Compendium voor de Leefomgeving
547 feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte
Klimaatverandering

Meteorologische gegevens, 1990-2017

In 2017 bedroeg de gemiddelde jaartemperatuur in De Bilt 10,9 ºC en was hiermee een fractie warmer dan een jaar eerder. De winter 2017/2018 in haar geheel was vrij zacht met in De Bilt een gemiddelde temperatuur van 3,7 °C tegen 3,4 °C normaal.

De Bilt Eenheid 1981/2010 1990 2000 2015 2016 2017
               
Dagen met neerslag met >= 1,0 mm dagen 131 124 158 145 139 138
Sneeuwdagen dagen 25 15 12 3 19 21
Droge dagen dagen 122 127 91 140 134 113
Zonloze dagen dagen 61 66 55 46 45 47
Dagen met mist dagen 63 46 45 74 105 98
               
Zonneschijn uren 1 602 1 622 1 515 1 856 1 812 1 666
Globale straling 1) kJ/cm2 354 366 338 386 374 367
Neerslag mm 887 764 975 832 857 948
Verdamping mm 559 583 541 609 595 591
Relatieve vochtigheid % 82 79 84 80 82 81
               
IJsdagen (max. temp <0,0oC) dagen 8 0 2 1 1 4
Vorstdagen (min. temp <0,0oC) dagen 58 33 35 40 60 45
Zomerse dagen (max. temp >=25,0oC) dagen 26 32 22 29 31 23
Tropische dagen (max. temp >=30,0oC) dagen 4 3 2 5 5 3
               
Gemiddelde van:              
Uurwaarnemingen (gehele jaar) oC 10,1 10,9 10,9 10,7 10,7 10,9
Winter (1 dec.-28/29 febr.) oC 3,4 6 5 4,1 6,3 3,8
Zomer (1 juni-31 aug.) oC 17 16,8 16,3 17,5 17,7 17,7
Gemiddelde van dagelijkse minima in oC 0,5 3,2 2,1 1,2 3,6 0,8
de winter (1 dec.-28/29 febr.)              
Gemiddelde van dagelijkse maxima in oC 21,9 21,9 21,1 22,4 22,2 22,6
de zomer (1 juni-31 aug.)              
               
Aantal graaddagen 2) graden 2 951 2 677 2 659 2 686 2 785 2 647
Koudegetal van Hellmann 3) Hellmann-getal 57 8,4 3,6 7,8 9,6 36
Warmtegetal 4) Warmtegetal 87,4 87 59,3 95,2 113,9 79,6
               
Bron: KNMI             CBS/mei18
N.B. Alle gegevens hebben betrekking op De Bilt.            
1) De op het aardoppervlak invallende zonnestraling.            
2) De som van het aantal graden beneden de stookgrens (=18 oC), uitgaande van de gemiddelde dagtemperatuur in  
De Bilt (zie ook de technische toelichting).
3) Het koudegetal, ook wel aangeduid als het Hellmanngetal, is een maat voor de koude in het tijdvak van 1 november  
van het voorafgaande jaar tot en met 31 maart van het genoemde jaar.          
4) Het warmtegetal is een maat voor de warmte in het tijdvak 1 april tot en met 31 oktober van het genoemde jaar.

