Compendium voor de Leefomgeving
494 feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte
Biodiversiteit

Aantalsontwikkeling van amfibieën, 1997-2012

U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt u via deze link bekijken.

In de tweede helft van de 20e eeuw is door verlies aan leefgebied, door versnippering en door een verslechterende milieukwaliteit een aantal soorten amfibieën sterk achteruitgegaan. De laatste jaren is de groep van de kikkers, padden en salamanders stabiel van omvang gebleven.

Herstel na achteruitgang

Veel soorten amfibieën zijn in de vorige eeuw ondanks beschermingsmaatregelen in aantal achteruitgegaan. Belangrijke oorzaken zijn het verlies aan landbiotoop en voortplantingswateren, verzuring en vermesting van poelen en vennen, versnippering en verdroging.
Sinds 1997 zijn de amfibieën echter gemiddeld genomen niet verder achteruit gegaan.
De stabiele situatie van de laatste jaren is waarschijnlijk het gevolg van verbetering van de waterkwaliteit en maatregelen zoals aanleg van poelen en herstel van aangrenzend leefgebied, die in het kader van soortbeschermingsplannen voor onder meer boomkikker en geelbuikvuurpad zijn getroffen.

Kikkers

Opvallend is de sterke toename van de boomkikker. Ook de bruine kikker en de groene kikker vertonen een (matige) toename. De trend van de overige kikkers is stabiel.

Padden

De geelbuikvuurpad neemt sterk toe, terwijl de trend van de rugstreeppad een matige afname laat zien. De vroedmeesterpad, knoflookpad en gewone pad zijn stabiel in aantal.

Salamanders

De trend van de vinpootsalamander is stabiel. De kleine watersalamander, kamsalamander en Alpenwatersalamander vertonen een (matige) toename. De trend van de vuursalamander vertoont een sterke achteruitgang. De soort staat op het punt uit Nederland te verdwijnen. De oorzaak voor de afname bij de vuursalamander is onduidelijk, mogelijk speelt ziekte of vergiftiging een rol.

Wettelijke bescherming

Het merendeel van de 15 soorten amfibieën staat in Bijlage IV van de Habitatrichtlijn. De kamsalamander en de geelbuikvuurpad staan ook in de Bijlage II van de Habitatrichtlijn. Acht soorten staan op de Rode Lijst van amfibieën.

Referenties

  • Goverse, E., T. van der Meij en M. de Zeeuw (2013). NEM Meetnet Amfibieën: resultaten 2012. Schubben & Slijm nr. 16, juli 2013, Ravon, Nijmegen.
  • Spitzen-van der Sluijs, A., F. Spikmans, W. Bosman, M. de Zeeuw, T. van der Meij, E. Goverse, M. Kik, F. Pasmans en A. Martel (2013). Rapid enigmatic decline drives the fire salamander (Salamandra salamandra) to the edge of extinction in the Netherlands. Amphibia-Reptilia 34 (2013): 233-239.

Relevante informatie

Technische toelichting

Naam van het gegeven

Aantalsontwikkeling van amfibieën

Omschrijving

Ontwikkeling populatie van amfibieën als groep

Verantwoordelijk instituut

Centraal Bureau voor de Statistiek

Berekeningswijze

De Soortgroep Trend Index (STI) betreft de gemiddelde index (met 2000 = 100) van de amfibieën en van de afzonderlijke soorten: alpenwatersalamander, boomkikker, bruine kikker, geelbuikvuurpad, gewone pad, heikikker, kamsalamander, kleine watersalamander, knoflookpad poelkikker, rugstreeppad, vroedmeesterpad (trend vanaf 2001), vinpootsalamander, vuursalamander en enkele soorten groene kikkers die moeilijk van elkaar te onderscheiden zijn.
De gegevens zijn ontleend aan het landelijke meetnet amfibieën van het Netwerk Ecologische Monitoring.
In 2013 zijn de knoflookpad en de vuursalamander aan de graadmeter toegevoegd. De huidige index van de graadmeter amfibieën is afwijkend ten opzichte van vorige jaren, al zijn de verschillen zeer gering.

Basistabel

De index van de betrokken soorten met hun trend staan onder het tabblad afzonderlijke soorten in Download figuurdata.

Geografisch verdeling

Nederland

Verschijningsfrequentie

jaarlijks

Achtergrondliteratuur

Creemers, R.C.M. en J.J.C.W. van Delft (red) (2009). De amfibieën en reptielen van Nederland. Nederlandse fauna 9. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, European Invertebrate Survey, Leiden, NL.
Groenveld, A., G. Smit en E. Goverse (2011). Handleiding voor het monitoren van amfibieën in Nederland. Ravon, Nijmegen (3e druk).
Meij, T. van der, A. van Strien, G. Smit en E. Goverse (2009). Trendberekening bij het Meetnet Amfibieën. Ravon 31 10 (4), Nijmegen.
Soldaat, L., H. Visser, M. van Roomen en A. van Strien (2007) Smooting and trend detection in waterbird monitoring data using structural time-series analysis and the Kalman filter. Journal of Ornithology. Volume 148, supplement 2: 351-357. DOI.10.1007/s10336-007-0176-7.

Opmerking

De trendbeoordeling (zie tabblad onder download figuurdata) bij deze graadmeter is gebaseerd op de uitkomst van trendspotter.
In 2013 zijn knoflookpad en vuursalamander aan de graadmeter toegevoegd.

Betrouwbaarheidscodering

Schatting gebaseerd op een groot aantal (zeer accurate) metingen, waarbij representativiteit van de gegevens vrijwel volledig is.

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2013). Aantalsontwikkeling van amfibieën, 1997-2012 (indicator 1077, versie 12 , 5 juli 2013 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.