van voedingsstoffen uit de waterbodem of vestiging van exotische soorten.

Lichte verbetering in afgelopen 25 jaar vooral in beken, kanalen en meren.

De natuurkwaliteit van waterplanten is de afgelopen 25 jaar bij beken, kanalen en meren met gemiddeld 0,17 (op een schaal van 0 tot 1) verbeterd, terwijl in de sloten de kwaliteit niet is veranderd. Voor heel Nederland is de gemiddelde natuurkwaliteit van waterplanten met 0,09 verbeterd. Deze gegevens zijn gebaseerd op de gegevens van waterschappen en geven een representatief beeld van het Nederlandse oppervlaktewater.
Met een verminderde vermesting, betere inrichting van het oppervlaktewater en na baggeren van de voedselrijke waterbodem kan de biologische kwaliteit op basis van waterplanten sterk toenemen. De vermesting van het oppervlaktewater is weergegeven in:

Methode kwaliteit voor waterplanten

Deze resultaten zijn berekend op basis van de maatlat voor waterplanten van de KRW. Anders dan in de KRW-beoordeling in de Stroomgebiedbeheerplannen wordt hier geen gebruik gemaakt van het doel dat per water is gesteld, maar wordt de maatlat gebruikt om aan te geven in welke mate de planten voorkomen die in de natuurlijke situatie thuis horen. In dit overzicht zijn voor de gehele periode de meest recente watertype-afhankelijke maatlatten gebruikt, tevens zijn alle beschikbare monitoringsgegevens gebruikt en zijn alle watertypen waaronder sloten meegenomen.
Het uitgangspunt voor een 'zeer goede kwaliteit' is de natuurlijke referentie: de waterplantengemeenschap die kan worden aangetroffen in een ongestoorde, optimale situatie; voor de kunstmatige wateren is dit de maximale potentie. Voor de natuurlijke en sterk veranderde wateren is dit de Goede Ecologische Toestand (GET) en bij de kunstmatige wateren de default Goede Ecologische Potentie (GEP). In de KRW kan per waterlichaam een lager doel zijn vastgesteld, de Goede Ecologische Potentie (GEP). In deze studie is uitgegaan van de default waarden per watertype voor de indeling in klassen (zeer goed, goed, matig, ontoereikend en slecht).

Referenties

Relevante informatie

Technische toelichting

Naam van het gegeven

Natuurkwaliteit waterplanten

Omschrijving

Natuurkwaliteit van waterplanten gebaseerd op de deelmaatlat soortensamenstelling van de KRW-maatlat voor waterplanten. Deze beoordeling is toegepast op individuele monsters en wijkt daarmee af van de KRW beoordeling per waterlichaam.

Verantwoordelijk instituut

PBL

Berekeningswijze

De natuurkwaliteit is gebaseerd op de monitoringsgegevens van de biologische meetnetten van de waterschappen. Deze gegevens zijn verzameld in de Limnodata Neerlandica, door het IHW en van de waterschappen.

De score op de maatlat voor waterplanten is voor elk meetpunt bepaald volgens de normen van de Kaderrichtlijn Water. In de KRW is voor elk watertype een aparte beoordeling opgesteld, waarbij voor dit overzicht alleen de aanwezigheid van planten soorten is gebruikt.

In deze berekeningen zijn voor de trendanalyse alleen die meetpunten gebruikt die gedurende de hele periode regelmatig bemonsterd zijn. In de kaarten zijn alle meetpunten opgenomen die in de periode 2011-2016 bemonsterd zijn.
In 2012 zijn nieuwe maatlatten voor de ecologische kwaliteit van waterplanten vastgesteld. De deelmaatlat soortensamenstelling van de nieuwe maatlat is hier toegepast op de gehele tijdreeks.
De tijdreeks van alle watertypen samen is gebaseerd op een Monte-Carlosimulatie waarbij elk watertype voor een kwart meetelt.
Van de mediane waarden zijn trends berekend, waarmee getoetst kan worden of het laatste jaar significant verschilt van een van de voorgaande jaren. Bij de beken, kanalen en meren is elk jaar significant verschillend van het laatste jaar, bij de sloten daarentegen is geen verbetering. Bij alle waarnemingen is 1996 en eerder significant verschillend. De veranderingen in de tijd zijn gebaseerd op deze trends.

Basistabel

Limnodata Neerlandica voor de gegevens tot 2011. Deze database bevat de informatie van alle biologische bemonsteringen van de waterschappen. De gegevens vanaf 2010 zijn afkomstig van het Informatiehuis Water en een inventarisatie door RoyalHaskoningDHV.

Geografisch verdeling

Nederland

Verschijningsfrequentie

Om de 3 tot 5 jaar.

Achtergrondliteratuur

Evers, C.H.M., Knoben, R.A.E., Herpen, F.C.J.v., 2012. Omschrijving MEP en maatlatten voor sloten en kanalen voor de Kaderrichtlijn Water 2015-2021. Stowa, Amersfoort.
Molen, D.T.v.d., Pot, R., Evers, C.H.M., Nieuwerburgh, L.L.J.v., 2012. Referenties en maatlatten voor natuurlijke wateren voor de Kaderrichtlijn Water 2015-2021. Stowa, Amersfoort.
van Gaalen, F. , Tiktak, A., Franken, R., van Boekel, E., van Puijenbroek, P, Muilwijk, H. (2016). Waterkwaliteit nu en in de toekomst. PBL
van Puijenbroek, P. J. T. M., Evers, C. H. M., & Gaalen, F. W. v. (2015). Evaluation of Water Framework Directive metrics to analyse trends in water quality in the Netherlands. Sustainability of Water Quality and Ecology.

Opmerking

In de KRW zijn doelen geformuleerd voor het oppervlaktewater. De score op de maatlat wordt uitgedrukt in de ecologische kwaliteit ratio (ekr). De standaard doelstelling is een ekr van 0,6 (goede kwaliteit), maar voor veel wateren geldt een lagere ekr als doelstelling (het Goed Ecologisch Potentieel), zodat vaak met een lagere ekr-kwaliteit kan worden volstaan. In dit overzicht is de KRW-beoordeling voor waterplanten toegepast op individuele monsters. De officiƫle KRW beoordeling is opgesteld voor meerdere monsters in een waterlichaam. Hierdoor geeft deze beoordeling een slechter beeld dan bij een strikte toepassing van de KRW maatlatten.

Betrouwbaarheidscodering

B. Schatting gebaseerd op een groot aantal (zeer accurate) metingen, waarbij representativiteit van de gegevens vrijwel volledig is.

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2018). Natuurkwaliteit van waterplanten in oppervlaktewater, 1990 - 2016 (indicator 1441, versie 04 , 11 juli 2018 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.