Het jaar 2017: zeer warm, zonovergoten en nat

Het jaar 2017 was een zeer warm jaar. Met een gemiddelde temperatuur van 10,9 ºC en komt hiermee in de top-10 van de warmste jaren sinds het begin van de waarnemingen in 1901. Dit past in de trend van een opwarmend klimaat. Volgens het WMO (World Meteorological Organisation) is de oorzaak duidelijk: de opwarmende trend door broeikasgassen, El Nino en de grilligheid van het weer (KNMI, 2017e).
Door de extreem warme, droge en zonnige juni kwam de zomer op de tiende plaats in de rij van warme zomers sinds 1901. De rest van de zomer was er een van tegenstellingen: zonniger dan normaal, maar ook natter. De temperatuur gemiddeld over juni, juli en augustus kwam in de Bilt uit op 17,7 graden tegen 17,0 graden normaal (gemiddeld over het tijdvak 1981-2010). Daarmee was het een warme zomer. Op 75 dagen (tegen 60 dagen normaal) werd het meer dan 20 graden en op 17 dagen (tegen 21 normaal) meer dan 25 graden. Het KNMI noteerde 2 tropische dagen met een maximumtemperatuur boven de 30 graden. In het zuidoosten van Nederland zijn plaatselijk op zeven dagen tropische temperaturen gemeten. De warmste dag van de zomer was 22 juni toen in Arcen 35,2 graden werd gemeten. Eelde noteerde op 1 juni met 2,9 graden de laagste temperatuur. Op 13 september veroorzaakte de eerste herfststorm veel overlast, vooral in de kustprovincies
De herfstmaanden waren zacht. De temperatuur over de hele herfst was met 11,4 graden bijna een graad warmer dan normaal. Het was wel nat. In september viel bijna twee keer zoveel neerslag als normaal en in november viel op één dag na elke dag neerslag.
Met landelijk gemiddeld 1763 uur zon was 2017 zeer zonnig. Normaal is 1644 uur. Vooral het voorjaar was zonovergoten. Aan de kust scheen de zon het meest. December was de enige echt sombere maand. Het jaar was aan de natte kant met een landelijk gemiddelde 862 millimeter neerslag. Opvallend was de sneeuw in grote delen van het land op 10 en 11 december waarvoor het KNMI code oranje en later code rood uitgaf.

Winter 2017/'18 vrij zacht

De winter in haar geheel was vrij zacht met in De Bilt een gemiddelde temperatuur van 3,7 °C tegen 3,4 °C normaal. Het zachte karakter kwam voor rekening van december en januari. December was met een gemiddelde temperatuur van 4,9 °C ruim een graad zachter dan normaal. Januari eindigde met 5,6 °C zelfs in de top tien van zachtste januarimaanden in ruim een eeuw. Op 24 januari werd in Woensdrecht met 14,7 °C de landelijke hoogste temperatuur van deze winter gemeten. In een groot deel van het land werden die dag maxima van 13 tot ruim 14 °C genoteerd. Dergelijke temperaturen horen op bij de hoogst mogelijke waarden in deze tijd van het jaar.
Zowel december als januari waren niet alleen zacht, maar ook sombere en natte maanden. Het contrast met februari was dan ook groot. Februari was niet alleen uitzonderlijk zonnig en droog, maar met een gemiddelde temperatuur van ca. 0,7 °C ook 2,6 °C kouder dan normaal.
In totaal werden in De Bilt 33 vorstdagen (minimumtemperatuur lager dan 0,0 °C) geregistreerd, tegen een langjarig gemiddelde van 28. Maar liefst 23 van de 33 vorstdagen waren in februari. Lange tijd zag het er naar uit dat de winter geheel zonder ijsdagen (maximumtemperatuur lager dan 0,0 °C zou verlopen). Het zeer koude winterweer eind februari leverde lokaal echter drie ijsdagen op rij. In De Bilt werd op de valreep 1 ijsdag geregistreerd, normaal telt de winter er zeven. De landelijk laagste temperatuur van de winter, -10,5 °C werd gemeten op 28 februari in Woensdrecht (2017f).

Het klimaat en het weer in Nederland

Nederland heeft een zeeklimaat, gekenmerkt door zachte winters, koele zomers en neerslag gedurende het gehele jaar. Dit wordt veroorzaakt door de gemiddelde luchtverplaatsing die voornamelijk uit het zuidwesten is.

Invloed van het klimaat en het weer op het milieu

Weersomstandigheden hebben directe gevolgen voor milieu en natuur. Hierbij valt te denken aan het trekgedrag van vogels en vorming van smog. Aan de andere kant heeft het milieu invloed op het weer. De toename van de concentratie broeikasgassen in de atmosfeer zal tot een verandering van het klimaat leiden.

