Compendium voor de Leefomgeving
482 feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte
Milieubeleid en milieumaatregelen

Verzuring en grootschalige luchtverontreiniging: beleid

U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt u via deze link bekijken.

Verzuring van het milieu kan zowel schadelijk zijn voor de natuur als voor de menselijke gezondheid. Om deze effecten te voorkomen richt het Nederlandse milieubeleid zich op vermindering van de emissie van verzurende stoffen in Nederland en de omringende landen.

  Zwavel-
dioxide
(SO2)
  Stikstof-
oxiden
(NOx)
  Ammoniak
(NH3)
  Vluchtige
Organische
Stoffen
(VOS)
               
  miljoen kg
Emissiedoelstelingen voor Nederland in 2010              
Emissieplafond Gothenburg Protocol (UNECE, 1999) 50   266   128   191
Emissie plafond NEC-richtlijn (EU, 2001) 50   260   128   185
Nationale doelstelling (NMP4)(VROM, 2001) 46   231   100   163
               
Emissietaakstellingen per sector in 2010              
Industrie, energie, raffinaderijen 39,5   65   3   61
Consumenten 1   12   7   29
Handel, diensten, overheid en bouw 1   7   1   33
Landbouw 1   5   96   1
Verkeer 4   158   3   55
Onverdeeld 4,5   13        
               
Bron: VROM, 2003         RIVM/MC/jan04

Internationale afspraken verzurende emissies

In internationaal verband hebben 31 landen, waaronder alle EU-lidstaten, in 1999 afspraken gemaakt over emissieplafonds voor 2010 in het zogenaamde Gothenburg Protocol. Verder zijn in oktober 2001 de EU-lidstaten nationale emissieplafonds overeengekomen, de zogenaamde National Emissions Ceilings Directive (de NEC-richtlijn). De Nederlandse doelstellingen zijn scherper gesteld dan wat er internationaal is afgesproken onder meer om een veiligheidsmarge in te bouwen bij tegenvallers.

Uitvoeringsnotitie verzuring en grootschalige luchtverontreiniging 2003

In de Uitvoeringsnotitie verzuring en grootschalige luchtverontreiniging 2003 'Erop of eronder' geeft het kabinet invulling aan de EU-richtlijn Nationale Emissieplafonds. Het kabinet heeft in die notitie per sector maxima vastgesteld aan de emissies van bovengenoemde stoffen.
Op verzoek van het kabinet heeft het Milieu- en Natuurplanbureau (MNP) de Uitvoeringsnotitie getoetst op doelbereiking en kosteneffectiviteit. Hieruit blijkt dat het allerminst zeker is dat Nederland de uitstoot van zwaveldioxide (SO2), stikstofoxiden (NOx) en Vluchtige Organische Stoffen (VOS) kan terugbrengen tot onder het niveau van de plafonds. Veel beleidsvoornemens zijn namelijk onvoldoende geconcretiseerd en geïnstrumenteerd.
In 2006 moet Nederland aan de Europese Commissie rapporteren over de voortgang van de doelbereiking en een nationaal plan opstellen dat aangeeft op welke manier de emissieplafonds worden gehaald in 2010. Basisgegevens voor dit plan, waaronder emissieramingen, aanvullende opties en effecten van maatregelen, zijn onlangs gepubliceerd in 'Haalbaarheid nationale emissieplafonds in 2010'. Het MNP beoordeelt eind 2006 het nationale beleidsplan en zal daarmee het kabinet voorzien van een onafhankelijke evaluatie.

Mogelijke aanpassingen taakstellingen per doelgroep

Verschillende in de tabel opgenomen doelstellingen worden in de toekomst mogelijk aangepast.

  • Als de EU-richtlijnen voor VOS-houdende producten zoals verf, lakken, lijmen, cosmetica en voor motoren, scooters en bromfietsen tot stand komen, dan komen de taakstellingen voor consumenten, HDO, bouw en verkeer uit op respectievelijk 25, 23 en 45 miljoen kg. De VOS-doelstelling voor de industrie, raffinaderijen en de energiesector is gesteld op 60 miljoen kg. De evaluatie van de VOS-emissiedoelstellingen kan maximaal leiden tot een taakstelling van 65 miljoen kg.
  • Een correctie op de doelstelling voor ammoniak (NH3) is mogelijk naar aanleiding van verder onderzoek naar het zogenaamde ammoniakgat. Dit is verschil tussen berekende en gemeten ammoniakconcentraties. Naar de oorzaak van dit verschil wordt onderzoek uitgevoerd.

Doelstellingen verzurende depositie

De doelstelling voor de potentieel zuurdepositie is 2.300 mol zuur/ha, gemiddeld over de Nederlandse ecosystemen in 2010. 20% van het areaal Nederlandse natuur is dan volledig beschermd. De doelstelling voor de depositie van stikstof is 1.650 mol/ha in 2010. Hierbij is 20% van het areaal Nederlandse natuur volledig beschermd.

Referenties

Relevante informatie

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2006). Verzuring en grootschalige luchtverontreiniging: beleid (indicator 0182, versie 04 , 26 juli 2006 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.