Flora en Fauna

Flora van houtwallen, 1999-2011

U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt u via deze link bekijken.

In houtwallen neemt het aantal planten van voedselrijke omstandigheden toe.

Houtwallen, polderkaden en heggen

Houtwallen zijn lijnvormige, vaak op een aarden wal gelegen beplantingen met struiken en bomen. Houtwallen komen veel voor op de hogere zandgronden. Ook de in het veengebied aangelegde polderkaden die met bomen en struiken zijn beplant, rekenen we tot de houtwallen, evenals vergelijkbare structuren zoals de meidoornhagen in het uiterwaardengebied. Voor het boerenbedrijf waren de houtwallen vroeger van belang als eigendomsscheiding, als vee- & wildkering en voor de levering van boerengeriefhout. Tegenwoordig is het agrarische belang ervan sterk verminderd en houtwallen zijn niet meer noodzakelijk voor de uitoefening van het boerenbedrijf. Veel houtwallen zijn daardoor uit het landschap verdwenen, vooral in die gebieden waar ruilverkaveling heeft plaatsgevonden. Het ecologisch belang van houtwallen is nog wel hoog omdat ze fungeren als verbindingszone tussen natuurgebieden en omdat de vruchtdragende soorten (meidoorns, bessen, rozenbottels etc.) een belangrijke voedselbron zijn voor de (avi)fauna. Houtwallen, kaden en heggen hebben bovendien een grote cultuurhistorische, landschappelijke en recreatieve waarde.
Voorbeelden van landschappen in Nederland met een hoge dichtheid aan houtwallen zijn de Achterhoek, Noord-Oost Twenthe en het gebied van de Drentsche Aa.

Voedselrijkdom

Net als voor veel andere halfnatuurlijke landschapselementen in het agrarisch gebied blijkt uit het florameetnet dat sinds de start van de metingen in 1999 de voedselrijkdom in houtwallen (verder) is toegenomen. Dit is te zien aan de toename van het aandeel soorten van voedselrijke omstandigheden en de toename van de gemiddelde Ellenberg indicatiewaarden voor stikstof. Het aandeel soorten van voedselarme omstandigheden is gedaald, maar deze daling is niet significant. Het laatste jaar is echter een daling van de voedselrijke soorten te zien.

Soorten van houtwallen

In de houtwallen neemt de gemiddelde bedekking met ruigtesoorten tussen 1999 en 2009 toe. Ruigtesoorten zijn hoogopschietende kruiden en grasachtigen die profiteren van voedselrijke omstandigheden. De toename van de ruigtekruiden gaat in de houtwallen gepaard aan afname van de bedekking met grassen. De ontwikkelingen in het laatste jaar laat echter geen verdere toename zien.
Ontwikkelingen per soort kunnen alleen voor de meer algemene soorten worden bepaald. Daarbij blijkt dat van de ruigtesoorten vooral bramen en grote brandnetel toenemen en dat bij de grassen gladde witbol afneemt.
In de bedekking van besdragende bomen en struiken als geheel is geen verandering te zien. Wel is er een verschuiving tussen de soorten, waarbij eenstijlige meidoorn afneemt en hulst juist toeneemt.
Naast veranderingen in de voedselrijkdom kunnen ook veranderingen in het beheer een belangrijke oorzaak zijn van de geconstateerde veranderingen in de soortensamenstelling.

Referenties

  • Càceres, M. de en P. Legendre (2009). Associations between species and groups of sites: indices and statistical inference. Ecology 90 (12): 3566-3574.
  • Ellenberg, H., H.E.Weber, R . Düll, V.Wirth, W.Werner en D. Paulissen (1991). Zeigerwerte von Pflanzen in Mitteleuropa. Scripta Geobotanica vol. XVIII. Göttingen. 248 pp.

Technische toelichting

Naam van het gegeven

Flora houtwallen

Omschrijving

Veranderingen in de flora van houtwallen

Verantwoordelijk instituut

Centraal Bureau voor de Statistiek

Berekeningswijze

Door een wijziging in 2012 in de berekening van het aandeel kenmerkende soorten en de berekening van de som van de bedekking, kunnen kleine wijzigingen ten opzichte van de vorige versie optreden.

Basistabel

Zie Download figuurdata

Geografisch verdeling

Nederland

Verschijningsfrequentie

Jaarlijks

Achtergrondliteratuur

Ellenberg, H., H.E.Weber, R . Düll, V.Wirth, W.Werner en D. Paulissen (1991). Zeigerwerte von Pflanzen in Mitteleuropa. Scripta Geobotanica vol. XVIII. Göttingen. 248 pp.

Opmerking

Indeling stikstofgetal Ellenberg:
1= zeer stikstofarm
2= tussen 1 en 3 in staand
3= stikstofarm
4= tussen 3 en 5 in staand
5= matig stikstofrijk
6= tussen 5 en 7 in staand
7= stikstofrijk
8= zeer stikstofrijk
9= uiterst voedselrijk

Betrouwbaarheidscodering

C. Schatting, gebaseerd op een groot aantal (accurate) metingen; de representativiteit is grotendeels gewaarborgd.

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2012). Flora van houtwallen, 1999-2011 (indicator 1549, versie 02 , 2 oktober 2012 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.