Ontwikkelingen temperatuur

De gemiddelde jaartemperatuur in De Bilt is in de periode 1952-2017 met 1,7 °C gestegen. Het gaat hier om de trendmatige ontwikkeling waarbij gecorrigeerd is voor bovengemiddeld strenge winters of warme zomers. De laatste jaren waren veruit de warmste sinds het begin van de meetreeks in De Bilt. De gemiddelde temperatuur in de wereld lag in 2017 ongeveer 0,9 °C boven de gemiddelde wereldtemperatuur in de jaren 1961-1990. Deze opwarming is statistisch significant (2018a).

Referenties

Relevante informatie

Technische toelichting

Naam van het gegeven

Meteorologische gegevens

Omschrijving

Gegevens over het weer in Nederland en de gemiddelde waarden (normalen) voor de periode 1981-2010 van het hoofdstation De Bilt

Verantwoordelijk instituut

Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut (KNMI te De Bilt)

Berekeningswijze

Met uitzondering van de neerslag worden dagelijks metingen gedaan van 0-0 uur Universal Time (12 uur UT=13 uur Midden Europese Tijd). De hoeveelheid neerslag wordt dagelijks bepaald van 8-8 uur. De cijfers zijn afkomstig uit het Maandoverzicht neerslag en verdamping van het KNMI en hebben betrekking op De Bilt.Temperatuur: dagelijks uurlijkse waarnemingen (in graden Celcius).Neerslag: elektrische pluviograaf met registratie op afstand (in mm).Globale straling: de som van de directe en diffuse zonestraling op een horizontaal vlak (in joules/cm2). De straling is vooral afhankelijk van zonshoogte en de hoeveelheid bewolking.Zonneschijn: volgens een algoritme berekend uit de globale straling (in uren).Verdamping: bepaald uit gegevens van globale straling en luchttemperatuur (berekeningswijze volgens Makkink) (in mm)Relatieve vochtigheid: gemeten op 1,5 m hoogte boven de grond (in %; bij 100% is de lucht met waterdamp verzadigd)Meteorologische seizoenen worden in hele maanden genomen: winter = december-februari; lente = maart-mei; zomer = juni-augustus; herfst = september-november.Graaddagen: de maat voor het aantal dagen dat ruimtes voor wonen en werken worden verwarmd. Deze gegevens worden gebruikt voor de berekening van temperatuur gecorrigeerde emissies van kooldioxide; zie ook CO2-emissies verklaard, 1990-2016.Koudegetal van Hellmann (H) is een maat voor de koude in het tijdvak van 1 november van het voorafgaande jaar tot en met maart van het genoemde jaar. Het wordt verkregen door over dit tijdvak alle etmaalgemiddelde temperaturen beneden het vriespunt te sommeren met weglating van het minteken. De classificatie is als volgt H > 300 StrengH > 160 Zeer koudH > 100 KoudH < 100 NormaalH < 40 ZachtH < 20 Zeer zachtH < 10 Buitengewoon zachtWarmtegetal: Het warmtegetal is een maat voor de warmte in het tijdvak 1 april tot en met 31 oktober van het genoemde jaar. Het warmtegetal wordt berekend door het aantal dagen dat de gemiddelde etmaaltemperatuur van elke dag boven de 18 graden Celcius ligt, op te tellen. Een dag met gemiddeld over 24 uur een temperatuur van 20,2 graden draagt dus 2,2 bij aan het warmtegetal.

Geografisch verdeling

Nederland, 5 hoofdstations (De Kooy, Eelde, De Bilt, Vlissingen, Maastricht) 32 klimatologische stations en ca. 300 neerslagstations.

Andere variabelen

Maximum temperatuur, minimum temperatuur, grootste dagsom neerslag, dampdruk, luchtdruk, dagen met onweer, gemiddelde windsnelheid, windrichtingsfrequentie, bodemtemperatuur.

Verschijningsfrequentie

Maandelijks en een jaaroverzicht op papier en op internet

Betrouwbaarheidscodering

Integrale enquete.

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2018). Meteorologische gegevens, 1990-2017 (indicator 0004, versie 20 , 17 mei 2018 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Print pagina Download PDF
Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.