Compendium voor de Leefomgeving
546 feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte
Luchtkwaliteit

Stikstofdioxideconcentratie, 1980-2004

U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt u via deze link bekijken.

In 2003 en 2004 werd de norm van de Europese Unie voor de jaargemiddelde concentratie van stikstofdioxide in Nederland langs drukke verkeerswegen en incidenteel in het centrum van grote steden nog overschreden. De concentratie van stikstofdioxide daalde in de afgelopen tien jaar met gemiddeld 2% per jaar.

Gunstige ontwikkeling stikstofdioxideconcentratie

De jaargemiddelde concentratie van stikstofdioxide (NO2) bleef in 2003 en 2004 in het overgrote deel van Nederland onder de norm van de Europese Unie (40 µg/m3). Overschrijdingen traden dit jaar op langs drukke verkeerswegen en in grote steden ook incidenteel op locaties die niet gelegen zijn in een drukke verkeersstraat of nabij een snelweg. De hoogste gemeten concentraties worden waargenomen op de zogenaamde straatstations in het Landelijk Meetnet Luchtkwaliteit (LML). In 1990 lag in een groter deel van Nederland dan nu de stikstofdioxideconcentratie boven de huidige EU-norm. Dit betrof toen vooral stedelijke gebieden. De afname van de stikstofdioxideconcentratie in de afgelopen 10 jaar met gemiddeld 2% per jaar is het resultaat van maatregelen bij verkeer, industrie en energie. De daling in emissies van stikstofoxiden (NOx) door verkeer, onder andere door strengere eisen aan emissies door motorvoertuigen, wordt voor een deel te niet gedaan door toename van het aantal gereden kilometers.

Normen voor lange en korte blootstelling aan stikstofdioxide

De Europese Unie heeft twee grenswaarden voor stikstofdioxideconcentraties vastgesteld ter bescherming van de volksgezondheid, een voor langdurige blootstelling en een voor kortdurende piekconcentraties.

  • Voor langdurige blootstelling geldt de grenswaarde van 40 µg/m3 voor de jaargemiddelde stikstofdioxideconcentratie.
  • Voor de blootstelling aan piekconcentraties van stikstofdioxide is de grenswaarde 200 µg/m3 voor het uurgemiddelde van stikstofdioxide. Deze waarde mag niet vaker dan18 maal per kalenderjaar worden overschreden.

Overschrijding van de grenswaarde voor blootstelling aan piekconcentraties is in Nederland niet meer aan de orde, zo blijkt uit metingen in de afgelopen 10 jaar. Wel komt het incidenteel voor dat uurwaarden van boven de 200 µg/m3 worden bereikt. In 2003 gebeurde dit 16 maal over het gehele meetnet; in alle gevallen op stedelijke stations; in 2004 was dit 6 maal.Per 19 juli 2001 zijn bovengenoemde normen opgenomen in de Nederlandse wetgeving met het Besluit Luchtkwaliteit. Op 1 januari 2010 moet aan de grenswaarden worden voldaan. Tot dat moment gelden zogenaamde plandrempels. De plandrempel voor de norm voor het jaargemiddelde neemt jaarlijks met 2 µg/m3 af tot in 2010 de grenswaarde is bereikt. De plandrempel was in 2003 54 µg/m3 en in 2004 52 µg/m3.
De plandrempel voor de norm van de uurwaarde neemt jaarlijks met 10 µg/m3 af tot eveneens in 2010 de grenswaarde is bereikt. Deze plandrempel was in 2003 270 µg/m3 en in 2004 260 µg/m3.

Effecten van stikstofdioxide op de natuur en de volksgezondheid

Nadelige effecten van stikstofdioxide bij de mens en bij ecosystemen treden op bij kortdurende blootstelling aan hoge niveaus van stikstofdioxide, maar ook bij langdurige blootstelling aan lage niveaus van stikstofdioxide.

  • Effecten van verkeersgerelateerde emissies op de gezondheid worden steeds aannemelijker. Stikstofdioxide wordt hierbij gezien als een indicator van het mengsel van (deeltjesvormige) luchtverontreiniging, dat voornamelijk afkomstig is van het verkeer. Effecten, zoals een afname van de longfunctie, kunnen op grote schaal onder de bevolking voorkomen. Andere effecten, zoals een toename van astma-aanvallen, ziekenhuisopnamen, hart- en vaatziekten en vroegtijdige sterfte komen minder vaak voor en betreffen vaak mensen met een zwakkere gezondheid.
  • Een effect op de natuur is bladschade als gevolg van omzetting van stikstofoxiden in stikstofverbindingen in het bladvocht. Daarnaast vindt in de atmosfeer omzetting plaats van stikstofdioxide naar nitraat, waarmee een bijdrage wordt geleverd aan de verzuring en vermesting van bodem en oppervlaktewater.

Referenties

Relevante informatie

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2005). Stikstofdioxideconcentratie, 1980-2004 (indicator 0231, versie 05 , 11 mei 2005 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.