Atmosferische depositie op binnenwater en op het rioolstelsel, 1990-2023
De atmosferische depositie is voor veel stoffen een belangrijke bron voor de belasting van het oppervlaktewater en het rioolstelsel. Bij stikstof steeg de atmosferische depositie in 2023 met 4% ten opzichte van 2022. Bij de metalen zink, koper en lood was er sprake van een daling met respectievelijk 9, 15 en 1% ten opzichte van 2022. Fluorantheen daalde met 10%. Cadmium daalde met 6%. De daling komt onder meer door minder luchtemissies in binnen- en buitenland.
Trends in de atmosferische depositie op binnenwateren
Na een forse daling in de jaren tot 2010, fluctueert de belasting van het oppervlaktewater (binnenwater) met zware metalen via directe atmosferische depositie de laatste jaren. De cijfers worden onder andere bepaald op basis van meetgegevens van gehaltes in neerslag. Overigens geldt voor de meeste stoffen dat een groot deel van de uit de lucht afkomstige verontreiniging uit het buitenland komt. De bijdrage van de atmosferische depositie aan de totale belasting van het oppervlaktewater ligt voor de getoonde metalen tussen de 5 en 10%. Voor de PAK’s (polycyclische aromatische koolwaterstoffen) ligt de bijdrage aanzienlijk hoger, als voorbeeld wordt fluorantheen genoemd met 63%. Bij stikstof bedraagt de bijdrage aan de totale belasting 13%.
Afspoeling van atmosferische depositie naar het rioolstelsel
De stoffen die via depositie op verhard oppervlak terechtkomen en vervolgens met hemelwater afspoelen naar het rioolstelsel zorgen indirect nog voor een extra belasting van het oppervlaktewater via overstorten, regenwaterriolen en effluenten van rioolwaterzuiveringsinstallaties. Deze vrachten zijn inbegrepen bij de cijfers over de belasting van het oppervlaktewater vanuit het compartiment riolering en waterzuivering. De trend in de belasting van het rioolstelsel door atmosferische depositie is vrijwel hetzelfde als die van de atmosferische depositie op oppervlaktewater. De atmosferische depositie draagt voor een aantal stoffen zoals lood, cadmium en fluorantheen (maar ook voor andere PAK’s) redelijk wat bij aan de landelijke belasting van het rioolstelsel. Deze bijdrage is in 2023 wel beduidend lager dan in 1990.
Niet inbegrepen in de cijfers: Noordzee
De hoeveelheid directe depositie op de Noordzee is voor veel stoffen ruim tweemaal zo groot als de depositie op de binnenwateren. Deze post is in deze indicator en in de andere indicatoren die de belasting van het oppervlaktewater beschrijven, niet meegenomen. Dit is mede vanwege het feit dat de registratie van overige emissiebronnen naar zoute wateren nog niet volledig is en omdat de meeste andere emissiebronnen alleen betrekking hebben op binnenwater. De hoge depositiecijfers op de Noordzee hebben een grote invloed op de landelijke cijfers en maken het moeilijker om de bijdrage van de verschillende emissiebronnen in de totale belasting van het oppervlaktewater duidelijk te beschrijven.
Bronnen
- Emissieregistratie (2025). Website Emissieregistratie: jaarcijfers 2023. RIVM, Bilthoven; PBL, Den Haag; CBS, Den Haag; RWS-WVL, Lelystad; WEnR, Wageningen; Deltares, Utrecht; RVO, Utrecht en TNO, Utrecht.
Relevante informatie
- Belasting van het oppervlaktewater
- Belasting van het oppervlaktewater naar herkomst
- Recente cijfers en beschrijvingen van gehanteerde berekeningswijzen (meta-informatie) kunnen in detail bekeken worden op de website van de Emissieregistratie.
Technische toelichting
- Naam van het gegeven
Atmosferische depositie op binnenwater en op het rioolstelsel
- Omschrijving
Via atmosferische depositie belanden verontreinigingen uit de lucht op het oppervlaktewater (directe depositie) of op het land. Van de hoeveelheden die op het land neerslaan, komt een klein deel uiteindelijk ook in het oppervlaktewater terecht via afspoeling van de bodem. Daarnaast belandt een deel van de verontreinigingen in het rioolstelsel. Het grootste deel blijft op de bodem.
Deze indicator beschrijft alleen de directe depositie op binnenwateren en de depositie via afspoeling van verhard oppervlak naar het rioolstelsel. De depositie via afspoeling van de bodem naar oppervlaktewater is niet inbegrepen in de cijfers; deze wordt namelijk meegenomen bij de af- en uitspoeling van landbouw- en natuurgronden. Zie ook Belasting van het oppervlaktewater door landbouw en natuur- Verantwoordelijk instituut
Centraal Bureau voor de Statistiek, in samenwerking met de Emissieregistratie (Rijksinstituut voor de Volksgezondheid en Milieuhygiëne, Planbureau voor de Leefomgeving, Centraal Bureau voor de Statistiek, Rijkswaterstaat-WVL, Deltares, Wageningen Environmental Research, TNO, Rijksdienst voor Ondernemend Nederland)
- Berekeningswijze
Voor een uitgebreide beschrijving van de berekeningsmethoden wordt verwezen naar de methodebeschrijvingen op de website van de Emissieregistratie
- Basistabel
Alle data opvraagbaar op Emissieregistratie
- Geografische verdeling
Nederland, provincie, stroomgebied, waterschap, afwateringseenheid
- Andere variabelen
Belasting oppervlaktewater, bodememissies, emissies oppervlaktewater, luchtemissies, luchtemissies volgens IPCC
In totaal circa 300 stoffen
Circa 1600 emissieoorzaken en circa 1000 (individuele) puntbronnen- Verschijningsfrequentie
In mei definitieve cijfers t-2
- Achtergrondliteratuur
Methoden: op de website van Emissieregistratie achter Overzicht documenten
Begrippen: op de website van Emissieregistratie achter Begrippenlijst- Opmerking
Voor nadere uitleg over de begrippen emissies en belasting: zie: Emissies naar water: begrippen en definities
- Betrouwbaarheidscodering
Complex. Zie factsheet 'Atmosferische depositie' op de website van de Emissieregistratie, achter 'Overzicht documenten'.
Archief van deze indicator
Bekijk meer Bekijk minder
Referentie van deze webpagina
CLO (2025). Atmosferische depositie op binnenwater en op het rioolstelsel, 1990-2023 (indicator 0514, versie 21, ), www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.