Bevolking en wonen

Leegstand woningen, 2012

U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt u via deze link bekijken.

Op 1 januari 2012 stonden 350 duizend woningen leeg, dat is 5% van alle woningen. Daarnaast worden 70 duizend woningen voor andere doeleinden gebruikt. In totaal worden dus 420 duizend woningen niet bewoond.

5 procent van de woningen staat leeg

Van de 7,3 miljoen woningen in Nederland stonden er op 1 januari 2012 bijna 348 duizend leeg. Dat is 4,8% van de woningen. In deze leegstaande woningen woont volgens de officiële registraties niemand. Deze woningen worden ook niet voor andere doeleinden gebruikt. Enige leegstand is altijd te verwachten omdat er altijd een periode van minimaal enkele maanden nodig is om te verhuizen.
Woningen kunnen ook leeg staan omdat de bewoner elders verblijft door opname in een zorginstelling of omdat de persoon bij iemand is ingetrokken, maar voor de zekerheid de woning aanhoudt. Daarnaast kan er sprake zijn van niet-geregistreerde onder- of verhuur van woningen. Deze verschillende situaties zijn echter niet waar te nemen in de registraties.

1 procent van de woningen in gebruik voor andere doeleinden

Woningen kunnen worden gebruikt voor andere doeleinden zoals praktijkruimte, kinderopvang of als tweede woning. Deze woningen zullen dus ook niet op korte termijn bewoond worden. Dat betreft 68 duizend woningen.

Veel leegstand in toeristengebieden

Leegstaande woningen staan vaak in typische toeristengebieden als de Waddeneilanden en andere kustplaatsen. Een deel van deze woningen wordt waarschijnlijk verhuurd aan vakantiegangers. De gemeente Schiermonnikoog is een uitschieter met een leegstand van 15%. Flevoland is de provincie met de minste leegstand (nog geen 3%), Zeeland kent de grootste leegstand (ruim 6%).
Verder staan in de binnensteden van grotere gemeenten woningen leeg, vaak boven winkels. Voor eigenaren is verhuur hiervan vaak financieel niet interessant, bijvoorbeeld omdat het opknappen van de etage erg duur is, maar ook omdat in dergelijke woningen vaak maar één opgang is, in de winkel.

Vooral woningen van particuliere verhuurders niet bewoond

Van de bijna 900 duizend woningen van particuliere verhuurders zijn er ruim 130 duizend niet bewoond. Dat is 15% van de particuliere huurwoningen. Van die 130 duizend woningen staan 103 duizend woningen leeg en worden er 30 duizend gebruikt voor andere doeleinden. Het beleid van de particuliere verhuurders is anders dan van corporaties. De huren zijn in het algemeen (veel) hoger en men neemt tijdelijke leegstand voor lief. Ook kan hier sprake zijn van illegale verhuur, maar dat is niet te meten.
Anders is het beleid van corporaties. Woningen worden zo snel mogelijk na het vertrek van de oude huurder weer verhuurd. Ook de grote vraag naar de goedkopere woningen van vooral starters zal hieraan debet zijn. Van de corporatiewoningen staat 3,3% leeg, terwijl maar 0,1% wordt gebruikt voor niet-woondoeleinden.
Van de eigen woningen staat 3,2% leeg. Nog geen procent wordt gebruikt voor niet-woondoeleinden. In totaal worden 160 duizend eigen woningen niet bewoond.

Vooral de oudste en de nieuwste woningen leeg

Vooral woningen van voor 1945 en van na 2005 staan leeg (6,1 resp. 8,0%). Van het aantal woningen uit de periode 1965-1984 is maar 3% niet bewoond.
Van alle leegstaande woningen is 51% een huurwoning en 37% een eigen woning. Van 12% van de leegstaande woningen is niet bekend of het een huurwoning dan wel een koopwoning is.

Appartementen staan vaker leeg dan eengezinswoningen

Er staan 124 duizend eengezinswoningen leeg. Dat is 2,7% van alle eengezinswoningen. Er staan veel meer appartementen leeg, namelijk 148 duizend, ofwel 6,8% van het totale aantal appartementen.

