Compendium voor de Leefomgeving
470 feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte
Biodiversiteit

Aantalsontwikkeling van broedvogels

U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt u via deze link bekijken.

De gemiddelde trend van de broedvogels in de periode 1990 tot en met 2005 vertoont een lichte stijging.

Ontwikkeling

De groep van broedvogels neemt de laatste 15 jaar geleidelijk toe. De stijging wordt voor een groot deel veroorzaakt door een aantal nieuwkomers met een sterke stijging. Echter niet alle groepen broedvogels vertonen hetzelfde beeld. Zo nemen bijvoorbeeld veel moerasvogels sterk toe en gaan soorten van open heide en akkers achteruit.
Het aantal soorten vogels dat toeneemt, is wat groter dan het aantal soorten met een dalende trend. Sterke stijgers zijn bijvoorbeeld grauwe gans, grote mantelmeeuw, grote zilverreiger, ooievaar en slechtvalk, sterke dalers zijn draaihals, duinpieper, grauwe gors, kemphaan, klapekster, kuifleeuwerik en ortolaan. De laatste zeven soorten komen allen voor op de rode lijst in de categorie ernstig bedreigd.

Referenties

  • Dijk, A.J. van, L. Dijksen, F. Hustings, K. Koffijberg, R. Oosterhuis, C. van Turnhout, M.J.T. van der Weide, D. Zoetebier en C. L. Plate (2006). Broedvogels in Nederland 2004. SOVON-monitoringrapport 2006/01. SOVON Vogelonderzoek Nederland, Beek-Ubbergen.

Relevante informatie

Technische toelichting

Technische toelichting

De Soortgroep Trend Index (STI) betreft de gemiddelde landelijke index van de 169 soorten. De gegevens zijn ontleend aan het landelijke meetnet broedvogels van het Netwerk Ecologische Monitoring. De index van de betrokken soorten met hun trend staan onder het tabblad afzonderlijke soorten in Cijfers bij deze figuur.

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2006). Aantalsontwikkeling van broedvogels (indicator 1381, versie 01 , 5 juli 2006 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.