Chemische waterkwaliteit oppervlaktewater KRW, 2024

De chemische waterkwaliteit van het oppervlaktewater voldoet in minder dan 1 procent van de waterlichamen. De chemische waterkwaliteit wordt in de KRW-beoordeling bepaald door de aanwezigheid van 45 stoffen of groepen van stoffen die in heel Europa een probleem vormen. Ruim 20 procent van de waterlichamen is met meer dan vijf stoffen belast.

Methode beoordeling chemische waterkwaliteit

In de KRW-beoordeling bestaan twee kwaliteitselementen voor toxische stoffen. Ten eerste de chemische kwaliteit, die is gebaseerd op zogeheten ‘prioritaire stoffen’. Dit zijn stoffen die in heel Europa een probleem vormen en waarvoor de normen op Europees niveau worden vastgesteld. Ten tweede de kwaliteit van de zogeheten ‘specifiek verontreinigende stoffen’. Deze specifiek verontreinigende stoffen worden op de schaal van stroomgebieden aangewezen en zijn onderdeel van de ecologische beoordeling. Het voorliggende overzicht betreft de chemische kwaliteit gebaseerd op alle 45 prioritaire stoffen. In de KRW staat de beoordeling van de chemische kwaliteit los van de ecologische beoordeling. Dat wil overigens niet zeggen dat deze stoffen geen invloed hebben op de biologie.

Er waren in 2024 in totaal 45 prioritaire stoffen. Daarvan stonden 33 stoffen vanaf het begin op de lijst; 12 stoffen zijn pas in 2013 toegevoegd (EC 2013). De chemische kwaliteit is pas goed als volgens het one-out, all-out beginsel alle prioritaire stoffen aan de normen voldoen. Voor de eerste 33 stoffen geldt dat de doelen in 2015 gehaald moesten worden. Van een aantal van deze stoffen zijn de doelen tussentijds aangescherpt. Deze stoffen moesten in 2021 voldoen aan de normen. Ten slotte geldt voor de in 2013 toegevoegde stoffen het jaartal 2027 (Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat 2022, bijlage 1). In tegenstelling tot de huidige situatie is uitstel van deze termijnen na 2027 alleen nog mogelijk als ‘natuurlijke oorzaken’ de oorzaak zijn van het niet halen van de doelen. Zie verder:

Chemische waterkwaliteit onvoldoende

De chemische waterkwaliteit op basis van de prioritaire stoffen was in 2024 in 99 procent van de waterlichamen onvoldoende. Een belangrijk deel van deze stoffen zijn ‘ubiquitaire’ oftewel alomtegenwoordige stoffen. Door hun persistente karakter kunnen deze stoffen zich ophopen in mens en milieu. Bovendien zijn 25 prioritaire stoffen in oppervlaktewateren soms of vaak niet-toetsbaar. Dit betekent dat het werkelijk aantal overschrijdingen aanzienlijk groter kan zijn. De prioritaire stoffen laten zich onderscheiden in industriële stoffen, PAK’s, gewasbeschermingsmiddelen en metalen:

  • Onder de industriële chemicaliën leiden PBDE’s (polybroomdifenylethers) het vaakst tot normoverschrijding. Dit zijn persistente vlamvertragers die in het verleden in veel huishoudelijke producten werden toegepast. PFOS (perfluoroctaansulfonzuur) zat onder andere in smeermiddelen, brandblussers, coatings, verf en verpakkingen. Het gebruik van deze ubiquitaire stoffen is inmiddels verboden, maar omdat ze nog in bestaande producten zitten zullen ze nog lang in het milieu aanwezig blijven. Zo zijn afvalverwerking, blusschuim en stortplaatsen nog steeds een bron voor deze emissies.
  • PAK’s (polycyclische aromatische koolwaterstoffen) ontstaan bij onvolledige verbranding van organische materialen zoals hout, kolen, olie, gas, afval en tabak. Zij komen via atmosferische depositie, coatings van schepen en rioolwater in het oppervlaktewater terecht. Fluoranteen, benzo(ghi)peryleen, benzo(b)fluorantheen en benzo(k)fluorantheen leiden het vaakst tot normoverschrijding. PAK’s kunnen kankerverwekkend zijn.
  • Gewasbeschermingsmiddelen worden gebruikt om ziekten en plagen in de landbouw te bestrijden. Biociden worden gebruikt voor het bestrijden van schadelijke organismen bij bijvoorbeeld de conservering van producten. In deze groepen van prioritaire stoffen worden heptachloor en tributyltin het vaakst aangetroffen. Heptachloor is een insecticide, dat net als DDT zeer persistent is en al lang verboden. Tributyltin en cybutrine  werden gebruikt als aangroeiwerende verf bij boten. De stoffen zijn zeer toxisch en hopen zich op in onder andere waterbodems en voedselketens. Ook deze stoffen zijn inmiddels verboden.
  • Van de metalen staan kwik, nikkel en cadmium op de lijst van prioritaire stoffen. De belangrijkste bron voor kwik is atmosferische depositie. Het komt vrij na verbranding in bijvoorbeeld kolencentrales. Nikkel wordt toegepast in legeringen en in roestvrij staal en komt via uit- en afspoeling in het oppervlaktewater. Cadmium werd toegepast in consumentenproducten, maar dat is inmiddels verboden. In Zuid-Nederland is historische verontreiniging uit de metaalindustrie de belangrijkste bron.