Ontwikkeling

Er is geen duidelijk patroon in de loop van de tijd zichtbaar. Het percentage woningen dat niet wordt bewoond schommelt licht tussen de verschillende peiljaren, waarschijnlijk vooral veroorzaakt doordat sprake is van een peilmoment. Een week eerder of later zullen de percentages al verschillen. Alleen bij de corporatiewoningen, waar het aantal lege woningen toch al laag is, is een lichte afname te zien van het aantal niet-bewoonde woningen.
Tussen 2011 en 2012 zijn wel enkele andere verschuivingen te zien. Het aantal niet bewoonde particuliere huurwoningen is afgenomen en het aantal niet bewoonde eigen woningen is toegenomen.

Referenties

Relevante informatie

Technische toelichting

Naam van het gegeven

Leegstand woningen, 2012

Omschrijving

Een woning is een tot bewoning bestemd gebouw dat, vanuit bouwtechnisch oogpunt gezien, blijvend is bestemd voor permanente bewoning door een particulier huishouden.
De woningvoorraad wordt onderverdeeld in bewoonde en niet-bewoonde woningen en uitgesplitst naar regio.
De getoonde gegevens betreffen alleen woningen. Het gaat hier niet om recreatiewoningen, wooneenheden en bijzondere woongebouwen.
De eigendomssituatie van de woningvoorraad wordt bepaald op basis van een koppeling tussen het WoningRegister (WRG) en het WOZ-register met een aanvulling uit het woningbestand van het Kadaster en de jaarbestanden van de Woningstatistiek.
Onder eengezinswoningen vallen vrijstaande woningen, aaneengebouwde woningen, zoals twee-onder-één-kap-woningen, boerderijen met woningen en alle rijtjeshuizen.
Onder appartementen (meergezinswoningen) vallen flats, galerij-, portiek-, beneden- en bovenwoningen en woningen boven bedrijfsruimten, voor zover deze zijn voorzien van een buiten de bedrijfsruimte gelegen toegangsdeur.

Verantwoordelijk instituut

Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Berekeningswijze

De woningvoorraadcijfers zijn gebaseerd op de administratieve woningtelling met peildatum 1 januari 1992 en de hierna door de gemeenten aangeleverde mutaties.
Het onderscheid huur/eigen gebeurt op basis van een koppeling tussen het WoningRegister (WRG) en het WOZ-register, aangevuld met gegevens uit het woningbestand van het Kadaster en de jaarbestanden van de Woningstatistiek. Door een meer verfijnde koppelmethode wijken de cijfers licht af van de vorige versie.
Door koppeling met de bevolkingsadministratie zoals opgenomen in de Gemeentelijke Basisadministratie (GBA) en het meldingenregister Protocollaire Basisadministratie (Probas), waarin de bewoning door leden van het Corps Diplomatique en van Internationale organisaties is opgenomen, wordt bepaald of een woning bewoond is of niet.
Het woningtype (eengezinswoning versus appartement) en het bouwjaar wordt bepaald door de woningen uit het WoningRegister (WRG) te koppelen met de woninggegevens uit de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG).

Basistabel

Statline: Woningvoorraad naar bewoning; regio.

Geografische verdeling

Nederland, landsdelen, provincies, corop, stadsgewesten, grootstedelijke agglomeraties en gemeenten

Andere variabelen

Tweede woningen worden via de WOZ bepaald op basis van buitenlandse eigenaren en op basis van eigenaren die twee woningen in bezit hebben waarvan er een is bewoond en die in verschillende woonplaatsen liggen, de zogenoemde buitenhuizen (pied-à-terre).

Verschijningsfrequentie

Jaarlijks

Achtergrondliteratuur

Zie voor de korte onderzoeksbeschrijving de toelichting van de woningvoorraad naar bewoning (leegstand) op de website van het CBS.

Betrouwbaarheidscodering

A (Integrale enquête).

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2013). Leegstand woningen, 2012 (indicator 2165, versie 02 , 18 oktober 2013 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.