Compendium voor de Leefomgeving
461 feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte
Verzuring en vermesting

Verzurende depositie, 1980-2001

U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt u via deze link bekijken.

Ontwikkeling verzurende depositie

De gemiddelde depositie van potentieel zuur op Nederlandse bodem bedroeg in 2001 2 850 mol zuur/ha (1 mol zuur/ha komt overeen met 1 z-eq/ha). De potentieel zuurdepositie is daarmee sinds 1980 met 60% afgenomen. De potentieel zuurdepositie op natuur bedroeg gemiddeld 2 980 mol/ha; hiermee is 10% van de natuur beschermd.De daling in de zure depositie is vooral het gevolg van de sterke reductie van de zwaveldioxide(SO2)-emissie in binnen- en buitenland sinds 1980. Zo bedroeg de reductie in Nederland 80%. De emissie van stikstofoxiden (NOx) in Nederland heeft de afgelopen jaren een daling van 30% te zien gegeven. De emissie van ammoniak (NH3) door agrarische bronnen in Nederland is in dezelfde periode met 40% gedaald. Het relatieve belang van de bijdrage van de stikstofverbindingen aan de potentieel zuurdepositie is door deze emissie-ontwikkelingen toegenomen van 43 naar 81%.

Beleid

De doelstelling voor de potentieel zuurdepositie is 2 150 mol zuur/ha gemiddeld over de Nederlandse ecosystemen in 2010. 20% van het areaal Nederlandse natuur is dan volledig beschermd (VROM, 2001).

Relevantie

Genoemde stoffen dragen bij aan verzuring en vermesting van bodem en water. Ook de directe blootstelling aan deze stoffen kan leiden tot gezondheidsschade bij mensen en tot schade aan materialen en ecosystemen.

Methodiek

Potentieel zuur staat voor de hoeveelheid zuur die maximaal gevormd kan worden, in werkelijkheid hoeft deze hoeveelheid niet geheel vrij te komen. De potentieel zuurdepositie is voor de jaren vóór 1999 berekend met het Dutch Empirical Acid Deposition Model (DEADM). In dit model wordt de depositie afgeleid uit de meetresultaten uit het Landelijk Meetnet Luchtkwaliteit. Alleen voor ammoniak werd gebruik gemaakt van het atmosferisch transport en depositie model OPS (Operationeel Prioritaire Stoffen model). Met ingang van 1999 wordt de potentieel zuurdepositie geheel berekend met het OPS-model.

Referenties

  • RIVM (2002). Luchtkwaliteit, Jaaroverzicht 2001. RIVM, Bilthoven.
  • VROM (2001). Nationaal Milieubeleidsplan 4. Een wereld en een wil: werken aan duurzaamheid. Ministerie van VROM, Den Haag.

Relevante informatie

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2002). Verzurende depositie, 1980-2001 (indicator 0184, versie 03 , 6 september 2002 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.