Zie voor een verdere toelichting:

Trend prioritaire stoffen

Het aantal waterlichamen met een onvoldoende chemische kwaliteit is sinds 2015 toegenomen. Dit komt onder andere doordat er sinds 2013 een aantal stoffen is toegevoegd aan de lijst met prioritaire stoffen en doordat de normen zijn aangescherpt. Het hoeft dus niet per se te betekenen dat de chemische waterkwaliteit daadwerkelijk is verslechterd. In de tussenevaluatie van de KRW is op basis van een kwantitatieve trendanalyse ingeschat of doelbereik mogelijk is. Uit die analyse bleek dat alle bovengenoemde stoffen landelijk gemiddeld een dalende trend kennen, maar ook dat deze trend onvoldoende is om de doelen tijdig te halen. Ook bleek dat op individuele meetpunten de trend nog stijgend is, voor sommige stoffen bleek dit op 35 procent van de locaties het geval te zijn. Vanwege het verslechteringsverbod binnen de KRW behoeven deze locaties extra aandacht.

Toxische druk

De lijst met stoffen die onder de KRW zijn gereguleerd is maar een kleine selectie uit het totaal van milieuvreemde stoffen: wereldwijd zijn er naar schatting 350 000 milieuvreemde stoffen in omloop. De chemische stoffen onder de KRW (prioritaire stoffen én specifiek verontreinigende stoffen) tezamen zorgen voor ongeveer 30 procent van de totale toxische druk. De andere 70 procent wordt veroorzaakt door niet in de KRW gereguleerde stoffen. Alle stoffen gezamenlijk zorgen ervoor dat ongeveer 40 procent van de waterorganismen in meer of mindere mate chronische effecten ondervindt door blootstelling aan toxische stoffen. Ongeveer 5 procent van de waterorganismen ondervindt acute effecten, waaronder sterfte. Zie verder:

Overige KRW-indicatoren

Technische toelichting

Naam van het gegeven

Chemische kwaliteit oppervlaktewater KRW, 2024

Omschrijving

De beoordeling van de kwaliteit van het oppervlaktewater in de KRW is opgebouwd uit een aantal kwaliteitselementen. Hier is een overzicht gepresenteerd van het kwaliteitselement chemische kwaliteit gebaseerd op de prioritaire stoffenstoffen die in heel Europa een probleem vormen. 

Verantwoordelijk instituut

PBL, auteurs Aaldrik Tiktak & Mascha Rubach, ontwikkelaar Peter van Puijenbroek

Berekeningswijze

De beoordeling is onderdeel van de KRW evaluatie. De Nederlandse uitwerking van deze beoordeling staat beschreven in het “Protocol monitoring- en toestandsbeoordeling oppervlaktewaterlichamen KRW”. De beoordeling wordt door de waterbeheerders uitgevoerd per waterlichaam.

Basistabel

Beoordeling van de waterlichamen voor de chemische kwaliteit. Gegevens afkomstig van http://www.waterkwaliteitsportaal.nl/, data 15 oktober 2025.

Geografische verdeling

Nederland

Verschijningsfrequentie

Tweejaarlijks

Achtergrondliteratuur
Betrouwbaarheidscodering

C. Schatting, gebaseerd op een groot aantal (accurate) metingen; de representativiteit is grotendeels gewaarborgd.

Archief van deze indicator

Actuele versie
versie‎
06
Bekijk meer Bekijk minder
versie‎
05
versie‎
04
versie‎
03
versie‎
02
versie‎
01

Referentie van deze webpagina

CLO (2025). Chemische waterkwaliteit oppervlaktewater KRW, 2024 (indicator 1566, versie 06, ), www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.