Compendium voor de Leefomgeving
462 feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte
Natuurbeleid en natuurbescherming

Realisatie agrarisch natuurbeheer

U bekijkt op dit moment een archiefversie van een afgesloten indicator. De actuele indicatorversie met de reden voor het afsluiten, kunt u via deze link bekijken.

Het aantal afgesloten regelingen voor Agrarisch natuurbeheer vlakt af.

Beleidsdoelen

Volgens de nota 'Agenda voor een Vitaal Platteland' moet de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) in 2018 volledig zijn gerealiseerd. Een deel hiervan is het zogenaamde agrarisch natuurbeheer. Het doel van agrarisch natuurbeheer is het verhogen van de natuurkwaliteit van het landelijk gebied. De gronden liggen grotendeels in de EHS, en behouden de hoofdfunctie landbouw. De taakstelling is 117.685 ha. Daarvan heeft 97.685 ha betrekking op de EHS. De rest (20.000 ha) ligt buiten de EHS. De beheerregelingen zijn een onderdeel van het LNV Programma Beheer.
Bij agrarisch natuurbeheer is inrichting, met uitzondering van bijvoorbeeld plas/dras situaties voor weidevogels, niet aan de orde.

Toestand

Per 31 december 2006 is op 76.220 hectare een beheerregeling agrarisch natuurbeheer afgesloten. Dit is minder dan de 82.000 ha waar op dit moment regelingen zouden moeten zijn verbonden.
De lineaire taakstelling richting 2018 is bijna 3.000 ha per jaar. Dit jaar is de oppervlakte met een beheerregeling met 569 ha toegenomen. Dit ligt ver beneden de benodigde lineaire taakstelling per jaar. In de raming voor 2006 heeft LNV 5.527 ha opgenomen voor agrarisch natuurbeheer binnen en buiten de EHS. Dit is eveneens niet gerealiseerd.

Referenties

  • DLG (diverse jaren). Structuurschema Groene Ruimte. Voortgangsrapportage 2000/2001/2002. RBON data (diverse jaren) Dienst Landelijk Gebied. Utrecht.
  • DR (2007) Programma beheer; SN beschikt en lopend 2006. Beschikkingsdatum tot en met 31 december 2006, Roermond.
  • LNV (2004). Agenda voor een Vitaal Platteland en het Meerjarenprogramma Vitaal Platteland . Den Haag.
  • LNV (2006) Agenda voor een Vitaal Platteland Meerjarenprogramma 2007 - 2013. Den Haag
  • LNV (2006). Voortgang realisatie operationele doelen LNV per 31 december 2005. 4 mei 2006
  • LNV (2006). Rijksbegroting Landbouw, Natuurbeheer en Voedselkwaliteit 2006. SDU Den Haag.
  • LNV (2006). Jaarverslag van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit 2005. SDU Den Haag.
  • LNV (2007). Voortgang realisatie operationele doelen LNV per 31 december 2005. 19 maart 2007.
  • MNP (2007). Natuurbalans 2007. Milieu- en Natuurplanbureau. Bilthoven.
  • MNP (2007) Van aankoop naar beheer II. Bilthoven.

Technische toelichting

Technische toelichting

In de figuur is cumulatief het aantal hectares waarvoor een beheerregeling is afgesloten (SAN en RBON), per jaar aangegeven. Tevens is de vastgestelde taakstelling opgenomen. De lineaire taakstellingen per jaar zijn op basis van de voorstaande data berekend. De landschapssubsidies zijn geen onderdeel van deze doelstelling en zijn derhalve in deze grafiek niet meegenomen. In het jaarverslag over 2006 heeft LNV aangegeven ruim 50.000 ha agrarisch natuurbeheer gerealiseerd te hebben. Dit is echter inclusief de ganzenfourageergebieden. Hierbij gaat het gedeeltelijk om andere hectaren dan beoogd in de doelstelling van 117.685 ha die hier aan de orde is. Het Milieu- en Natuurplanbureau (MNP) vindt het belangrijk om de voortgang van het beleid in een (middel)langetermijnperspectief te plaatsen. Het MNP spiegelt daartoe de gerealiseerde beleidsprestaties aan een lineaire realisatie. Die wordt berekend door het verschil tussen de beoogde taakstelling en de gerealiseerde beleidsprestatie gelijkelijk te verdelen over het aantal jaren dat nog rest tot aan het geplande jaar van afrondingHet ministerie van LNV spiegelt de voortgang van het beleid niet (meer) aan een lineaire taakstelling, maar aan het beschikbare meerjarige budget. De consequentie is, dat slechts voor een jaar een beeld wordt gegeven van de voortgang en dus niet duidelijk wordt of, uitgaande van het huidige realisatietempo, de uiteindelijke taakstelling wordt gerealiseerd. De informatie is verkregen van de DLG, DR en LNV. Achtergrondinformatie: wat is agrarisch natuurbeheer?Naast natuurgebieden maken agrarisch natuurbeheersgebieden gedeeltelijk deel uit van de EHS. Deze gebieden behouden de hoofdfunctie landbouw. Via beheerregelingen tussen overheid en boeren wordt beoogd de natuurwaarden in deze gebieden te behouden, herstellen en vergroten. De taakstelling was 90.000 hectare binnen de EHS (zie p.14 van het beleidsprogramma in Natuur voor Mensen, LNV, 2000). Door de ingezette koerswijziging van de Kabinetten Balkenende I en II, waarbij een ombuiging van aankoop naar agrarisch en particulier natuurbeheer heeft plaatsgevonden, is de taakstelling voor agrarisch natuurbeheer binnen de EHS toegenomen met 7.685 ha. Hiervan dient 5.050 ha een bijdrage te leveren aan de realisatie van de doelstellingen voor nieuwe natuur en 2.635 ha dient een bijdrage te leveren aan de robuuste verbindingen. De totale taakstelling voor agrarisch natuurbeheer binnen de EHS komt nu op 97.685 ha. Dit is exclusief het landschapsbeheer.Ook buiten de EHS kunnen beheersovereenkomsten worden afgesloten op in totaal 45.000 hectare agrarisch cultuurlandschap. Daarvan is 20.000 hectare bedoeld voor een beheer dat mede gericht is op weidevogels en agrarisch natuurbeheer (zie p. 32 van het beleidsprogramma in Natuur voor mensen, LNV, 2000). In totaal is de taakstelling dus 117.685, te realiseren in 2018. De taakstellingen voor agrarisch natuurbeheer stammen al van de tijd van de relatienota (CRM, 1975). Een zeer gering deel van de afgesloten beheersregelingen betreft de oude regeling beheerovereenkomsten 1988 (RBON). Het andere deel wordt gesubsidieerd via de Subsidieregeling agrarisch natuurbeheer (SAN) van het Programma Beheer.

Archief van deze indicator

Referentie van deze webpagina

CBS, PBL, RIVM, WUR (2007). Realisatie agrarisch natuurbeheer (indicator 1317, versie 06 , 11 september 2007 ). www.clo.nl. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag; PBL Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag; RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven; en Wageningen University and Research, Wageningen.

Het CLO is een samenwerkingsverband van CBS, PBL, RIVM en WUR.